Media misleidend over moorden

Weer drie doden door een schietpartij. Wie afgaat op de media, denkt dat er steeds meer wordt gemoord in Nederland. De werkelijkheid is anders.

Het aantal moorden in Nederland neemt de laatste tien jaar niet toe. Sinds midden jaren negentig vallen er jaarlijks circa 250 slachtoffers van moord of doodslag. Zo'n tweehonderd hiervan zijn Nederlandse ingezetenen, de overigen zijn toeristen of illegalen. Dit blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Cijfers over 2005 zijn pas in juli 2006 beschikbaar, meldt het CBS. De recente liquidaties in Amsterdam en de schietpartij in Rotterdam zorgen niet per se voor een trendbreuk, zegt Paul Nieuwbeerta, onderzoeker bij het NSCR. ,,Misschien gebeurt er de komende weken niets, en komen we op jaarbasis weer uit op hetzelfde aantal.'' Nieuwbeerta analyseerde alle moordzaken in Nederland sinds 1992. Sinds dat jaar zijn er geen duidelijke trends aan te wijzen in de aard van de moorden. Het aantal slachtoffers van bijvoorbeeld criminele afrekeningen of huiselijk geweld is door de jaren heen stabiel. Tussen 1992 en 2001 was elf procent van de slachtoffers afkomstig uit het criminele milieu.

Over een lange periode is er wel sprake van een sterke toename van het aantal moorden. Tussen 1911 en 1930 waren er gemiddeld bijna twintig slachtoffers van moord of doodslag, tussen 1940 en 1970 waren dat er veertig. De stijging vond vooral plaats tussen 1965 en 1990, naar het huidige relatieve aantal slachtoffers van 1,2 per 100.000 inwoners.

Ondanks de gelijkblijvende cijfers, denken veel burgers dat het aantal moorden toeneemt. Die discrepantie wordt volgens communicatiewetenschapper Juliette Walma van der Molen, verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, veroorzaakt door de berichtgeving in de media. ,,De aandacht voor criminaliteit is onevenredig groot. De omvang neemt toe en de toon wordt emotioneler, met meer aandacht voor slachtoffers. Hoe meer nieuws afwijkt van de norm, hoe groter de nieuwswaarde. Wie geen tegenvoorbeelden krijgt, gaat denken dat de afwijking de norm is. Bij de consument speelt ook selectieve waarneming: gruwelverhalen maken meer indruk.''

Volgens Walma van der Molen is er met name in de VS veel `cultivatie-onderzoek' gedaan, onderzoek naar het cultiveren van een beeld van de werkelijkheid door de media. ,,Burgers geven zelf aan aan dat ze twee sentimenten overhouden aan de onevenredige aandacht voor criminaliteit. Ze beschouwen de wereld, met name grote steden, als een enge plek en ze achten de kans groot dat ze zelf slachoffer worden.''

Uit recent onderzoek van Walma van der Molen naar nieuwsconsumptie van acht- tot tienjarigen, blijkt een forse toename van hun `angstreacties'. ,,Vijf jaar geleden werd 35 procent van deze groep bang door het kijken naar Jeugdjournaal of volwassenennieuws. Nu is dat 65 procent. Ze zijn bang voor oorlog of terrorisme, minder voor interpersoonlijk geweld. Dat ze zich zorgen maken is niet per se slecht, maar de toename is opmerkelijk.''