Debatteren over dertig jaar `srefidensi'

Terwijl de tropenzon op het Onafhankelijkheidsplein in Paramaribo het feestelijke defilé verwarmt, kletst de Hollandse herfststorm tegen de ramen van de Haagse sociëteit De Witte. Binnen is een unieke bijeenkomst aan de gang. Drie voormalige premiers van (voormalige) delen van het Koninkrijk der Nederlanden debatteren over dertig jaar srefidensi (onafhankelijkheid) in Suriname, op initiatief van de Nationale Commissie Internationale Samenwerking en Duurzame Ontwikkeling.

Hoewel, het had nóg unieker kunnen zijn. Want naast de oud premiers Jules Sedney (Suriname), Henny Eman (Aruba) en Suzy Römer (Nederlandse Antillen) prijkt een vierde, lege stoel. Daar, zo laat de organisatie weten, had een Nederlandse voormalige minister-president moeten zitten: ,,We hebben er hard aan gewerkt, maar het is niet gelukt.'' Het leidt tot schamper gelach in de zaal. ,,Uit respect voor Suriname en deze dag had daar gewoon iemand moeten zitten'', strooit Römer zout in de wonden: ,,Het is schandelijk.'' Een andere gast smaalt tijdens de receptie na afloop: ,,Zelfs dertig jaar na dato kunnen ze niet met dekoloniseren omgaan.'' Minister Bot (Buitenlandse Zaken, CDA) die verderop een glaasje drinkt, staat te ver weg om het te horen.

De drie ex-premiers hebben dan al een bijna twee uur durend debat achter de rug, waarbij de lusten en de lasten van soevereiniteit uitgebreid over tafel gaan. Eman en Römer tonen zich tevreden met hun status binnen het Koninkrijk, maar vooral om praktische redenen. ,,Ik verwacht niets van Nederland'', benadrukt Römer, ,,maar we moeten de mogelijkheden als hefboom gebruiken: de strategische waarde van de Europese Unie of het laten studeren van onze kinderen.''

Ook Eman koestert de pluspunten (,,maar wij bepalen onze ontwikkeling zelf'') en onderstreept het recht van Aruba om binnen het Koninkrijk te blijven: ,,Als ik het succes van het Nederlands paspoort vergelijk met het huidige paspoort van Suriname, dan lijkt de keuze logisch voor ons volk.''

Heeft Suriname er dus slecht aan gedaan om dertig jaar geleden staatkundige soevereiniteit na te streven? Dat gaat Jules Sedney, premier tussen 1969 en 1973, te ver: ,,Er is ook nog zoiets als waardigheid, we hebben de mogelijkheid gekregen om als zelfstandige natie deel te nemen aan het volkenrechtelijk verkeer.''

En bovendien, vertelt hij, was er geen houden aan. Nederland, lees PvdA-premier Joop den Uyl en zijn linkse kabinet, moesten en zouden de wereld laten zien dat Nederland afstand deed van haar kolonie.

Beeldend vertelt de voormalige Surinaamse premier Sedney hoe er onder sommige Surinamers over gesproken werd: na deze ,,uitwijzing'' door Nederland was Suriname ,,geen knip voor de neus waard geweest als we niet onafhankelijk hadden willen worden.''

Gedane zaken nemen dus geen keer, is de voor de hand liggende conclusie. Maar Sedney heeft nog wel één wens: ,,Ik hoop dat het na deze ontmoeting, na deze dertig jaar, afgelopen is met die discussie over de onafhankelijkheid.''