Sharons lot

De binnenlandse politiek van Israël heeft in de kortst denkbare tijd een gedaantewisseling ondergaan die past bij de turbulente geschiedenis van dit land. Israëls politieke hoofdstromen, de rechtse Likud en de sociaal-democratische Arbeidspartij, maken abrupte en ingrijpende veranderingsprocessen door. De oude leidsman van de Arbeidspartij, Shimon Peres, is afgedankt en heeft plaats moeten maken voor de veel jongere en linksere Amir Peretz, een sefardische jood geboren in Marokko, die zich via de vakbond een weg naar boven vocht. Hij staat bekend als duif en streeft vooral sociale en economische vooruitgang na. Bij Likud zijn de veranderingen zo mogelijk nog groter. Likuds belangrijkste vertegenwoordiger, premier Ariel Sharon, is uit de partij gestapt die hij zelf heeft helpen oprichten. De interne verdeeldheid over de ontruiming van joodse nederzettingen in de Gazastrook heeft hem letterlijk de deur doen dichtslaan. Met een daverende knal, want theater is Sharon niet vreemd.

Israëls huidige premier is staatsman en strateeg. In de betekenis van militair gezaghebber. Maar ook anderszins: Sharon stelt snel en precies de manier vast hoe hij alle beschikbare middelen kan gebruiken om zowel het nationale als zijn eigen belang te dienen. Zijn motto lijkt op dat van de Engelse admiraal Horatio Nelson, die in de strijd tegen de vijand altijd de strategie van de aanval en de actie koos: ,,Never mind manoeuvres, always go at them''. Ook de oud-generaal Sharon heeft initiatief en actie als uitgangspunten voor zijn voorheen militaire en tegenwoordig politieke handelen. Afwachten is hem vreemd. In dat licht moet zijn dramatische besluit worden gezien om met een nieuwe partij te komen die meedoet aan de vervroegde parlementsverkiezingen op 28 maart volgend jaar.

Met zijn vertrek uit Likud heeft de in Israël nog steeds populaire Sharon zijn oude partij een zware slag toegebracht. Wat dit electoraal betekent, is afwachten. Sharon kan rekenen op een flink aantal zetels, maar daarmee is niet gezegd dat zijn rivaal Benjamin Netanyahu bij voorbaat kansloos is. Tussen nu en maart 2006 kan veel gebeuren. Ruim drie decennia partijpolitieke aanwezigheid (Likud werd in 1973 opgericht) laten zich niet zo maar terzijde schuiven, ook niet door deze politieke zwaargewicht.

De Israëlische politiek draait in de kern om twee grote zaken: het vastgelopen vredesproces en de welvaart - en beide staan in direct verband met elkaar. Een slopende intifada heeft Palestijnen en Israëliërs alleen maar ellende gebracht. Beide kampen verarmen door de kosten van de oorlog. Een dialoog is er nauwelijks en een eigen Palestijnse staat is nog ver weg. Sharons besluit om de Gazastrook te ontruimen was dan ook juist. Hij forceerde een doorbraak in een jaren durende patstelling. Met zijn laatste verrassingsaanval probeert hij iets dergelijks. Dat valt toe te juichen, mits deze zet niet blijft steken in verkiezingsretoriek en Sharons neiging om het volk paf te doen staan. Na Gaza moet er meer gebeuren. Sharon is degene die dit waar kan maken. Samen met de nieuwe leider van de Arbeidspartij heeft hij de kans om na maart het vredesproces vlot te trekken. Althans, als hij daarvoor het mandaat krijgt. Dan zullen ook de Palestijnen hun deel nog moeten leveren. De `mitsen en maren' maken dat er voor optimisme voorlopig geen reden is.