Rockbassist draagt voor

Rockbassist Chi Ceng dicht en Wim de Bie zingt op het Haagse Crossing Border Festival dat gisteravond in Den Haag werd geopend. Echt hip is het niet meer.

In zijn andere leven is hij bassist bij de Amerikaanse rockband The Deftones, maar hier, vrijdagavond op het Crossing Border-festival in Den Haag, treedt hij op in de hoedanigheid van dichter. Met zijn lange haar, zwarte sik en onderarmen vol tatoeages van slangen en draken ziet Chi Cheng eruit als een bendelid, maar hij gedraagt zich als een schuchter schooljongetje dat zijn eerste spreekbeurt komt houden. Cheng betreedt het podium getooid met een rugzak, waaruit hij stuntelig een beduimeld schriftje haalt, en verontschuldigt zich direct: ,,I am disorganised as a poet.''

Als hij met monotone stem zijn gedichten over seks, prostituees en de democratie van het huwelijk begint voor te dragen, wordt direct duidelijk dat Charles Bukowski zijn grote held is. Met een fles rode wijn en een asbak met brandende peuk binnen handbereik probeert Cheng in de voetsporen van de alcoholische schrijver te treden. Zo nu en dan roept hij iets stoers richting publiek, zoals: ,,If I get drunk and repeat a poem, then say fuck you.'' Maar zonder basgitaar blijft er van zijn stoerheid weinig over. Een popmuzikant die achter een doodgewoon tafeltje wat gedichten voorleest is niet zo rock `n' roll.

Even verderop, in zaal 3 van het Theater aan het Spui, hebben twee andere rockers uit Amerika meer succes met hun verhalende liedjes over moord en doodslag. Two Gallants uit San Francisco, genoemd naar een kort verhaal van James Joyce, bestaat net als popband The White Stripes uit slechts een drummer en een gitarist, maar slaagt er desalniettemin in aardig wat herrie te produceren. Adam Stephens zingt, met het ruige stemgeluid van Pogues-zanger Shane MacGowan, oneliners die direct blijven hangen: ,,I shot my wife today/ Dropped her body in the Frisco Bay.'' (,,Ik schoot mijn liefde neer/ Haar lichaam ligt in het Spartelmeer'')

Er zijn talrijke manieren om literatuur en popmuziek te combineren en allemaal kwamen ze gisteravond, tijdens de dertiende editie van Crossing Border, aan bod. Wim de Bie zong zijn teksten a capella, de Griekse zanger Vassilis Lekkas wisselde zijn liederen af met oud-Griekse gedichten, en Jan van Mersbergen liet zijn roman De hemelrat muzikaal omlijsten door de country van de Rootsclub.

Crossing Border is een vergaarbak, maar dat is ook de charme van het festival. Je loopt van een dampend popzaaltje, waar het Belgische Das Pop een spetterende ode aan cultheld Daniel Johnston brengt, via een theaterzaal waar de Portugese fadozangeres Misia op hemelse wijze gedichten van Lidia Jorge en Jose Saramago voordraagt, naar een intiem keldertje waar schrijfster Kitty Fitzgerald wordt geïnterviewd over het Britse platteland. En onderweg pik je de Britpop van I Am Kloot mee.

Echte bekende namen ontbreken op deze editie - publiekstrekker Michel Houellebecq bijvoorbeeld heeft afgezegd. Door dat gebrek aan uitschieters maakt deze Crossing Border een wat matte indruk. Echt hip kun je het festival, dat voornamelijk door oudere jongeren wordt bezocht, niet meer noemen. Jonge beloftes ontbreken, of het moet de Britse schrijver Michael Smith zijn, die in 2006 zijn eerste novelle The Giro Playboy zal uitbrengen. In de Engelse kunstscene heeft Smith een flinke reputatie opgebouwd - hij wordt er vergeleken met DBC Pierre - maar in Den Haag maken zijn teksten weinig indruk. Terwijl muzikant Flora verveeld wat lounge-achtige tonen uit zijn Apple-notebook tovert, vertelt Smith een verhaaltje over het leven in een Engels kustplaatsje. Wie zijn ogen sluit, valt direct in slaap.

Crossing Border. T/m 20 november op diverse locaties in Den Haag. Inl: www.crossingborder.nl