Zelfs klein wonder is Nederlandse shorttrackers niet gegund

De Nederlandse shorttrackers stelden dit weekeinde teleur. ,,Gewoon pech'', vond coach Mogendorff.

Hoofdschuddend, wild gebarend, schreeuwend en dan weer zuchtend stond bondscoach Jan Herman Mogendorff afgelopen weekeinde langs de ijsbaan in de Haagse Uithof. De schaatstrainer van de kernploeg zag de ambities van zijn shorttrackers in twee olympische kwalificatietoernooien in rook opgaan. Dieptepunt was de uitschakeling van de aflossingsploegen, waar twee jaar lang de prioriteit lag. Individueel schaatsten de Nederlandse shorttrackers vooral ongelukkig. Alleen voor Cees Juffermans, Niels Kerstholt en Liesbeth Mau-Asam staat de deur naar Turijn op een kier.

Doel van de olympische campagne was met een tienkoppige Nederlandse equipe naar Turijn te reizen. Maar in het Italiaanse Bormio beleefden de twee aflossingsploegen vorige week een afgang tijdens het eerste kwalificatietoernooi. Doordat de mannenploeg duidelijk ervaring ontbeerde, deed Mogendorff bij het vervolg in Den Haag een beroep op de door een rugblessure gekwelde Dave Versteeg. De moedige poging van de 29-jarige shorttracker het team op sleeptouw te nemen, faalde vrijdag. Opnieuw bleef de ploeg steken in de eerste ronde en plaatste zich niet bij de beste acht landen.

,,Laten we eerlijk zijn: in Den Haag moest een klein wonder gebeuren'', zei ploeglid Cees Juffermans (23) achteraf. ,, In Bormio was de klap zwaarder. We hebben het daar verknald en bij de tweede wedstrijd in Den Haag zijn we op waarde geklopt.''

Dat kwalificatie voor Turijn niet gelukt is, betekende volgens Juffermans niet dat de prioriteiten verkeerd zijn gesteld. ,,Natuurlijk wisten we van tevoren dat het echt niet op zijn boerenfluitjes zou gaan. Je rijdt met vijf of zes landen voor twee olympische plaatsen. In Bormio hebben we het onszelf gewoon heel lastig gemaakt.''

De vrouwenploeg was al na de eerste aflossing kansloos voor de Olympische Spelen. Annita van Doorn viel uit met een braam op de schaats. Haar teamgenoten waren logischerwijs niet opgewassen tegen drie complete estafetteploegen. In Bormio overkwam de ploeg hetzelfde. Toen moest Melanie de Lange de strijd voortijdig staken met een braam op het ijzer.

Mogendorff schakelde in Den Haag een sportpsycholoog in, die de shorttrackers dan maar naar individuele olympische startbewijzen moest begeleiden. Maar Liesbeth Mau-Asam leek zaterdag te bezwijken onder de druk van het thuisvoordeel. De shorttrackster wist in Bormio een olympische nominatie in de wacht te slepen voor de 500 meter, maar ging in Den Haag lelijk onderuit. Mau-Asam viel drie keer in één heat.

Na een val waarbij drie schaatssters betrokken waren, bleef ze vlak na de herstart met een ijzer in het ijs steken. De jury besloot opnieuw de heat te neutraliseren, onder afkeurend gejoel van Italiaanse en Duitse trainers. Pardoes viel Mau-Asam op dezelfde wijze een derde keer en toonde vooralsnog geen vormbehoud.

Vielen na de deceptie in Italië harde woorden, in Den Haag verdedigde Mogendorff zijn shorttrackers. ,,Het is gewoon pech. Op dit niveau zijn de verschillen klein. Kijk hoe een wereldtopper als Ohno wordt afgeserveerd in de kwartfinale van de 500 meter.''

Behalve de geringe steun van de KNSB en sportkoepel NOC*NSF ergerde de bondscoach zich ook aan het journaille. ,,In kranten worden schaatsers zo maar afgeschreven. De vrouwenaflossingsploeg kreeg voor de tweede keer binnen een week te maken met een botte schaats. Bij de mannen was er de blessure van Dave Versteeg. Liesbeth Mau-Asam valt drie keer en Thomas Mogendorff wordt twijfelachtig gediskwalificeerd. Het is typisch Nederlands overal maar op te zeiken. Ik wil niet als een jankerd klinken, maar het is de realiteit dat we niet gelukkig waren.''

Eén shorttracker voldeed uiteindelijk op de slotdag aan de kwalificatie-eisen voor Turijn. De 22-jarige Niels Kerstholt behaalde in Den Haag een zeventiende plaats op de 1.000 meter. In Bormio eindigde de Utrechter als twaalfde, waardoor hij in het eindklassement in de toptien zou belanden. NOC*NSF eiste een positie bij de beste twaalf, maar toch is het niet zeker dat Kerstholt naar Italië gaat.

Door de ingewikkelde kwalificatiestructuur van de internationale schaatsunie ISU en de door de Nederlandse sportkoepel toegevoegde eisen, maakt ook Juffermans een kans. Hij haalde in Den Haag een olympische nominatie op de 1.500 meter binnen, naast die op de 1.000 meter van Bormio. Net als Mau-Asam liet hij echter na vormbehoud te tonen in eigen land.

Door de regelgeving moeten de drie shorttrackers wachten op het gepuzzel van sportbonden. Kerstholt en Juffermans menen recht te hebben op een ticket naar Turijn. Maar NOC*NSF gaat pas met de schaatsbond om de tafel als duidelijk is hoeveel startbewijzen Nederland heeft. Het is waarschijnlijk dat de shorttrackers vormbehoud moeten tonen op de EK in januari. Zeker wat betreft het gebrek aan duidelijkheid naar de shorttrackers toe zijn de ergernissen van de bondscoach begrijpelijk.