Arme mensen willen kansen

Onlangs was prinses Máxima in New York om een toespraak te houden over micro- krediet. Dit weekeinde vertrekt ze naar Argentinië en Brazilië als adviseur voor het Internationale Jaar van het Microkrediet van de Verenigde Naties. `Je moet niet naar arme mensen kijken als `zielige mensen''.

`Weet u'', zegt prinses Máxima aan het slot van het gesprek, ,,ik ben blij dat ik iets voor Argentinië kan doen. De sociaal-economische situatie in mijn land is de afgelopen jaren zo verslechterd. Echt verschrikkelijk. Het aantal mensen dat in armoede leeft, is dramatisch toegenomen. Ik denk dat veel mensen er baat bij hebben als er instellingen voor microfinanciering van de grond komen. Met steun van microkredieten kunnen ze eigen bedrijfjes financieren. Daar hoop ik iets aan te kunnen bijdragen.''

Dit weekeinde vertrekt prinses Máxima voor een reis van twaalf dagen naar Brazilië en Argentinië. Het is een werkbezoek in het kader van haar deelname aan de Groep van Adviseurs voor het Internationale Jaar van het Microkrediet 2005 van de Verenigde Naties. Microfinanciering – kleinschalige financiële dienstverlening voor arme mensen in ontwikkelingslanden, zie kader – is een onderwerp dat haar hart raakt. Het ligt in het verlengde van haar studie economie aan de Universidad Católica in Buenos Aires en van haar werk bij banken in New York. Ze praat er met aanstekelijke betrokkenheid over.

Sinds Máxima Zorreguieta (Buenos Aires, 1971) eind 1999 in beeld kwam als vriendin, later verloofde en uiteindelijk echtgenote van kroonprins Willem-Alexander is ze nooit ingegaan op de persoonlijke achtergronden van haar werk. Toen dit interview plaats vond – twee weken geleden – was ze net terug uit New York waar ze een toespraak had gehouden voor een gezelschap van de Verenigde Naties over microfinanciering. Microkredieten, zei ze bij de VN, geven mensen kracht om hun leven te veranderen, te ontsnappen aan armoede en hun dromen te verwezenlijken. ,,Arme mensen willen geen aalmoezen, ze willen kansen'', zei ze.

Het gesprek vindt plaats in De Eikenhorst, het landhuis in Wassenaar waar het gezin woont. Prinses Máxima gaat voor naar de wintertuin, een serre naast de grote ontvangstkamer met uitzicht op een parkbos in prachtige herfstkleuren. We gaan zitten aan een ovalen werktafel met rechte stoelen. Er wordt koffie gebracht, en een schaaltje met gemengde koekjes.

In de serre staat een grote, lege vogelkooi met metalen spijlen. De ironie ervan ontgaat Máxima niet. Ze weet dat ze zich in een `gouden kooi' bevindt en dat ze op haar openbare uitspraken moet letten. Tijdens het interview houdt ze een enkele keer, met een glimlach maar resoluut, een vraag af. Niettemin praat ze openhartig, zonder aarzelingen, in het Nederlands met soms een Engelse financiële vakterm. Voortdurend komt de prinses terug op het belang van microfinanciering. Maar terloops ze wil ook wel kwijt dat ze hoopt op een finale tussen Nederland en Argentinië volgend jaar tijdens het wereldkampioenschap voetbal in Duitsland.

Wat zijn uw ervaringen geweest als adviseur bij het VN-jaar voor microfinanciering?

,,De belangrijkste ervaringen zijn de reizen die ik gemaakt heb. Het is fantastisch om te zien dat microfinanciering in de praktijk echt werkt. Een vrouw krijgt een lening. Ze begint een kleine onderneming, ze neemt andere vrouwen in dienst, ze kan er voor zorgen dat haar kinderen naar school gaan en een goede gezondheidszorg krijgen. Misschien kan ze een huis kopen voor later als ze oud is. Het gaat trouwens niet alleen over leningen, het gaat over microfinanciering. Wat in het jargon heet: `access of the poor to financial services'.''

Wat houdt dat in?

