Amsterdam bouwt nieuwe cultuurtempels

Terwijl bijna elke hoofdstad in Europa allang furore maakt met bijzondere museumgebouwen, verzandden de plannen in Amsterdam steeds in gekrakeel. Pas nu komt er vaart in de bouw.

De golf nieuwe, grote museumgebouwen die over West-Europa en de Verenigde Staten heenging, bereikte Nederland laat, en Amsterdam nog veel later. Na het succes van het in 1977 voltooide Centre Pompidou in Parijs kreeg bijna elke West-Europese stad van betekenis in de jaren tachtig een blinkend nieuw museum, liefst van een beroemde architect. Maar in Nederland verschenen de eerste nieuwe, opzienbarende museumgebouwen pas in de loop van de jaren negentig. Zo kreeg Groningen in 1994 het bonte Groninger Museum naar een ontwerp van Alessandro Mendini. Niet veel later verscheen in Maastricht een nieuw, door Aldo Rossi ontworpen Bonnefantenmuseum.

In Amsterdam was toen het Stedelijk Museum, dat eens gold als een van de meest vooraanstaande musea voor moderne kunst van Europa, al jarenlang bezig met het maken van plannen voor een nieuwe uitbreiding van het oude museumgebouw aan het huidige Museumplein. Maar nu pas, tien jaar later en na veel getouwtrek tussen museumbestuur, de gemeente Amsterdam, architecten, sponsors en het Rijk, heeft het er alle schijn van dat het Stedelijk Museum zijn uitbreiding krijgt. Het oude museumgebouw is inmiddels gesloten en het architectenbureau Benthem/Crouwel werkt hard aan een definitief ontwerp. In 2008 moet de nieuwbouw klaar zijn.

De uitbreiding van het Stedelijk Museum volgt op restauraties, uitbreidingen en nieuwbouw van verschillende Amsterdamse cultuurtempels, zoals het opzienbarende Muziekgebouw aan het IJ dat afgelopen zomer open ging en de grondige restauratie van theater Carré dat in 2004 heropende. Maar het Stedelijk Museum is lang niet het enige grote culturele bouwproject dat in Amsterdam nu wordt uitgevoerd of op stapel staat. De belangrijkste zijn:

Restauratie en uitbreiding van het Rijksmuseum voor ruim 450 miljoen euro, het grootste bouwbudget voor een museum in de Nederlandse geschiedenis.

De verbouwing en uitbreiding van de Stadsschouwburg en popcentrum De Melkweg die op en bij het Leidsplein één geheel gaan vormen.

De verbouwing van het Nieuwe de la Mar-theater en de Cinerama-bioscoop bij het Leidseplein in opdracht van Joop van den Ende. Geplande opening: 2006.

De bouw van het Van den Ende Theater in Amsterdam-Zuid naar een ontwerp van Jo Coenen, dat in 2007 klaar moet zijn.

De nieuwe bibliotheek aan het Oosterdok, ook naar een ontwerp van Jo Coenen, waarvan de bouw al is gevorderd.

Een nieuw gebouw voor het Sweelinck Conservatorium van architect Frits van Dongen, ook aan het Oosterdok.

De Music Dome, een grote popmuziekzaal voor 15.000 toeschouwers aan de ArenA-boulevard waar sinds 2001 de Heineken Muziekhal is gevestigd. Moet in 2009 klaar zijn.

Een nieuw centrum voor design, mode en creatie aan de Zuid-As, de nieuwe wijk met kantoren en woningen langs de ringweg in Amsterdam-Zuid.

Een nieuw gebouw voor het Filmmuseum in Amsterdam-Noord, naar een ontwerp van Delugan Meissl Associated Architects.

Als al deze gebouwen inderdaad worden gebouwd en niet alsnog slachtoffer worden van het bestuurlijke gedraal waaronder de uitbreiding van het Stedelijk Museum lang heeft geleden, dan zal Amsterdam in 2010 zijn culturele achterstand op andere Europese steden hebben ingelopen.