Nieuwe loopgraven in Ethiopië en Eritrea

Ethiopië en Eritrea maken zich op voor een nieuwe grensoorlog. Beide landen nemen een slachtofferrol aan en trekken zich weinig aan van de buitenwereld.

Kolonel Alema tuurt vanuit de Ethiopische uitkijkpost bij Badme naar de Eritrese posities. ,,We weten zeker dat zij ons hier gaan aanvallen'', zegt hij terwijl hij vanaf de rotsige heuvel over de gele vlakte wijst. ,,Het Eritrese leger heeft onlangs zes divisies gelegerd in de veiligheidszone bij Badme. Ze schenden daarmee het vredesakkoord. Wij zijn voorbereid op hun aanval en zullen ze uitroeien.''

Er dreigt een herhaling van de grootste en bloedigste conventionele oorlog van de afgelopen halve eeuw in Afrika. Tussen 1998 en 2000 vochten Ethiopië en Eritrea een grensconflict uit waarbij in totaal tussen de 70.000 en 100.000 doden vielen. Inzet was Badme, een slaperig dorpje van nog geen 5.000 zielen op de kurkdroge savanne. Een vredesverdrag eind 2000 en een uitspraak van een grenscommissie van het Permanente Hof van Arbitrage in Den Haag, twee jaar later, had aan de heftige burenruzie een einde moeten maken. Maar wat een einde had moeten zijn blijkt slechts een pauze.

De oude Haile Kidane nipt aan zijn beker honingbier. Hij kijkt vanuit zijn huisje uit over de enige straat van Badme, die aan beide zijden is gemarkeerd door ingegraven granaathulzen. ,,Tot mijn laatste druppel bloed zal ik vechten om mijn dorp Ethiopisch te laten blijven'', verkondigt hij. Ethiopië en Eritrea beloofden het vonnis van de grenscommissie te eerbiedigen, maar toen deze commissie Badme, waar de oorlog in 1998 begon, aan Eritrea toewees, begon Ethiopië tegen te stribbelen. ,,Als Ethiopië Badme verliest, verlies ik de macht'', verklaarde de Ethiopische premier Meles Zenawi. Het wettelijk correcte en internationaal gesanctioneerde vonnis om Badme aan Eritrea te geven viel politiek niet aan de Ethiopische bevolking te verkopen.

Grote militaire vrachtwagens rijden af en aan bij zowel het westelijke front bij Badme als het centrale front bij Zalambesa. ,,We hebben nieuwe loopgraven aangelegd'', vertelt kolonel Grenet bij Zalambesa, negen uur rijden van Badme. Tegen een spectaculair decor van bergen en dalen oliën zijn soldaten hun geweren. ,,We laten ons dit keer niet verrassen door de Eritreeërs, zoals bij het begin van de oorlog in 1998.'' Hij richt zijn verrekijker naar Eritrea. ,,Zie je daar die gewapende militie? Dat zijn vermomde Eritrese regeringssoldaten.''

Bronnen binnen de vredesmacht van de Verenigde Naties bevestigen de troepenversterkingen aan beide zijden. Een geschatte 300.000 soldaten, van wie 200.000 Eritrees, hebben zich in of rond de veiligheidszone verzameld. Beide landen schaften nieuw militair materieel aan.

Al direct na de ondertekening van het vredesakkoord in december 2000 begon het verdrag in slow motion te ontrafelen. Er werd geen onderling vertrouwen gewekt maar nieuw wantrouwen gekweekt. Lijken langs de frontlinies bleven maanden liggen, want beide landen lieten de VN niet toe om ze te bergen. Zelfs de priesters van de gelijkgezinde orthodoxe kerken in de twee landen ruzieden in plaats van verzoening te prediken. De omstreden grens bleef potdicht, er is nog altijd geen onderling telefoonverkeer en er zijn geen luchtverbindingen mogelijk. De gekrenkte eer en het door de strijd veroorzaakte zeer leiden welhaast onvermijdelijk naar een nieuwe confrontatie.

Door Eritrea's besluit begin vorige maand om de bewegingsvrijheid van de VN-troepen te beperken werd de spanning tussen de twee kemphanen van de Hoorn van Afrika enorm opgevoerd. ,,We zijn bang'', vertelt Taim Lemlem, de eigenaar van een koffiebar in Zalambesa, ,,we verloren al zoveel familieleden.'' Bij de vorige oorlogsronde werd geheel Zalambesa vernietigd. ,,Ik heb mijn café weer opgebouwd en nu dreig ik opnieuw alles kwijt te raken. Veel inwoners zijn uit vrees weggetrokken.''

,,Wij zullen niet de eerste kogel afvuren'', verzekert kolonel Grenet bij Zalambesa. Beide landen nemen de rol aan van het slachtoffer dat geen andere keus heeft dan zich te verdedigen. Beide landen zijn straatarm, beide regeringen verkeren in politieke problemen en onderdrukken hun opposanten. Volgens een rationele analyse komt een oorlog op dit moment ongepast. Maar ook in 1998 liet de buitenwereld zich verrassen door het onbegrijpelijke gedrag van beide koppige regeringen.

Van de buitenwereld zullen Ethiopië en Eritrea zich weinig aantrekken. Op de uitkijkpost bij Badme is de vraag niet of, maar wanneer de oorlog uitbreekt. Die spanning lijkt voorbij te gaan aan het handjevol VN-waarnemers. In het gekoelde prefab-kantoortje van de VN hangt een Russische militair met een flesje bier voor de televisie en kijkt naar de film Charlie's Angels. Hem is niets bijzonders opgevallen: ,,Een paar gestolen geiten aan de Eritrese kant, verder is hier alles rustig''.