,,Arme mensen hebben niet alleen leningen nodig, maar ook spaarrekeningen, verzekeringen en diensten om geld over te boeken. Van hun kant moeten banken de eisen aan hun klanten aanpassen. Bijvoorbeeld dat je voor het openen van een spaarrekening niet 5.000 dollar als minimum moet storten, maar 20 dollar.''

U zei in uw toespraak voor de VN dat financiële diensten voor ontwikkelingslanden net zo belangrijk zijn als elektriciteit of wegen.

,,Financiële diensten behoren tot de infrastructuur van een land. In ontwikkelingslanden komt de meeste economische groei, net als in Nederland, van kleine bedrijfjes. Maar waar halen arme mensen die iets willen ondernemen hun kapitaal vandaan? Dat moet niet uitsluitend van donororganisaties komen, maar van een goed functionerende financiële sector. Je moet er voor zorgen dat de binnenlandse besparingen ingezet kunnen worden.''

Bedoelt u het spaargeld van arme mensen?

,,Ja. Mensen in arme landen zijn heel goed in staat om te zorgen voor hun eigen besparingen. Je moet er voor zorgen dat die besparingen in het financiële circuit terecht komen en vervolgens voor leningen gebruikt kunnen worden.''

Uit veel ontwikkelingslanden verdwijnen juist de besparingen van de rijke elite in de vorm van kapitaalvlucht naar het buitenland.

,,Maar dat is een totaal ander probleem. Arme mensen gaan echt geen rekening openen bij een bank in Zwitserland. Die is voor hen volstrekt ontoegankelijk. Ik bedoel dat arme mensen óók spaarrekeningen nodig hebben. En als hun spaargeld terecht komt in het circuit van microfinanciering, kan het gebruikt worden voor kleine leningen zonder dat je daar geld van donororganisaties voor nodig hebt.''

Hoe komt het dat dit niet op grote schaal gebeurt?

,,Het gaat juist heel goed! Op het ogenblik worden 60 miljoen mensen geholpen door microfinancieringsinstellingen. Het VN-jaar van het microkrediet is uitgeroepen omdat we willen dat er ten minste 600 miljoen families bereikt worden.''

Wat zijn de drempels?

,,De uitvoeringskosten zijn hoog, de distributie is kostbaar. Dat is een van de redenen waarom een medewerker van een microfinancieringsinstelling (MFI) ten minste 300 leningen moet beheren. Het is ook niet eenvoudig om geschikt personeel te vinden. Andere belemmeringen zijn de wet- en regelgeving van centrale banken. Instellingen voor microfinanciering kunnen bijvoorbeeld geen spaargeld accepteren, want zodra ze dat doen, vallen ze onder het toezicht van de centrale bank. Maar MFI's zijn heel andere instellingen dan gewone banken. De regelgeving van de centrale banken moet dus veranderen. Dat komt langzaam op gang.''

De centrale banken moeten spaarders toch beschermen tegen het risico dat financiële instellingen over de kop gaan? Want dan raken alle klanten hun spaargeld kwijt.

,,Helemaal mee eens. Maar de centrale banken moeten ook oog hebben voor de behoeften van arme mensen die op geen enkele andere manier kunnen sparen. Neem het voorbeeld van een vrouw in Zuid-Afrika die elke drie maanden van haar zoon uit het buitenland geld overgemaakt kreeg. Haar manier van `sparen' was om met dat geld bouwmateriaal te kopen en dat zolang naast haar huis te leggen. Elke keer als het regende spoelde er iets weg. Dan was ze haar besparingen kwijt. Over dit soort situaties hebben we het.''

Staan commerciële banken en centrale banken in Afrika of Latijns-Amerika niet veel te ver af van arme mensen? De mensen uit de middenklasse die daar werken, hebben geen idee hoe de economie van de armoede functioneert.

,,Daarom moeten ze ook meer inzicht krijgen in het leven van arme mensen! De MFI's zijn ontzettend innoverend, ze hebben hun producten afgestemd op de situatie van arme mensen zodat die toegang krijgen tot financiële diensten waarvan ze altijd waren uitgesloten.''

