Straffeloos afval storten in de Japanse bergen

De stad Minimato is bekend van het grootste vervuilingsschandaal uit de Japanse geschiedenis. Dit keer wordt de watervoorziening bedreigd.

Een aangename herfstzon schijnt over de rustieke vallei waar Yasutomi Shimoda woont. Langs de rivier staan her en der beelden van kraanvogels om aan te geven dat deze gracieuze dieren in het milde klimaat hier overwinteren. Vanuit zijn woonkamer wijst de 81-jarige gepensioneerde architect naar de berghelling achter zijn huis. ,,Het water dat uit de bergwand komt, is mijn drinkwater. Boven op deze bergen moet een stortplaats voor industrieel afval komen.''

Voor zijn huis staat nu een keet die dient als hoofdkwartier van een actiegroep. Aan de buitenkant van de keet is een kraan bevestigd zodat elke voorbijganger het heerlijke, natuurzuivere water kan proeven. Shimoda speelt een centrale rol in de strijd tegen de vuilstortplannen. Maar het probleem is dat, in typisch Japanse stijl, niemand verantwoordelijk draagt voor het besluit. Bij wie moet je zijn om te protesteren?

Shimoda woont in de stad Minamata, bekend van het grootste vervuilingschandaal uit de Japanse geschiedenis. In de jaren vijftig en zestig bleken duizenden inwoners zenuwaandoeningen te hebben omdat de chemische fabriek Chisso die de stad domineert, onbelemmerd kwik stortte in de baai waar lokale vissers hun netten uitwierpen. Kwikvergiftiging staat sindsdien internationaal bekend als de Minamataziekte. Een halve eeuw na dato strijden slachtoffers nog altijd in de rechtszaal tegen een overheid die geen verantwoordelijkheid neemt.

Nadat eerder de zee en het lokale voedsel zijn vergiftigd, loopt nu de drinkwatervoorziening gevaar. De Yude-rivier langs Shimoda's huis is namelijk waterbron voor de hele stad. Een particulier bedrijf wil rond de waterbron een stortplaats voor twee miljoen kubieke meter industrieel afval uit de hele regio opzetten.

,,Wettelijk gezien hebben we helemaal niets te zeggen over de manier waarop berggebied in particulier eigendom wordt gebruikt'', zegt Seiya Ogata, voorzitter van de gemeenteraad van Minamata. Deze raad heeft zich al tweemaal unaniem tegen de plannen uitgesproken. Een delegatie van raadsleden is eerder met een smeekbede naar Tokio geweest voor een rondgang langs het ministerie van Milieuzaken, parlementariërs uit de eigen regio en het bedrijf dat de plannen heeft bedacht. Zonder enig resultaat.

De enige verplichting die het bedrijf wettelijk heeft is het opstellen van een milieueffectrapportage, legt Ogata uit in een vergaderzaal op het gemeentehuis. Als die in orde is, moet de provinciegouverneur het project goedkeuren. Adder onder het gras is dat er geen controle door een onafhankelijke instantie is op de milieurapportage.

De burgemeester van Minamata leek toch oppositie te willen voeren tegen het project. Raadslid Ogata was korte tijd lid van een commissie die ,,van de burgemeester opdracht kreeg een reden te zoeken om de stortplaats te stoppen''. Maar vergaderingen waren inhoudsloos, zegt Ogata, totdat ,,ik tijdens de vierde vergadering zei: laten we nu eens vrijuit discussiëren'' ,,We kwamen tot de conclusie dat vuilstort op die locatie onzinnig was.'' De commissie hield onmiddellijk op te bestaan ,,omdat onze termijn zou zijn verlopen''.

De oppositie concentreert zich nu op het vervangen van de huidige burgemeester in verkiezingen februari volgend jaar. ,,Als de burgemeester het verzet zou leiden'', zegt Shimoda, ,,zal de bevolking volgen.'' Tijdens kleine bijeenkomsten in alle buurten van Minamata probeert men de bevolking te mobiliseren. Maar de bevolking reageert lauw, zegt de oude Shimoda. ,,Echt nadenken doen inwoners niet, vroeger tijdens de kwikvergiftiging niet, en nu ook niet.'' Hij vindt daarom dat een nieuwe burgemeester leiding aan acties moet geven.

Op een informatiebijeeenkomst in een woonkern op het platteland vertonen Shimodo en twee andere leden van de actiegroep voor zeven buurtbewoners een video over een gemeente waar de burgemeester wel het verzet leidt. Daar is het gemeentehuis omgevormd tot een actiecentrum. In Minamata wil de actiegroep hetzelfde bereiken, ook al is verzet geen garantie voor succes. De gemeente heeft nu eenmaal niets te zeggen over de vuilstort in eigen achtertuin. ,,Waarom wij nu weer?'', zegt een vrouw tijdens de discussie die volgt. ,,Wij hebben ons al genoeg opgeofferd.'' Een antwoord op die vraag blijft uit.

De bouwonderneming achter de plannen blijkt niet bang voor verzet. Gemeenteraadslid Shinji Taniguchi vertelt hoe hij eerder een bezoek bracht aan president Chikahiro Shibata van bouwbedrijf Toa Doro in Tokio met het verzoek de plannen te annuleren. ,,Shibata liet weten dat hij niet bang is voor protesten. Hij vertelde hoe hij in eerdere gevallen demonstranten heeft vastgebonden en met een kraan veertig meter de lucht in heeft gehesen, of ze tot hun nek in de grond heeft ingegraven. Daarna bleven ze wel weg, was Shibata's boodschap.'' Taniguchi concludeert met een lach dat het ,,yakuza'' zijn, leden van de georganiseerde misdaad.

De dochteronderneming van Toa Doro die direct verantwoordelijk is voor de bouw, IWD Toa, weigert elk commentaar op de kwestie, net als burgemeester Eiguchi. De burgemeester is afkomstig uit bouwkringen. Zijn jongere broer is directeur van het aannemersbedrijf van de familie, zo legt raadslid Taniguchi uit.