Bange muizen worden durfals na uitschakeling gen

Laboratoriummuizen bij wie het gen voor het eiwit stathmine is uitgeschakeld kennen geen angst meer. Het eiwit stathmine is belangrijk voor zowel het totstandkomen van aangeboren angstreacties als van aangeleerde angstreacties. Muizen zonder stathmine-gen durven zich in tegenstelling tot ongemanipuleerde soortgenoten in open ruimtes te begeven en worden niet bang van een bepaald geluid op plaatsen die zij hebben leren associëren met een elektrische schok (Cell, 18 nov.).

Een team onder leiding van hersenwetenschapper Eric Kandel van de Columbia University in New York ging op zoek naar `angstgenen' in de hersenen. Ze deden dat door genenactiviteit van zenuwcellen van de zogeheten laterale nucleus van de amandelvormige kern (de amygdala) te vergelijken met zenuwcellen elders in de hersenen. De amandelvormige kern ligt diep in de hersenen en is het centrum dat betrokken is bij emotie. De laterale nucleus van die kern ontvangt signalen uit het lichaam die betrokken zijn bij angstreacties.

Op deze manier vonden de onderzoekers twee genen die verhoogd actief waren in cellen van de laterale nucleus ten opzichte van andere zenuwcellen. Het bleek te gaan om de genen die coderen voor Gastrin Releasing Peptide (GRP) en voorstathmine. Eerder onderzocht de groep van Kandel de werking van GRP al: dat bleek alleen betrokken bij het totstandkomen van aangeleerde angstreacties. Nu de onderzoekers ook stathmine hebben onderzocht, blijkt dit eiwit behalve bij de aangeleerde reacties ook essentieel bij de aangeboren angstpatronen.

Uit onderzoek van andere laboratoria was al gebleken dat bij het aanleren van een angstreactie tal van nieuwe zenuwverbindingen worden gevormd in de amanadelvormige kern. Bij de experimentele muizen zonder stathmine bleven de zenuwverbindingen in de amandelvormige kern nagenoeg ongewijzigd, ondanks herhaalde stimulatie.

De onderzoekers deden een standaardproef waarbij muizen wordt geleerd een bepaald geluid of een specifieke plaats in de kooi te associëren met een vervelend stroomstootje. Na een korte leerperiode krimpen normale muizen al ineen bij het horen van het geluid of mijden zij de bepaalde plek. Muizen zonder stathmine bleven onbewogen als zij het geluid hoorden of scharrelden onbekommerd rond op plekken die in het verleden gevaarlijk waren gebleken.

Stathmine is een eiwit dat betrokken is bij de opbouw van zogeheten microtubuli, structuren in de cel die nodig zijn bij het aanleggen van nieuwe zenuwverbindingen. Blijkbaar hebben de stathmine ontberende muizen het vermogen verloren nieuwe angsten te leren.

Stathmine blijkt echter ook betrokken bij aangeboren angst. De muizen zonder stathmine waagden zich zonder scrupules in de open ruimte, terwijl normale muizen liever in dekking blijven en zich hoogstens langs de rand begeven.

De ontdekking van stathmine en GRP levert volgens de onderzoekers nieuwe inzichten op in het ontstaan en mogelijk de behandeling van angststoornissen, zoals fobieën en post-traumatische stress-syndromen.