Eigenlijk zegt u: de gevestigde financiële wereld moet zich bewust worden van de vraagstukken van de arme bevolking.

,,Ja, zeker. Aan het begin van het jaar hebben we met veel banken gesproken. Ze stonden niet zo open voor microfinanciering. Dat is beter geworden, ook al is het niet eenvoudig voor banken. Microkredieten zijn bestemd voor andere klanten, het gaat om een totaal ander product. Het is niet een kwestie van even een nieuwe dienst op de markt brengen. De medewerkers die microleningen verstrekken, moeten door arme buurten rondlopen. Soms met contant geld op zak om dat direct aan iemand te kunnen uitlenen. Dat doe je niet van achter een balie van een bank.''

Waarom richt microfinanciering zich zo nadrukkelijk op vrouwen?

,,Mannen hebben vaak grootse plannen en ze hebben over het algemeen makkelijker toegang tot het traditionele bankcircuit dan vrouwen. Maar in de praktijk zijn ze minder goed met terugbetalingen van leningen. Vrouwen zijn stabieler. Hun terugbetalingen zijn goed. Het is ook een onderdeel van empowerment van vrouwen. Als ze geld verdienen, vertaalt zich dat snel in investeringen in de hele familie, kinderen die naar school gaan, betere gezondheidszorg krijgen. In Afrika is familie een breed begrip. Niet alleen eigen kinderen, maar ook kinderen van zusters en neven. Dus het multiplying effect is groot.

,,Vrouwen krijgen op deze manier ook een stem in de gemeenschap. In mijn VN-toespraak noemde ik een vrouw in Kampala (Oeganda) die de `oplosser van alles' werd. Van veel meer dan alleen maar economische problemen. Ze werd een 'mamma' van de gemeenschap. Ze werd zelfs gevraagd om huwelijksproblemen op te lossen. Het is een voorbeeld van de manier waarop economische zelfstandigheid trots en waardigheid oplevert. Dat vergroot de empowerment van vrouwen.”

Spreekt u dat aan?

,,Voor mij is dit het meest aansprekende punt. Je moet niet naar arme mensen kijken als `zielige mensen' maar als mensen die precies weten wat ze willen. Ze willen graag iets van hun leven maken. Ze hebben ideeën, ze zijn absoluut niet `stom', ook al hebben ze nauwelijk scholing. Als je kunt leven van minder dan een dollar per dag, dan ben je heel creatief. Wij moeten ze mogelijkheden geven om voor zichzelf op te komen. Als we een lening aan hen geven, dan versterken we hun eigenwaarde.''

Grijpen mensen die kansen?

,,Absoluut! En het fantastische van microfinanciering is dat vrijwel iedereen probeert zijn lening netjes af te lossen. De mensen weten dat het geld van de lening afkomstig is van het spaargeld van hun eigen vrienden, hun buren, hun familie. De centrale banken zeggen: er is geen wetgeving om mensen die geen bezittingen hebben die als onderpand kunnen dienen, te dwingen hun schulden af te lossen. Maar dat is bij microfinanciering helemaal niet nodig, want de sociale druk biedt de garantie dat leningen worden terugbetaald.''

Microfinanciering is zonder twijfel een fantastisch ontwikkelingsinstrument, maar armoedebestrijding is van veel andere factoren afhankelijk.

,,Natuurlijk, het is zeker geen panacee.''

Er moet ook sprake zijn van een goed macro-economisch beleid.

,,Ik kom uit een land waar heel veel inflatie was. Dat maakt alles instabiel. Een goed macro-economisch beleid helpt arme mensen.''

Als u in Brazilië en Argentinië met de autoriteiten praat, heeft u het dan over microfinanciering of over het macro-economische beleid?

,,Die mensen weten veel beter dan ik hoe ze een fatsoenlijk macro-economisch beleid moeten voeren. Ik hoef daar niet met mijn vingertje te zwaaien. Ze zullen hooguit tegen mij zeggen hoe moeilijk het is.''

Luisteren ze naar u omdat u prinses der Nederlanden bent of omdat u adviseur van de Verenigde Naties bent?

