Vechtsport

Een half uur na aanvang van de capoeira-training volgt een verzoek of de ramen van de Utrechtse gymzaal open mogen om frisse lucht binnen te laten, er wordt geklaagd over duizeligheid en vermoeidheid. Wat aanvankelijk oogde als een vredige dansles, ontpopt zich spoedig als een heuse vechtsporttraining. De geblokte Braziliaanse (capoeira)professor Picapau (Specht) en zijn Nederlandse vrouw trachten deze Braziliaanse vechtsport middels hun Casca Dura (Harde Bast) Capoeira Company aan aanhangers te helpen. Doordat de prijzen van vliegtickets richting dat warme prachtland momenteel onwaarschijnlijk laag zijn, is het voor de leerlingen mogelijk om er eens een kijkje te nemen en daar de sfeer, die bij deze lokale vechtsport hoort, op te snuiven. De aantrekkingskracht is de mengeling van acrobatiek, vecht- en danskunst. Na twee uur keihard trainen door de merendeels studenten volgt de gezamenlijke afsluiting. Leraren en leerlingen vormen een roda (kring), nemen tamboerijn, koebel, trommel en een mij tot dusver onbekend snaarinstrument (berimbau) ter hand en barsten uit in het zingen van het clublied. In de kring vinden schijngevechten plaats, de leerlingen laten zien of ze al vorderingen hebben gemaakt. Het woord gevecht wil men hier niet horen, men spreekt liever van spel. En even, heel even waan ik me aanwezig bij een zang- en dansbijeenkomst van ditmaal in het wit geklede aanhangers van de overleden Baghwan.

Dit is de eerste aflevering van een serie over vechtsporten.