Literatuur? Heeft geen nut

De eigenzinnigste Franse jury bekroonde het eigenzinnigste boek dat deze rentrée verscheen: de Prix Décembre ging naar de Dictionnaire égoïste de la littérature française van Charles Dantzig. Een Franse literatuurgeschiedenis is het, maar dan een die bewust en brutaal zondigt tegen alle regels waaraan een dergelijke geschiedenis doorgaans moet voldoen. Alfabetisch? Ja, maar op onwaarschijnlijke trefwoorden en zonder relevante verwijzingen. Objectief en wetenschappelijk? Integendeel, zo subjectief en anekdotisch als maar kan. Serieus van toon? Nee, maar wel geestig en soms scherp. Een levenswerk is het nog net niet, deze 968 bladzijden tellende `dictionnaire', maar wel de neerslag van een leven lang lezen, schrijven en kritisch nadenken over de Franse letteren.

Het is een onderneming die enerzijds bewondering opwekt - welk een eruditie! - anderzijds irriteert door de soms pedante toon. Op zijn best, en genuanceerd, is Dantzig in de wat langere essayistische stukken over Blaise Pascal bijvoorbeeld, François Mauriac of in zijn toelichting op `de ellips'. Geestig en vaak raak is hij in zijn korte beschouwingen over het hedendaagse literaire leven, die - dat is uitzonderlijk - ook deel uitmaken van zijn literatuurgeschiedenis. Of het nu `lezers' zijn (`lezers leggen in wat ze lezen datgene wat ze erin willen lezen'), `bewonderaars' (`niets verwijdert je meer van een auteur dan zijn bewonderaars'), of `publiciteitsmedewerkers' (`een beroep dat Europa heeft veroverd vanuit de jeeps van het Amerikaanse leger, tegelijk met kauwgum, sigaretten en jazz'), over alle personen die met lezen te maken hebben heeft Dantzig zijn mening klaar. Nagedacht heeft hij over de `Bibliotheek van buitenhuizen' (`interessanter dan de wandelingen die je er kunt maken'), over het `Woord' (tien verschillende lemma's), over `Wat er uit de roman is verdwenen' (`het Engelse handen schudden') en over het `Nut van literatuur' (`is nergens goed voor'). Dit soort ongebruikelijke literaire excursies maken deze subjectieve dictionnaire tot een kostelijk boek.

Enkele citaten uit de Dictionnaire égoïste de la littérature française:

Schrijvers: In Frankrijk is iedereen schrijver. Daar klaag ik niet over.

Het is een staat van zijn die voor de mens nog enigszins interessant is.

Claudel (Paul): Op de achtste dag

schiep god Paul Claudel. Hij had zin

om de wereld een loer te draaien.

Montaigne (Michel de): Acht keer heb

ik besloten de Essais te lezen: kom

op, nu echt, helemaal tot het eind!

Acht keer ben ik ermee opgehouden.

Ik heb niet veel met hem op, hij

niet met mij. Om kort te gaan, hij

verveelt me.

Slechte boeken (Het nut van): Gepre-

zen zijn zij die ons leren hoe niet te

schrijven! Literatuur is geen thera-

pie. Dat is een idee om diegenen te

behagen die beweren dat schrijvers

geestesziek zijn.

Onwetendheid: Een zonde.

Charles Dantzig: Dictionnaire égoïste de la littérature française. Grasset, 968 blz. €28,50