De man die alles aaneen lijmt

Hans van Beers zit diep in een netwerk van bestuurders, die de grootste culturele instellingen in dit land leiden. Hij redde het Stedelijk Museum en is nu directeur van het Amsterdams Conservatorium. Een charmante brabander, die snel beslist. En dan weer vertrekt. ,,Ik vind dat hij zijn job had moeten afmaken.''

Bij de feestelijke afscheidsbijeenkomst van Hans van Beers als directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam nam ook een schoonmaakster even het woord. Zij hield een volgens velen `ontroerende' speech over de toegankelijkheid van Hans van Beers, bij wie ze altijd met haar stofzuiger kon binnenvallen. Van buiten klonk bouwlawaai, afkomstig van de nieuwbouw van het Amsterdams Conservatorium, waar Hans van Beers net is aangetreden als directeur. Zo kondigde Van Beers' nieuwe baan zich luidruchtig aan, terwijl zijn oude net was beëindigd.

Hans van Beers (63 jaar) is een geliefd bestuurder in de wereld van cultuur en media, die tal van gereputeerde instellingen heeft geleid. De voormalige onderwijzer is een `kunstpaus' geworden en dat doet hem deugd. ,,Als tiener was ik een enthousiaste jazz-slagwerker, maar ik had net niet genoeg talent voor een bestaan als muzikant'', zegt Van Beers. Nu is Van Beers bestuurder bij onder meer het Festival voor Oude Muziek en het Gergjev Festival. Van Beers: ,,Nederland heeft een geweldig rijk cultuurleven en ik ben blij dat ik daarin een rol mag spelen.''

De rol die Van Beers telkens speelt is die van een doortastend bestuurder die goed met mensen kan omgaan. Met zijn toegankelijke houding en droge humor schept hij een ontspannen en optimistische sfeer, zeggen kennissen en werknemers.

De buitenwereld kan zijn humor kennen van gastoptredens in Radio Bergeijk, een persiflage op een provinciaals radiostation. Van Beers speelde daarin een xenofobe politicus die veel weghad van Pim Fortuyn. ,,Hij vond het altijd al leuk om rabiaat-rechtse borrelpraat te persifleren, nu had hij daarvoor een personage gevonden'', zegt regisseur Jan Vermaas. Tegenwoordig speelt Van Beers af en toe een pedofiele pastoor.

Humor is een wapen voor Van Beers, vooral om beslissingen door te drukken. Begin jaren negentig was hij bestuursvoorzitter bij de stichting Cultureel Jongerenpaspoort, die toen kampte met personele problemen. ,,Eerst laat hij mensen een beetje door elkaar praten en dan zegt hij: `Zo, en dan gaan we het nu zo doen'. Dat kan hij alleen maken, doordat hij dat inleidt met een grap. Haast iedereen gaat dan akkoord'', vertelt Melle Daamen, destijds medebestuurder en nu directeur van de Stadsschouwburg Amsterdam.

Daamen behoort tot het netwerk van Van Beers – met nog vele anderen. Van Beers heeft een klein, zwart adresboekje dat vol staat met telefoonnummers. ,,Toen hij dat een keer kwijt was, was zijn paniek enorm'', zegt Joop Daalmeijer, hoofdredacteur van de Wereldomroep, die Van Beers kent uit zijn omroeptijd. Dát boekje is nooit teruggevonden, zegt Van Beers met een gepijnigde grimas: ,,Het was een ramp, veertig jaar telefoonnummers verzamelen in een keer weg.''

Van Beers belt graag, of stuurt een sms. Over PSV bijvoorbeeld, de geliefde voetbalclub uit Van Beers' geboortestad Eindhoven. Boezemvriend Jan Smeets, baas van Pinkpop, zegt: ,,We hebben veel berichten heen en weer gestuurd over ex-PSV'er Mark van Bommel, die natuurlijk in het Nederlands elftal moet spelen.'' Maar netwerken is natuurlijk ook nuttig om mensen voor je te winnen.

Bij het Stedelijk Museum was dat hard nodig. Dit ooit toonaangevende museum bevond zich enkele jaren geleden in een moeras, door jarenlange verwaarlozing en mismanagement. Van Beers werd in 2003 benoemd op voorspraak van Wim Crouwel, oud-directeur van Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam, de stad waar de mannen elkaar leerden kennen. Meteen na zijn aantreden ging Van Beers aan de slag om geld binnen te halen bij de gemeente en bedrijven. Met wethouder Hannah Belliot (Cultuur, PvdA) kreeg hij al snel een goede verstandhouding. ,,Terwijl veel mensen uit de kunstwereld gingen lobbyen bij burgemeester Cohen, hield Van Beers vast aan Hannah. Dat wekte haar vertrouwen'', zegt Martijn de Greve, voormalig woordvoerder van Belliot.

