Verschanst achter een keuzemenuutje

Progressieve partijen stonden met de mond vol tanden bij de opkomst van het fortuynisme. Linkse denkers zoeken naarstig naar een antwoord op het populisme. Maar het moet wel beschaafd blijven.

Het hoge volume van het huidige debat over islam, immigratie, en integratie in de media is alleen te verklaren door de afwezigheid van discussie vóór 2001; het jaar van de terreuraanslagen op New York en de politieke kandidatuur van Pim Fortuyn. In zijn nieuwe boek Een zwak voor Nederland probeert socioloog en essayist Dick Pels de volumeknop terug te draaien. Hij steekt de hand in eigen boezem door te erkennen dat links in het verleden `te slappe knieën heeft gehad' in het minderhedenbeleid en neemt afstand van het cultuurrelativisme en andere multiculturele progressieve dogma's. Progressief Nederland moet in zijn visie liberaler worden en tegelijkertijd de verzorgingsstaat blijven omarmen, zodat elk individu ook daadwerkelijk van zijn vrijheid kan genieten. Zo hoopt Pels een `links' antwoord te vinden op de uitdagingen van het post-Fortuyn tijdperk.

De titel Een zwak voor Nederland verwijst naar de belangrijkste elementen waarmee Pels het progressieve denken een nieuwe impuls wil geven: een `zwakke' Nederlandse identiteit, relativerend liberalisme en sociaal individualisme. Pels verzet zich tegen denkers die hun anticlericale atheïsme of hun conservatieve dan wel progressieve gemeenschapsideologie willen opleggen aan de hele samenleving. Hij roept op tot een nieuwe balans tussen het `harde' opleggen van normen en het `zachte' relativeren van ideologische uitgangspunten, maar legt in zijn polemiek met het nieuwe populisme en het neoconservatisme het accent toch meer op zachtheid.

Hij huldigt het beginsel van de grote politieke essayist Jacques de Kadt dat het socialisme er is ter wille van het individualisme. Maar terwijl De Kadt de hoge idealen van vrijheid en ongebondenheid voorbehield aan de intellectueel, stelt Pels dat non-conformisme voor iedereen moet zijn weggelegd. De verzorgingsstaat moet ontplooiing, vrijheid en tegendraadsheid mogelijk maken voor iedereen. Daarmee zet hij zich af tegen de `gemeenschapsdenkers' of `communitaristen' van de SP, het CDA en in mindere mate de PvdA. Dit sociaal-individualisme is ook de nieuwe richting die Groenlinks wil inslaan.

Toch is het de vraag of de meeste burgers genoeg hebben aan zo'n ideaal van non-conformisme. Als mensen massaal tegendraads willen zijn - voor zover dat mogelijk is - en een gemeenschappelijk ideaal ontberen, zal de verzorgingsstaat ontaarden in een bureaucratische automaat, waar geen gedachte meer achter zit. De massale emoties bij de dood van André Hazes of het Oranje-voetbal getuigen in oppervlakkige zin van een breed gevoelde hang naar meer samenhang.

Nationaal sentiment

Hoe moeilijk het paradoxale ideaal van sociaal-individualisme in de praktijk te brengen is, blijkt uit de worsteling van Pels met zijn eigen gehechtheid aan Nederland. Als ex-hoogleraar aan de Londense Brunel-universiteit heeft hij ervaren hoe je bij terugkeer toch gehecht raakt aan Nederlandse eigenaardigheden, bijvoorbeeld de kleinschaligheid, zodat je overal heen kunt fietsen. Voor ware internationalisten is dat onschuldige nationale sentiment al verdacht. Pels geeft beschaafd toe aan zijn `zwak voor Nederland'.

Nederland is volgens hem een zacht land dat nooit veel om nationale identiteit heeft gegeven en dat ook vooral zo moet houden, om het immigranten gemakkelijk te maken een weg te vinden. Daarbij stapt hij wel erg gemakkelijk over het belang van de Nederlandse staat heen - in zijn jargon een `performatieve constructie'. Toch zijn Nederlandse autowegen, scholen en belastingen allesbehalve `fictief'. De Nederlandse taal is al evenmin imaginair, in ieder geval niet voor buitenlanders die de taal moeten leren om iets van de cultuur van Nederland te begrijpen. Veel buitenlanders hebben uit ervaring geleerd dat de Nederlandse identiteit niet valt te relativeren. Als Nederlanders als Pels die identiteit grotendeels ontkennen, wordt het leven voor buitenlanders een mijnenveld. Zodra je als buitenlander een verborgen Nederlandse norm schendt, door bijvoorbeeld een verjaardag over te slaan, nemen al die zogenaamd nonchalante burgers je dat kwalijk.

