`Ik moest verplicht bejaarden verzorgen'

De meeste vluchtelingen kunnen in Nederland niet hun oude beroep oppakken. Een enkeling lukt het wel. Deel 9 van een serie. De leraar Frans.

Naam: Ibrahim Traoré (32)

Gevlucht vanuit en wanneer: Burkina Faso, 2000

Beroep daar: Docent aardrijkskunde, Frans en geschiedenis

Beroep hier: Docent Frans

,,Sorry voor de rotzooi'', zegt Ibrahim Traoré (32) uit Burkina Faso. ,,Ik heb geen tijd gehad alles netjes op te ruimen.'' Zijn etagewoning in Leiden is brandschoon.

Traoré is om vier uur 's ochtends opgestaan om zijn lessen Frans voor te bereiden en daarna zijn taekwondo oefeningen te doen. Om half twaalf moet hij op het Da Vinci College zijn om zijn vmbo-klas Frans te doceren. Naast lesgeven studeert Traoré aan de Educatieve Hogeschool van Amsterdam (voorheen EFA). Als hij zijn diploma haalt, is hij eerstegraadsbevoegd zodat hij ook Franse lessen kan geven aan havo- en vwo-klassen.

Vijf jaar geleden vluchtte hij naar Nederland. Hij liet zijn ouders en dertig broers en zussen achter in Burkina Faso. De Afrikaanse grond werd hem te heet onder de voeten nadat hij publiekelijk kritiek had geuit op de universiteit van Bobo Dioulasso, de tweede stad van Burkina Faso, waar hij aardrijkskunde, Frans en geschiedenis doceerde. ,,Het systeem is rot en corrupt. De overheid geeft studiebeurzen alleen aan de elite. Desondanks zaten de klaslokalen zo vol dat studenten naast het schoolbord moesten staan omdat er geen zit- of staanplaatsen meer over waren. Ik wilde daartegen iets ondernemen en richtte een actiegroep op.''

Dat werd hem niet in dank afgenomen. ,,Ik werd continu gevolgd en bedreigd. Ze stuurden me brieven met lijsten waar ik was geweest en met wie ik had gesproken. Mijn bedreigers wisten alles van mij.''

Op een dag werd het hem te veel, en hij vluchtte. ,,Ik wil er liever niet meer over praten. Ik kijk naar de toekomst. Het is niet altijd goed om naar het verleden te kijken.''

Traoré had contacten in Burkina Faso die hem hielpen het land te ontvluchten. Met het vliegtuig kwam hij naar Nederland waar hij in het vluchtelingenopvang- en onderzoekscentrum in Eindhoven terechtkwam. Binnen drie maanden kreeg Traoré zijn verblijfsvergunning van de IND (Immigratie- en naturalisatiedienst). Hij kon aantonen dat hij een politiek vluchteling is.

Dan begint Ibrahim Traoré weer druk te praten. De glimlach is weer terug op zijn gezicht. ,,Bij aankomst in Nederland wilde ik niets liever dan mijn vak weer oppakken. Maar bij het ROC zeiden ze: `Daar ben jij veel te dom voor.' En dat terwijl ik in Burkina Faso op de universiteit les gaf!'' roept hij uit. ,,'Ga jij maar bejaarden verzorgen', zeiden ze op het ROC.''

Toen hij dat hoorde klopte hij aan bij de UAF, een stichting voor studerende vluchtelingen. ,,Ik wilde per se Frans gaan studeren zodat ik hier les kon geven. Dit is mijn vak en mijn passie.''

Dan staat hij op, loopt naar een kast en ritst voorzichtig een afsluitbare ordner open. Trots laat hij al zijn diploma's zien: staatsexamen, zijn propedeuse, diverse cursussen Nederlands, computerdiploma en als laatste zijn verblijfsdocumenten.

In Nederland moest Traoré wennen aan de Nederlandse cultuur. Voor de praatgrage Traoré was dit een hindernis. ,,Nederlanders dragen allemaal een horloge, maar ze hebben nooit tijd. Je hebt in dit land veel geduld nodig om contacten te leggen. Toch heb ik al veel vrienden gemaakt.''

Bij aankomst in Eindhoven kwam hij voor een grote verassing te staan. ,,In Burkina Faso had ik gehoord dat er één dag in de week gratis melk uit de waterleiding kwam in Nederland. Toen ik het opvangcentrum onder de douche ging, was ik bang dat er warme melk uit de waterleiding kwam'', zegt hij lachend. ,,Ik kon niet geloven dat je in Nederland geld moet betalen voor melk, terwijl er zoveel koeien rondlopen.''

Traoré geeft nu 22 uur in de week les op de vmbo-school. Daarnaast geeft hij Franse les aan particulieren en is hij vrijwilliger bij een buurthuis. Als hij zijn eerstegraadsbevoegdheid heeft gehaald, wil hij antropologie gaan studeren op de universiteit in Leiden. ,,Hoewel ik vijf jaar in Nederland woon, blijft de Afrikaanse cultuur mij boeien. Ik wil hier niet meer weg maar door antropologie te studeren heb ik toch het gevoel dat ik iets doe voor Burkina Faso, maar dan wel op een veilige manier.''

Dit is het negende deel van een serie over vluchtelingen en hun baan in Nederland. Volgende week: een medisch consultant.