Belliot was bereid om nog eens 10 miljoen euro te geven, maar haar partijgenoot Rob Oudkerk lag dwars in het college. Pas toen de VVD Belliot steunde, ging ook de PvdA om. Van Beers had daarvoor flink ingepraat op wethouder Geert Dales (VVD) en op de rest van de Amsterdamse wethouders en raadsleden. Uiteindelijk praatte Van Beers nog eens 20 miljoen euro los bij bedrijven, met hulp van zakenmensen als Morris Tabaksblat en Cor van Zadelhoff. Deze mannen mochten strijken met de eer, net als Belliot. ,,Hij is er goed in, mensen die daar prijs op stellen de grandeur mee te geven'', zegt De Greve.

Na nog geen twee jaar is Van Beers al weer weg. En de nieuwbouw moet nog beginnen. Is dat niet erg snel? Hij heeft bereikt wat wij wilden, zegt desgevraagd commissie-voorzitter Martijn Sanders (directeur van het Concertgebouw). ,,De nieuwbouw is in gang gezet, de verzelfstandiging is nagenoeg rond, er zijn sponsors gevonden en onder het personeel is sprake van een nieuw elan.''

Bovendien is het ,,tevoren afgesproken dat Van Beers zo kort zou blijven'', zegt Wim Crouwel, voorzitter van de commissie die de vernieuwing van het Stedelijk begeleidt. Naar verluidt zal de verbouwing duurder uitvallen. Het ontwerp komt van het architectenbureau Benthem Crouwel, waar de zoon van Crouwel, Mels, als architect aan is verbonden. Crouwel: ,,Van mijn zoon heb ik begrepen dat hij nog te duur is, maar dat dit zal worden opgelost.''

De geboorte van Hans van Beers als cultuurbestuurder valt samen met het ontstaan van Pinkpop, Nederlands grootste popfestival. Na een kort bestaan als onderwijzer dook Hans van Beers eind jaren zestig op in Maastricht, waar hij een kunstzinnig jongerencentrum leidde. Hij vormde al gauw een vriendenclub met onder meer jongerenwerker Jan Smeets, thans mister Pinkpop. ,,In 1970 kregen we de zangers Melanie aangeboden. Helaas ging het optreden niet door, maar we besloten andere muziekacts te contracteren voor een festival'', vertelt Smeets. Dat festival werd Pinkpop. De oprichters gaan nog elk jaar samen met vakantie in Zuid-Frankrijk.

Van Beers verliet het bestuur van Pinkpop in 1979, toen het festival zijn hoogtepunt beleefde. Al eerder, in 1974, was Hans van Beers in Den Bosch wethouder geworden voor de PvdA; eerst van sociale zaken en welzijn, later van cultuur. Het waren de jaren zeventig, waarin de almacht van de KVP in Brabant afbrokkelde en binnen de PvdA een richtingenstrijd woedde. ,,Hans hield zich buiten de strijd tussen Nieuw Links en de vakbondsvleugel van de partij, terwijl hij ook met de KVP-mensen goed overweg kon'', zegt toenmalig raadslid Joke van de Beek (PvdA).

Gewone mensen uit Den Bosch konden zo bij Van Beers binnenlopen, vertelt Wim Claessens. Claessens behoort tot de Pinkpop-vriendenclub en zat destijds in de stedelijke jeugdraad (,,Hans had me gewezen op de vacature''). ,,We hadden een te groot woonwagenkamp bij Den Bosch dat problemen gaf. Dan zaten al die families uit dat kamp bij hem aan tafel en klaagden over onderlinge ruzies en gebrekkige voorzieningen.'' Die problemen werden pas na Van Beers' tijd opgelost.

Succesvoller was Van Beers met het aanboren van geldbronnen voor cultuur. Zijn grootste stunt daarbij was de steun voor het Noord-Brabants Museum, een nieuw gebouw van Wim Quist. Onder veel publiciteit doneerde het stadsbestuur zoveel geld, dat de provincie niet kon achterblijven. `Een staaltje cultureel koopmanschap', noemde Van Beers dat en bij de opening speelde hij op de drum. Van Beers nu: ,,De binnentuin is schitterend – jammer dat zo weinigen die kennen.'' Het museum is zijn grootste wapenfeit als wethouder, naast initiatieven die zouden leiden tot een nieuw theater en een popzaal – na zijn tijd.

Van Beers vertrok in 1992 om in Amsterdam welzijnsdiensten te reorganiseren. ,,De partij vond acht jaar genoeg'', zegt zijn opvolgster Joke van Beek. Maar Van Beers was nu gepokt en gemazeld in de lokale politiek en had voorgoed het stempel van cultuurbestuurder.

Dankzij dit stempel kon de Amsterdamse gemeenteambtenaar in 1986 als directeur aan de slag bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest. ,,Een directeur was voor mij altijd iemand ver weg in een kamer. Maar Van Beers liep altijd rond en voerde met iedereen gesprekken'', zegt piccolospeler Wim Steinmann. In een wereld vol prima donna's was Van Beers relativerende aanpak een verademing, vindt Steinmann. ,,Hij kon bijvoorbeeld meesterlijk een zeurende musicus nadoen. Zo hield hij ons een spiegel voor.''

