Traktoren en de lelijkste trapauto

Het is niet dom om een speelgoedwinkel te beginnen op de Noordpool. Als het maar geen filiaal is van het Blokkerimperium. In speelgoedwinkels van Blokker die Bart Smit heten of Intertoys is hetzelfde te koop. In elk winkelcentrum dichtbij is er eentje. Je reist voor dat speelgoed niet naar de Noordpool. Maar een eigenwijs met een eigen kijk op speelgoed en een eigen assortiment kan gerust ver af gaan zitten van de mensen.

Ergens waar weinig mensen wonen en geen trein stopt, verkoopt Henne van Gelderen speelgoed in een loods. Zijn klanten komen overal vandaan. Meestal met een auto. Het is in Noordbeemster, een gehuchtje in de Beemsterpolder in Noord-Holland. Ze komen tot uit Groningen en de Achterhoek naar de loods omdat er spullen te koop zijn die moeilijk, of elders helemaal niet te vinden zijn.

Van Gelderen begon vijftien jaar geleden tegen de mode in een speelgoedwinkel – de Speelmuis – in Amsterdam. De mode was Bart Smit met speelgoed van grote internationale merken en goedkope producten uit China, groot ingekocht. In elke winkel een zelfde aanbod.

Van Gelderen ging zijn eigen weg en viel op. Eigenlijk vallen alle alternatieve speelgoedwinkels op. Het is er druk. Relatief hoge prijzen maakt klanten niet uit. Ze zoeken naar dingen die de confectiehuizen niet meer verkopen.

De Speelmuis in Amsterdam puilde uit. Van Gelderen en zijn vrouw zochten opslag voor hun voorraad en vonden een landbouwschuur in Noordbeemster waar ze een woning in konden timmeren en handel in konden opslaan. Maar als je er toch zit, kun je ook de deuren open zetten voor publiek in de omgeving. De schuur werd het filiaal in de provincie van de Speelmuis in de grote stad. Geen reclame en toch kwamen ze. Klanten voor houten speelgoed, voor heimweespeelgoed en voor blikken speelgoed dat van de warenwet geen speelgoed genoemd mag worden omdat kinderen zich er pijn aan kunnen doen. Scherpe randjes.

Op de poppenhuizen en poppenhuisinterieurs kwamen ze af, dames van heinde en ver. Niet om er voor de kleine iets van te kopen, maar voor zichzelf. Een poppenhuis in een bepaalde stijl is een liefhebberij van menig volwassen vrouw, zoals er mannen zijn die op zolder een treintje rijden en daarbij zelfs een pet van de stationschef opzetten.

Henne van Gelderen leeft zich uit in een ander specialisme. Voertuigen. Hij zoekt en vindt in Nederland, Duitsland en zelfs in Rusland de mooiste en sterkste skelters, landbouwtraktoren en trapauto's.

In de confectiespeelgoedhandel is de ouderwetse trapauto ook even terug een trendje. En omdat alles voor de peuter aan het ver-Nijnen is nadat speelgoed eerst ernstig ver-WinniedePoohd was, is er nu ook een Nijntjemobiel. Een oranje trapauto – zo eentje waar Ollie B. Bommel in reed – met afbeeldingen van Nijntje er op. Voor ongeveer 140 euro. Dezelfde auto is er ook in het rood zonder Nijnfiguren en kost dan bij een postorderbedrijf 9 euro minder.

Van Gelderen koopt al jaren trapauto's van verschillende fabrikanten. Hij trekt zich van trends niets aan. Zo komt het dat alleen bij hem, en zolang zijn voorraadje nog strekt, de lelijkste trapauto ter wereld te koop is, een Russische Moskvitsj.

Hij hoorde dat de fabriek in Rusland, die echte en speelgoedauto's maakte, ging sluiten en bestelde een paar jaar geleden onmiddellijk een partij trapauto's.

Je kind wil in zo'n lelijke Rus niet op de stoep gezien worden – wel in een bespottelijk Nijnmobiel – maar de Russische auto trekt verzamelaars. En als die iets willen hebben, halen ze het desnoods op de Noordpool. De laatste exemplaren staan in de polder op zolder en kosten niet eens zo veel meer dan de Nijntje-trapauto die nog lang niet antiek is.