De `feminiene' staat van Pels biedt te weinig houvast voor een progressief programma. Bij het misbruik van sociale voorzieningen en de sinds de jaren zeventig sterk gegroeide misdaad gaat het om de vraag wanneer en hoe de staat de vrijheid moet beperken en streng moet zijn. De ideologische tegenstanders van Pels hebben daar tenminste een antwoord op. Een staat die volgens Pels `het kapitalisme beschaving moet bijbrengen' moet sterk in zijn schoenen staan. Als Pels' betoog maatgevend blijkt te zijn voor de nieuwe sociaal-liberale agenda van Groenlinks, dan vrees ik het ergste voor die partij.

Jarenlang was Nederland gidsland met zijn drugsbeleid, lichte straffen en ruimhartige uitkeringen; een sociaal-laboratorium waar vanuit het buitenland met verbazing naar werd gekeken. De Nederlandse vrijheden waren groter dan elders omdat er aanvankelijk bescheiden gebruik van werd gemaakt. Een homogene burgerij kon jaren lang uitdrijven op de aangeleerde discipline van voor de welvaartsexplosie. Maar die tijd is voorgoed voorbij.

In het amusante en vlot geschreven Koning Burger analyseert senator Jos van der Lans (GroenLinks) hoe de brave onderdaan van vroeger is veranderd in een verwend kind dat ontploft als hem bijvoorbeeld het goedkope grijze kenteken voor zijn particuliere bestelwagen met vijf zitplaatsen dreigt te worden ontnomen. Van der Lans kreeg woedende reacties en bedreigingen toen hij afschaffing van grijze kentekens in zijn weblog had voorgesteld. De staat wordt volgens Van der Lans steeds meer gezien als een zelfbedieningszaak waar de burger vrijelijk kan pakken wat van zijn gading is. Dit alledaagse voorbeeld van verlies aan zelfbeheersing, waarin bekende persoonlijkheden als Theo van Gogh zijn voorgegaan, laat zien waar het individualistische ideaal van Pels op kan uitdraaien. Tegendraadse burgers verwarren de nieuw verworven vrijheid van meningsuiting met de vrijheid om de overheid en elkaar te stalken. Politici proberen de kloof te dichten door te `luisteren' en meer te beloven. Tevergeefs, want `hoe kleiner de afstand hoe ontevredener de burgers', stelt Van der Lans vast.

Toch gaat volgens Van der Lans de overheid niet vrijuit. De verwende burger zit namelijk niet alleen vóór maar ook achter het loket en daar is hij een slechte dienstverlener. En die doet niet meer aan direct contact met de burger. Functionarissen verschansen zich achter 0900-nummers met keuzemenuutjes in hun kantoren waar ze pas na een telefonische afspraak kunnen worden bezocht. De overheid wijkt dus terug en de afstand tot de burgers wordt groter, ondanks al die `luisterende' politici.

Huisbezoek

Vroeger belde een functionaris van een woningbouwcorporatie aan bij de huurders die een geschil hadden over een overhangende boom. Nu gaat hij ongemerkt ter plekke kijken om daarna in zijn kantoor aan de huurders een brief te schrijven. `Het huisbezoek is langzaam maar zeker een stille dood gestorven', aldus Van der Lans. Door fusies, schaalvergroting, bureaucratisering en rapportageplichten raakt de bureaucratie in zichzelf gekeerd. Het contact onderhouden met burgers is niet meer het voornaamste werk van de jeugdzorg, de volkshuisvesting of de uitkeringsinstantie, maar een extra taak die erbij wordt gedaan. Geen wonder dat het wantrouwen tussen burger en overheid toeneemt.

De liberale staatssecretaris Rutte laat volgens Van der Lans zien hoe het wel moet. Als hij een ambtsbezoek in het land brengt, vraagt hij wat de problemen zijn en belt hij ter plekke met zijn ambtenaren in Den Haag om ze onmiddellijk op te lossen. Van der Lans zou zich kunnen afvragen waarom er zo weinig van dat soort politici zijn. De politieke structuur uit de tijd van de brave onderdaan is nog compleet in stand gebleven, ondanks voortdurende pogingen tot hervorming. Zelfs de burgemeester wordt nog steeds benoemd door de Kroon, uniek in Europa. Dat lijkt ook een reden waarom politici zo onzeker zijn en burgers zo ongeremd en zonder relativering door elkaar schreeuwen.

Dick Pels: Een zwak voor Nederland. Ideeën voor een nieuwe politiek. Anthos, 253 blz. €19,95

Jos van der Lans: Koning Burger. Nederland als zelfbedieningszaak. Augustus, 128 blz. €14,90