Commissaris van de koningin in Overijssel: `Onacceptabel '

Geert Jansen, commissaris van de koningin in Overijssel, vindt het ,,onacceptabel'' dat de stroomstoring in Haaksbergen zo lang heeft geduurd. Ook is hij verontrust over het feit dat de mobiele communicatie bij rampen niet weerbestendig blijkt. Jansen gaat zijn verontrusting kenbaar maken aan de ministers Remkes (Binnenlandse Zaken) en Brinkhorst (Economische zaken).

Jansen: ,,Voor Haaksbergen was dit uiteraard een groot probleem, maar relatief gezien natuurlijk niet. Maar als dit in een kleine gemeente al zo veel problemen geeft, vraag je je af hoe zoiets gaat in een groter gebied met bijvoorbeeld 100.000 inwoners. Het moet toch mogelijk zijn om binnen 12 tot 24 uur de stroomvoorziening te herstellen.''

Welke oplossing stelt u voor?

,,Hoe het wordt georganiseerd maakt mij niet uit. Het kan via meer noodaggregaten of een aansluiting op het Duitse netwerk. De ministers moeten dit regelen met de energiebedrijven. Op basis van de contracten met de energiemaatschappijen moet de overheid kunnen zeggen dat als er sprake is van uitval het probleem binnen zoveel tijd opgelost is.''

Heeft het te maken met de privatisering?

,,Over de privatisering heb ik geen oordeel. Mijn aanspreekpunt is de minister, die blijft verantwoordelijk voor de energievoorziening. Ik wil dat de voorzieningen verbeterd worden, en dan denk ik aan bewezen oplossingen, geen proefballonnen. Ik durf niet te stellen dat Essent iets fouts gedaan heeft, wel dat dit onacceptabel is en dat we er van moeten leren.''

U bent ook verontrust over de communicatie. Wat is het probleem?

,,Het rampenplan voorziet wel in een noodnet, maar veel bestuurders verblijven ook buitenshuis. Ik heb vrijdagmiddag via het mobiele netwerk tevergeefs geprobeerd contact te krijgen met de burgemeester van Haaksbergen. Het mobiele net was overbelast. Later is het via het vaste net wel gelukt maar dan ben je al uren onderweg. In deze geavanceerde tijd moet dat anders kunnen. De minister moet met de telefoonmaatschappijen om tafel om te praten over dit capaciteitsprobleem.''