Miss Sarajevo is niet erg sexy meer

Als twaalfjarig meisje sloeg de Bosnische moslima Almira Osmanović in 1992 met haar ouders op de vlucht voor de oorlog in Sarajevo. Ze belandde bij een gastgezin in Oslo, ze ging er naar school en de universiteit en had er haar eerste vriendjes. ,,Ik probeerde een Noorse te worden'', zegt Almira. ,,Maar zonder succes. Ik miste mensen om me heen die me begrijpen.''

Dertien jaar na haar vlucht keerde ze onlangs terug naar haar geboortestad. ,,Ik ben weer thuis, maar het schuldgevoel overheerst. Want ik was er niet bij, tijdens de oorlog, en dat wordt me niet in dank afgenomen.''

`Was je er bij?' In Sarajevo is die vraag synoniem aan: `Begrijp je ons?'

Tijdens het bijna vier jaar durende beleg, van de lente van 1992 tot de helft van 1995, groeide de Bosnische hoofdstad uit tot een heldenstad. Terwijl de bewoners vanaf de bergflanken door Servische paramilitairen voordurend onder schot werden gehouden, keek de wereld toe hoe ze zich dapper bleven verzetten.

De prijs die voor dat heldendom werd betaald was uitzonderlijk hoog: ruim tienduizend inwoners, onder wie 1600 kinderen, kwamen om het leven. Door honger en uitputting, maar vooral door de moorddadige granaten en de kogels van Servische sluipschutters die van de uitvalsweg `Sniper Alley' maakten.

Was je er wél bij, dan mag je erover meepraten. En dan begrijp je ook de zwarte humor die tien jaar na het beëindigen van de oorlog in de Bosnische hoofdstad nog altijd heel populair is.

,,Ken je het verschil tussen Auschwitz en Sarajevo?'' vraagt een Bosnische kennis. ,,In Auschwitz was er tenminste nooit gebrek aan gas.'' Hij kan er nog smakelijk om lachen. ,,Die grap deed het toen heel goed.''

Sarajevo was in die oorlogsjaren afgesneden van water, gas en elektriciteit. Van de parken bleef niets over, hier begroeven de inwoners hun doden toen de bestaande begraafplaatsen vol waren en alle bomen in de parken werden omgehakt om daarmee de houtkachels te stoken. Een cartoon in een Bosnische krant destijds toonde een desolate man met zelfmoordplannen. Maar hij kan nergens een boom vinden waaraan hij zich kan verhangen.

Veel Westerse romantici en idealisten voelden zich tot dat cynische universum aangetrokken. Zoals de eind vorig jaar overleden Amerikaanse schrijfster Susan Sontag. Ze woonde een paar maanden in de belegerde stad en regisseerde er Samuel Becketts toneelstuk `Wachten op Godot' in een ondergronds, met kaarsen verlicht theater.

Het engagement met de heldenstad ontaardde in kitsch toen U2-zanger Bono in een duet met de Italiaanse operazanger Pavarotti het lied `Miss Sarajevo' op internationale podia aanhief. Net ná de oorlog arriveerden in Sarajevo ook busladingen vol Nederlandse cultuurdragers die er `de dialoog kwamen zoeken' met hun Bosnische collega's.

Sarajevo was, kortom, `very sexy'.

Maar dezer dagen, precies tien jaar na het eind van de oorlog, ligt de stad erbij als een bedrogen minnares in een onopgemaakt bed. De glans is er af, de flirt is voorbij.

Wie zich nu tot Sarajevo aangetrokken voelen zijn Westerse ondernemers en Arabische investeerders.

En spijtoptanten als Almira. ,,Ik kon in Oslo niet aarden'', zegt ze. ,,Ik voelde me daar permanent opgejaagd. Mensen leven in West-Europa om te werken. Het is een zeer materieel bestaan. Ik miste het Bosnische tempo van leven. Je belt elkaar op en een uur later zit je in het café. Een agenda komt er niet aan te pas.''

Ze kwam naar haar Sarajevo terug met een Noors diploma pr & marketing op zak. ,,Dan ben je meteen veel waard'', zegt Almira, die nu werkt voor de Volksbank, één van de talrijke Oostenrijkse banken die zich de afgelopen jaren in Sarajevo hebben gevestigd. In een donker mantelpakje, op hoge zwarte laarzen, loopt Amira door de hal van het grootste zakencentrum van Sarajevo. Het werd tijdens de oorlog door granaatinslagen vernield. Een investeringsagentschap van de Koeweitse regering ontfermde zich over de restauratie van het gehavende gebouw en verhuurt er nu ruimtes aan banken en bedrijven.

Almira mag zich gelukkig prijzen met haar baan. ,,Omdat ik in het buitenland heb gestudeerd heb ik een streepje voor.'' Wat dat betreft, geeft ze toe, is het `cynische universum' Sarajevo nog immer intact.

Als teruggekeerde vluchteling heeft zij legio kansen, terwijl de meeste van haar vrienden die in de oorlog in Sarajevo bleven nu zonder baan zitten.

,,Het voelt slecht'', zegt Almira. ,,Maar wat kan ik er aan doen? Het was toen de keuze van mijn ouders om mij naar Oslo te brengen. Er zijn dagen dat ik ze daarom verguis.''