`Sneller geld voor treinen in Randstad'

Minister Peijs (Verkeer, CDA) moet meer geld investeren in verbetering van het spoor. Zo moet er snel werk worden gemaakt van de snelle treinverbinding in de Randstad en tussen de grote steden in Noord-Brabant.

Dat is de wens van een grote meerderheid in de Tweede Kamer. Maandag zal het onderwerp besproken worden in de Kamer, tijdens een debat met minister Peijs (Verkeer, CDA) over de Nota Mobiliteit.

Nu de plannen voor kilometerheffing door het kabinet en twee van de drie regeringspartijen (VVD en CDA) wegens de hoge kosten op de lange baan zijn geschoven, kiezen de partijen voor verbetering van het openbaar vervoer. CDA en D66 willen dat Peijs volgend jaar al een extra investering doet in de plannen voor het `Rondje Randstad' en voor een snelle verbinding met de grote steden in Noord-Brabant. Bij deze treinverbindingen gaat het in de Randstad bijvoorbeeld om snelle treinverbindingen, ,,iedere tien minuten'', tussen de vier grote steden en in Brabant tussen Eindhoven en Breda. Later in de week bespreekt de Tweede Kamer opnieuw de problemen met de Hogesnelheidslijn naar Brussel en Parijs.

De Kamerleden willen dat de minister voor uitbreiding van het treinverkeer in de Randstad en tussen de Brabantse steden een meevaller van 100 miljoen euro gebruikt. Het geld is beschikbaar door lager uitgevallen aanbestedingen en volgend jaar beschikbaar. De plannen voor het rondje Randstad bestaan al enige jaren, maar zijn door Peijs enige jaren uitgesteld omdat ze eerst veel geld nodig had voor het wegwerken van achterstallig onderhoud op het spoor.

Voor verbetering van de treinverbindingen moet tussen 2012 tot 2020 in totaal een miljard euro extra uit aardgasbaten worden vrijgemaakt, vinden de Kamerleden Van der Ham (D66) en Van Hijum (CDA). Zij worden hierbij gesteund door VVD en PvdA. ,,De minister doet in haar nota te weinig'', aldus Van der Ham.

De Nota Mobiliteit gaat ervan uit dat de groep treinreizigers 1 procent per jaar groeit. Volgens Van Hijum zal die toename in de Randstad eerder 3 tot 4 procent zijn. De NS gaat ervan uit dat de huidige capaciteit onvoldoende is om dit op te vangen. De minister denkt met onder andere de Utrechtboog, die Schiphol rechtstreeks verbindt met Utrecht, de vraag aan te kunnen. Van Hijum: ,,We moeten zorgen dat de capaciteit geen beperking wordt''.