Zijn belangrijkste daad, de benoeming van een chefdirigent in 1990, pakte echter verkeerd uit. Zelf had Van Beers toen al een voorkeur voor de Rus Valeri Gergjev, vertelt hij nu. Maar het orkest wilde de Brit Jeffrey Tate en kreeg zijn zin. Nadat Tate in 1991 was aangetreden, bleek het tussen hem en het orkest echter niet te boteren. Steinmann: ,,In al die jaren heb ik met Tate geen woord gewisseld.''

Van Beers was voor de komst van Tate al vertrokken naar de VPRO: ,,Ja, onder meer vanwege Tate. Hij was een beschaafde, geëngageerde man, maar niet inspirerend.'' Steinmann neemt Van Beers dat vertrek `een beetje' kwalijk: ,,Van Beers was na vier jaar net klaar met de reorganisatie op kantoor en was nu toe aan de rest. Ik vind dat hij zijn job had moeten afmaken.'' Van Beers vindt dat hij niet anders kon: ,,De tv – en dan vooral de VPRO – was een soort jongensdroom.''

In Hilversum heeft Van Beers twaalf jaar doorgebracht. Eerst als directeur bij de VPRO, later als lid van de raad van bestuur van de Publieke Omroep (voorheen NOS) en uiteindelijk als netmanager van Nederland 3. Van Beers is een echte `tv-maniak', zegt Joop Daalmeijer. ,,Hij kijkt alles. Soms kreeg ik om half twee 's nacht nog een sms van hem met de tekst: `Ik zit nu net een mooi programma op BBC2 te kijken, moeten we dat niet kopen?''' Op het moment dat Van Beers aankwam, waren de omroepen nogal aangeslagen door het succes van de jonge commerciële zenders.

De VPRO verkeerde in een identiteitscrisis. Van Beers wist ook hier veel medewerkers snel te enthousiasmeren, zegt radiomaker Jan Vermaas: ,,De kracht van Van Beers is dat hij met een geintje alles kan relativeren en tegelijkertijd daadkrachtig is.'' Zo wist Van Beers de VPRO tot een A-omroep te maken en het nieuwe hoofdgebouw te realiseren. Dat gebouw is bij veel medewerkers overigens niet geliefd.

Hans Maarten van den Brink, voormalig directeur televisie bij de VPRO, is minder enthousiast dan de anderen: ,,De VPRO staat er slechter voor dan ooit. Dat ligt voor een groot deel aan het hele omroepstelsel, maar twee zaken staan op het conto van Van Beers. Allereerst het nieuwe gebouw: ik vind het erg mooi, maar het is een eeuwig blok aan het been. Ten tweede heeft hij stilletjes de aloude doelstelling van de VPRO – een nationale omroep zonder achterban – losgelaten en van de VPRO meer een omroep gemaakt met een achterban, zoals de VARA.''

Van Beers is nog steeds trots op het VPRO-gebouw, zegt hij. Inderdaad is de VPRO meer gaan lijken op de andere omroepen, zegt hij, om te overleven: ,,Met oud-voorzitter Heerma van Voss zeg ik: de VPRO wil zichzelf nog steeds opheffen, maar niet als eerste.'' Hij erkent dat zijn gemakkelijke omgang met de andere omroepbazen hem in 1998 in het bestuur van de Publieke Omroep heeft gebracht: ,,Ik was erg vereerd dat de anderen mij voor die functie hebben voorgedragen.''

Die functie heeft Van Beers weinig vreugde gebracht. Eind jaren negentig werd de `zenderkleuring' ingevoerd: de drie netten kregen elk een eigen profiel en de programma's moesten daarop worden afgestemd. De omroepen wilden hun programma's echter op hun eigen net houden, voor hun herkenbaarheid. ,,Het is nog steeds niet zo dat de Publieke Omroep bepaalt op welk net de tv-programma's van de omroepen het beste tot hun recht komen. Dat is hem niet gelukt, en dat lukt ook niemand'', zegt Joop Daalmeijer.

Van Beers werd in 2002 nog even netmanager van Nederland 3 voor hij in 2003 vertrok naar het Stedelijk Museum: ,,Een kans die ik niet kon laten liggen.''

Weer een klus voor Van Beers. Tot vreugde van velen, zo blijkt: waar hij komt krijgen mensen inspiratie en geloof in eigen kunnen. ,,Ik mag hem graag. Het zal ook aan mij liggen dat ik moeite heb met zijn stijl'', zegt Hans Maarten van den Brink: ,,Van Beers is ook een zachte heelmeester.'' Hij laat de grote problemen liggen, vindt Van den Brink: ,,Hij is nog altijd de Bossche wethouder, die alles aan elkaar lijmt – aan elkaar frot, zoals ie zelf zegt.'' Nou ja, zegt Van Beers: ,,Continuïteit is ook een kracht. Ik wil dingen door laten gaan, en dan wel de goede kant op.''