,,Het feit dat ik prinses ben, betekent dat deuren voor me open gaan. En dat ik dit werk namens de VN doe, geeft het een apolitiek karakter. Ik kom niet namens een donororganisatie of een donorland. Dat maakt het makkelijker voor me om met mensen te spreken. Ze luisteren. Absoluut.''

Heeft u de indruk dat uw ontmoetingen resultaten afwerpen?

,,Er zijn veel mensen die de armoede van hun land willen verminderen, maar soms ziet men niet wat de obstakels zijn. Ik kan helpen het denkproces in gang te zetten. Maar ik heb niet de oplossingen, die moet men zelf uitwerken met de mensen en de klanten van de MFI's. Elk land is ook anders. Groepsleningen werken goed in Azië, maar niet in alle andere landen. Dus men moet gaan kijken wat werkt, wat niet werkt, wat de risico's zijn. Ik geef voorbeelden van verschillende landen die ik heb bezocht. Kijk naar Bolivia, kijk naar Oeganda. Maar men moet die wetgevingen niet kopiëren. Je moet een weekeinde gaan denken met alle betrokkenen, hoe zeg je dat in het Nederlands, een hei-sessie organiseren.''

Was u zich van deze problemen bewust toen u in Argentinië opgroeide?

,,Toen ik op de universiteit zat, heb ik gehoord van professor Mohammed Yunus [oprichter van de Grameen Bank in Bangladesh in 1976 en grondlegger van de microfinanciering, red.] en van een paar voorbeelden in Bolivia. Ik wilde mijn scriptie over microfinanciering schrijven, maar ik had niet genoeg informatie om dat te doen. Het was toen vrij nieuw. Ik hield me in ieder geval bezig met de vraag hoe je arme mensen zou kunnen helpen.''

In Argentinië?

,,In die tijd [begin jaren negentig, red.] was armoede in Argentinië niet zo wijdverbreid als bijvoorbeeld in Brazilië. Het is sindsdien veranderd, de situatie is veel slechter geworden. Vroeger leefde vijftien, hooguit twintig procent van de bevolking in Argentinië onder de armoedegrens. Armoede ging eigenlijk nooit gepaard met honger. Nu is het misschien wel vijfenveertig procent. Dramatisch, echt vreselijk. Daarom ben ik blij dat ik naar Argentinië ga en iets aan de bevordering van microfinanciering kan bijdragen. Waarschijnlijk gaat microfinanciering fantastisch lopen in Argentinië.''

U heeft gewerkt bij drie banken in New York. Waar hield u zich toen mee bezig?

,,Ik onderhield contacten met institutionele beleggers en hedge funds [speculatieve beleggingsfondsen, red.] over investeringen in emerging markets. Latijns-Amerika, Azië, Zuid-Afrika.''

Dat was eind jaren negentig een enerverende markt.

,,Emerging markets deden het goed, maar startende internetbedrijven deden het toen nog veel beter. De koerswinsten op aandelen van `dotcommers' waren zo groot, dat het soms moeilijk was om beleggingen in emerging markets te verkopen. Het was erg interessant, het was ook heel spannend. Ik werkte in New York van 1996 tot 2000 en heb in mijn werk de Aziatische crisis meegemaakt, het Russische bankroet, het bankroet van Brazilië.''

Reisde u geregeld naar die landen?

,,Ja, heel veel. Brazilië, Mexico, Argentinië, Chili. Voor mijn bank onderhield ik samen met mijn klanten contacten met bestuursvoorzitters en financiële directeuren van banken en bedrijven in die landen en bezochten we energiebedrijven, gasbedrijven, telecoms, banken, cementbedrijven, mijnbouwbedrijven. Van alles en nog wat. We hebben privatiseringen gedaan en bedrijven naar de beurs gebracht. Het was veel werk en heel erg leuk.''

Zou u terug willen naar Wall Street?

