Camille Claudel in bad van klei

Als een boertige beer zit de beeldhouwer August Rodin in zijn atelier te eten. De witte ruimte baadt in stoffig ochtendlicht. In de hoek staat het beeld De denker, met zijn rug naar ons toe. Een bak water, een draaischijf, een bak klei. Er wordt geklopt, een meisje komt binnen, nette mantel aan, maar wel met vegen witte klei. Ze stelt zich voor: ,,Camille Claudel.'' Verder wordt er nauwelijks gesproken. Claudel zet een pakje op tafel, dan verdwijnt ze weer. Rodin blijft verbaasd achter, verliefd aaiend over de uit marmer gehouwen voet die zij heeft achtergelaten.

Met deze prachtige scène opent het toneelstuk Camille Claudel van de Paardenkathedraal. De Franse beeldhouwster Camille Claudel (1863-1943) was de leerlinge, maîtresse en muze van de veel oudere August Rodin. Toen zij zich uit zijn schaduw probeerde te worstelen, kwam ze in een inrichting. Na haar dood bleef haar kunst in de schaduw staan van haar romantische levensverhaal.

Ook in de voorstelling van regisseur Dirk Tanghe krijgen we niets van haar kunst en veel van haar leven te zien. Camille Claudel is deels gebaseerd op teksten van dramaturg Noël Fischer, en deels op wat de spelers zelf aandroegen aan improvisaties en brieven die zij namens hun personages aan elkaar schreven. Dat leidt tot een zeer wisselvallig stuk.

Er zitten nauwelijks dialogen in, of traditionele toneelscènes. Tanghe wisselt zwijgende gespeelde scènes af met gesproken brieven; monologen die de spelers tegen elkaar houden, zonder direct weerwoord. Daardoor gaat veel drama verloren.

De monologen zijn te plat, te eenduidig, teveel in de lijn van een klassieke biografie. Een dominante moeder is een prototype dominante moeder, en niets meer of anders. In deze vorm komt de breuk tussen Claudel en Rodin onverwachts. Camille Claudel wijst haar leermeester in scherpe bewoordingen af, maar daarvoor hebben we alleen de liefde gezien, niet de verwijdering.

De sfeervolle zwijgende scènes zijn beter. Vooral de liefde tussen Rodin en Claudel wordt mooi verbeeld, met als hoogtepunt het moment dat Rodin zijn liefde uitkleedt en insmeert met kleiwater. Marleen Scholten schept een felle en kwetsbare Claudel om verliefd op te worden, de harige Bas Keijzer, als Rodin, is een sterk maar wat eenzijdig kunstbeest.

Voorstelling: Camille Claudel, door de Paardenkathedraal. Gezien: 18/11 Paardenkathedraal, Utrecht. Aldaar t/m 14/1. Inl. 030-2762559 of www.paardenkathedraal.nl.