Vaarwel, vrouwen

Oscar Kocken (21) komt zichzelf tegen en zweert de vrouwheid af

En toch ging ik er gewoon mee door. Ik was Oscar de Onweerstaanbare en ik zou het blijven ook. Oscar de Onbereikbare, zelfverklaard liefdesgoeroe, wereldkampioen verleiden, professioneel vrijgezel. Tot wervelende hoogtepunten zou ik mijn wederhelften weten op te werken. Tijdelijke levenspartners zouden beurtelings om mij heen buitelen. Ik zou teleurstellen en teleurgesteld worden. Met alle plezier. Niets zou ik me aantrekken van mijn rivalen, somberende mannen, gedesillusioneerde collegae, en nog minder van mijn prooi: de vrouwheid. Niets zou ik mij gelegen laten liggen aan de telkens opnieuw tot in den treure geuite adviezen. Want men had mij er al herhaaldelijk en tevergeefs op gewezen, de rechter wijsvinger hoog opgeheven, mij vanonder laaghangende wenkbrauwen aangekeken, met barse stem declamerend: `Jij komt jezelf nog wel eens tegen!

`Jij komt jezelf nog wel eens tegen!'

`Jij komt jezelf nog wel eens tegen!

`Onzin, dacht ik steeds, dat zijn literaire geintjes van het kaliber Belcampo, Dostojevski, Ovidius. Niks voor mij, hoogmoedswaanzin, zelfverheerlijking. En toen was het zover. Ik zat op mijn vaste plek in mijn vaste café in mijn vaste stad, sloeg met vaste hand mijn vaste drankje alvast achterover en kwam hopeloos vast te zitten in mijn gemijmer over mijn vele malen lossere vriendinnen. En toen keek ik op. En toen zag ik het. Omgeven door een rookgordijn. Daar zat ik. In een hoekje. Graaiend in een bakje cashewnootjes. Ik zag er slecht uit, leek uitgeblust, somber, gedesillusioneerd. En in de verste verte was geen smachtende vrouw te bekennen.

Ik liep op me af.

,,Waarom kom uitgerekend ik mijzelf nu weer tegen?'', vroeg ik verward.

,,Een gewaarschuwd mens telt voor twee'', antwoordde ik bijdehand. Ik knikte. Ik had gelijk.

Daar zat ik dus met z'n tweeën. In alle vroegte. In een café waar ik niet hoorde. Laat staan twee keer. En ik kon er niets aan doen, maar ik vroeg me toch vooral af wie er nu een verzinsel van wie was.

Ik bestelde twee drankjes.

,,Oscar'', zei ik, ,,je leven moet op de schop. Zo kan het niet langer, je imago gaat met je aan de haal, je kunt de verwachtingen niet waarmaken, je móet iets doen. Het is tijd om een grootse daad te stellen.''

Ik was het roerend met me eens. Een grootse daad, dat klonk geil. Reken maar dat zoiets indruk zou maken op de vrouwen. Ik kuchte voordat ik verder ging met mijn advies.

,,Jij moet de vrouwheid afzweren.'' Ik verslikte me. Er viel een korte stilte. Ik herhaalde het voor mezelf: ,,Ik moet de vrouwheid afzweren?''

Ik knikte. Eerlijk gezegd had ik een klein beetje moeite met deze plotselinge wending, maar ik gunde mezelf geen enkele tijd om het te laten bezinken. ,,Precies, een celibatair leven leiden, dat moet je. Niet meer die borsten en billen als eerste levensbehoefte. Niet meer om elke vinger een vrouw. Ga jij maar eens iets totaal anders doen. Over politiek schrijven, bijvoorbeeld. De wantoestanden in de wereld. Vrijheid van meningsuiting. Verbrande asielzoekers, terroristische aanslagen, falend regeringsbeleid. Zoiets.''

Ik moest even op adem komen. Dat was me nog eens wat. De hele vrouwheid afzweren. Het hoe en waarom van deze hele onderneming was me nog niet geheel duidelijk, maar ik besloot daar nu niet al te moeilijk over te doen. Eerst de praktische uitvoerbaarheid. ,,Kan ik het niet langzaam afbouwen?'', probeerde ik. ,,Nee'', vond ik. ,,In één keer stoppen is beter.''

Mijn god, wat voelde ik mij een junk. Met trillende vingers stak ik een sigaret op, nam een flinke slok van mijn bier en liet alles even mijn gedachte passeren. Leuke vrouwen, grappige vrouwen, lieve vrouwen, zachte vrouwen, fijne vrouwen, mooie vrouwen, knappe vrouwen, vrouwe vrouwen. En als een echte verslaafde hield ik mijzelf voor: ik kon prima zonder. ,,Ja'', zei ik stoer. En nog eens: ,,Ja'', nu iets harder. En uiteindelijk zelfs: ,,Ja!''

Ik zou voorgoed de vrouwheid afzweren. Weg ermee. Hopla. Wat zullen ze op hun neus kijken, die vrouwen. Nooit zullen ze me meer teleur kunnen stellen. Ha! Eeuwig zonde, maar niets meer aan te doen. Ik had mijn keuze gemaakt. Zo. Ik ging een nieuw tijdperk in als Oscar de Ongevoelige. Vrouwheid, vaarwel!

Dat was het dan. Ik pakte mijn jas. Stond op. Liet het laatste restje bier staan. Liep naar de deur, weg hier. Veel te veel mooie barmeisjes hier, straks viel mijn nobele plan nog in duigen. Naar huis, dat was het enige wat hielp.

Ik trok de deur stevig achter me dicht en toen zag ik iets vreselijks:

het mooie barmeisje keek me aan.

Ik keek terug.

Het mooie barmeisje lachte naar me.

Ik lachte terug.

Het mooie barmeisje krabbelde iets op een bierviltje.

Ik krabbelde terug.