Toezichthouder zorg mag te veel en te weinig

De gezondheidszorg krijgt een nieuwe toezichthouder, die er voor moet waken dat het nieuwe zorgstelsel de kwaliteit van de zorg niet aantast. Hoogleraren voorzien problemen.

Over vijf weken wordt de gezondheidszorg in Nederland meer een markt. Doel: betere zorg voor minder geld. Dat kan alleen als de spelers op deze markt, zoals verzekeraars en ziekenhuizen, eerlijk met elkaar kunnen concurreren. Zo mogen verzekeraars geen onderlinge prijsafspraken gaan maken of artsen onredelijke contracten opdringen. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), die per 1 januari van start gaat, moet erop toezien dat de verhoudingen op die zorgmarkt helder en eerlijk zijn. De taak van de NZa is omschreven in het voorstel Wet Marktordening Gezondheidszorg, dat de Tweede Kamer binnenkort behandelt.

Kan de Zorgautoriteit, onder leiding van VVD-coryfee Frank de Grave, deze zware taak wel aan? Niet alle deskundigen hebben daar vertrouwen in. Hoogleraar staats- en bestuursrecht Hendrik Jan de Ru aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam noemt de Wet Marktordening ,,verbijsterend''. ,,De taak van de Zorgautoriteit is zo ruim dat zij alles kan sturen. Dit móet tot ongelukken leiden. Ik voorzie veel conflicten met zorgverzekeraars.''

Zo wordt de nieuwe Zorgautoriteit belast met regelgeving, bijvoorbeeld op het gebied van tariefstelling en voorwaarden in overeenkomsten. Die opdracht gaat heel ver en is riskant, meent hoogleraar en advocaat De Ru. Hij vindt dat de regering dit het bestuur van de `zorgwaakhond' niet kan aandoen. ,,Regelgeving is in ons land voorbehouden aan de regering en de staten-generaal of aan gedelegeerde minsters die democratisch worden gecontroleerd, maar niet aan een zelfstandig bestuursorgaan.''

Elies Steyger, hoogleraar Europees bestuursrecht aan de VU en advocaat in Den Haag, meent dat de bevoegdheden van de Zorgautoriteit regelrecht in strijd zijn met het Europese recht. De Zorgautoriteit krijgt namelijk het recht om ondernemingen met een machtspositie preventief verplichtingen op te leggen, bijvoorbeeld door verzekeraars en ziekenhuizen te dwingen bepaalde prijzen te hanteren of specifieke contracten af te sluiten.

,,Dat is binnen het Europese recht problematisch'', aldus Steyger. ,,De Europese regels stellen dat ondernemers die een machtspositie innemen, maar die zich netjes gedragen, gewoon mogen concurreren.'' De conclusie van Steyger gaat ver: ,,De frictie met Brussel kan een praktisch tandeloze toezichthouder opleveren.'' Dat brengt een van de pijlers van het nieuwe zorgstelsel aan het wankelen, meent zij. Steyger voorziet dat deze constructie gaat leiden tot slepende rechtszaken tot aan het Europese Hof.

Krijgt de Zorgautoriteit te veel of juist te weinig bevoegdheden? Rolf de Groot, bijzonder hoogleraar verzekeringsrecht aan de VU, vindt dat de Zorgautoriteit onvoldoende instrumenten krijgt om te voorkomen dat de kwaliteit van de Nederlandse gezondheidszorg gaat lijden onder de drang om kosten te besparen. ,,Er is nergens vastgelegd wat de Zorgautoriteit kan doen als de concurrentie tussen zorgverzekeraars onacceptabele effecten heeft op de kwaliteit van de zorg'', zei hij deze week tijdens een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer. ,,In theorie neigen verzekeraars ernaar het verzekerde pakket en de geleverde zorg af te knijpen. Dat kan ten koste gaan van de kwaliteit.''

De Groot wil ook dat de Zorgautoriteit een breder terrein gaat bestrijken. Nu kan de nieuwe toezichthouder alleen optreden in zorgsectoren waar de tarieven vrij zijn, maar De Groot pleit ervoor om de `zorgwaakhond' ook een rol te geven in gereguleerde zorgsectoren, zoals de thuiszorg. ,,In de thuiszorg legt de overheid maximumtarieven vast, maar onder die prijs kunnen instellingen wel degelijk met elkaar concurreren. Het zou goed zijn als de Zorgautoriteit ook daar zou kijken of de concurrentie wel netjes is.''

Hoogleraar Economie Coen Teulings van de Universiteit van Amsterdam en directeur van SEO Economisch Onderzoek was ook bij het overleg om de Kamerleden te informeren. Hij voorziet andere problemen. Zo vreest Teulings dat zorgverzekeraars in het nieuwe stelsel eenvoudig aan risicoselectie kunnen doen en de acceptatieplicht zullen omzeilen. ,,Stel: een verzekeraar biedt een bedrijf met gezonde mensen een gecombineerde polis aan van een basisverzekering en autoverzekering. De verzekeraar zegt tegen de werknemers: jullie krijgen de maximale tien procent korting omdat jullie een collectiviteit vormen, maar daarbovenop bied ik nog eens tien procent extra korting op de autoverzekering. Daarmee wordt de individuele polis veel duurder, zodat anderen die minder snel zullen kopen. Op die manier kan de verzekeraar alleen de gezonde werknemers aan zich binden.'' De Zorgautoriteit kan dit soort ontwikkelingen heel moeilijk controleren, meent Teulings. ,,De acceptatieplicht dreigt een dode letter te worden, of je krijgt een enorme reguleringsdrift.''

De Kamerleden bereiden zich nu voor op het debat over de Wet Marktordening gezondheidszorg. Kamerlid Frank Heemskerk (PvdA) heeft zijn bedenkingen bij de nu voorgestelde rol van de toezichthouder: ,,Het toezicht op de zorgverzekeraars is nog niet helder.'' Hij wil een strenge waakhond en zou er een voorstander van zijn als de Zorgautoriteit ook partijen kan inperken die geen economische machtspositie vormen. Kamerlid Edith Schippers (VVD) vreest niet voor kwaliteitsverlies van de zorg. ,,Daar hebben we ook de Inspectie voor de Gezondheidszorg nog voor.''