,,Nee, nee, nee. Wat ik nu doe met microfinanciering vind ik veel leuker en geeft meer voldoening. Hiermee kun je iets aan het leven van mensen veranderen, zo eenvoudig is het. Met microkredieten geef je mensen de gelegenheid om voor zichzelf op te komen. Het feit dat je je eigen dollar verdient, is meer waard dan dat iemand je een dollar geeft. Je weet waaraan je het wilt besteden, je hebt een droom, je wilt een fiets kopen, of een huis bouwen. Met een lening geef je mensen de gelegenheid hun dromen waar te maken. Dat vind ik zo fantastisch van microfinanciering.''

U komt uit Argentinië, u heeft in New York gewerkt en u bent nu prinses der Nederlanden. Uitgerekend vanuit deze geprivilegieerde positie zet u zich in voor arme mensen.

,,Ik beleef het als een luxe. Ik kan twee dingen combineren. Vanwege mijn financiële achtergrond kan ik inhoudelijk over deze thema's spreken en dingen voor elkaar krijgen om mensen te helpen. Het feit dat ik prinses ben, betekent dat ik veel mensen kan aanspreken. Als ik bijvoorbeeld een diner organiseer met de bestuursvoorzitters van de banken, dan kan ik ze vragen wat voor mogelijkheden ze zien om iets aan microfinanciering te doen.''

Had u toen u opgroeide het idee `ik ga later arme mensen helpen?'

,,Nee, niet echt. Toen ik was afgestudeerd wilde ik vanuit mijn economische achtergrond wel mensen helpen. Ik begon te werken bij banken. Het was allemaal heel snel en er was veel adrenaline, maar na drie, vier jaar in Amerika had ik besloten dat dit niet was wat ik mijn hele leven wilde blijven doen. Alleen maar geld verdienen bracht me niet echt voldoening. Aan de andere kant wilde ik er zeker van zijn wat ik wél wilde gaan doen. Ik was begonnen me te oriënteren, maar toen heb ik mijn toekomstige man ontmoet en daarna liep het allemaal anders.''

Voelt u zich verwant met Bono, de zanger van U2 die opkomt voor arme landen?

,,Bono doet fantastische dingen, met hem kan ik me niet vergelijken. Maar als je in een positie verkeert zoals hij en ik, vind ik wel dat je daarvan gebruik moet maken om het lot van mensen te verbeteren. Daarvoor moet je je inzetten.''

In Brazilië gaat u onder meer de zanger Gilberto Gil ontmoeten. Hij is tegenwoordig minister van cultuur en `gezant' van het VN-microkredietjaar. Is dat voor u een hoogtepunt van de reis?

,,Het hoogtepunt is om met de mensen te spreken. Van hoog tot laag. Niets is leerzamer en ontroerender, daar zit de sleutel van alles. Dat ik me kan inzetten voor arme mensen is de reden waarom ik dit doe.''

Ik neem aan dat Gilberto Gil als musicus een idool van u is.

,,Het bijzondere van mijn positie is dat ik mensen ontmoet van wie ik dat vroeger nooit gedacht zou hebben. Toen ik 15 jaar was, was ik helemaal gek van Bono. En nu verkeer ik in een situatie dat ik hem heb ontmoet. Ik vind het ook heel bijzonder om Gilberto Gil te spreken, want hij is een fantastische kunstenaar, maar ik vind het nog veel leuker als hij me helpt om microfinanciering van de grond te krijgen en ik weet zeker dat hij dat zal doen.''

Met welke activiteiten gaat u zich volgend jaar bezig houden als het VN-jaar van het microkrediet voorbij is?

,,Dat weet ik nog niet. Het jaar is nog niet voorbij en ik moet veel projecten afronden. Deze functie bij de VN houdt op, maar ik blijf zeker actief bij dit onderwerp betrokken. En ik houd me nog steeds bezig met integratiekwesties, vooral gericht op jongeren.''

Op 5 december, de belangrijkste dag van de Nederlandse kinderfolklore, bent u in Argentinië. Hoe moet dat met de Sinterklaasviering van uw dochters Amalia en Alexia?

,,De kinderen gaan mee, we vieren Sinterklaas in Argentinië. Ik zal ze zeggen dat Sinterklaas overal komt. Dus ook in Argentinië. We vieren daar ook de verjaardag van Amalia. Ik denk trouwens niet dat Alexia een verschil zal merken waar ik gedichten schrijf.''