Voorspelt Duitsland onze fiscale toekomst?

Juristen hebben veel aan Napoleon te danken; hele wetboeken kwamen uit Frankrijk. Maar fiscalisten zijn de Duitsers schatplichtig. Complete belastingwetten hebben we begin vorige eeuw uit Duitsland geïmporteerd. Misschien werkt het deze week in Duitsland aanvaarde regeringsprogramma door naar het volgende Haagse regeerakkoord. Duitsland heeft de knoop doorgehakt over heikele fiscale thema's die ook in Nederland spelen: de vlaktaks, de hypotheekrenteaftrek, de aftrek van autokosten en een verhoging van de BTW. Voor sommige maatregelen sluit de timing precies aan op de Nederlandse verkiezingen.

In Den Haag worden de messen geslepen voor de discussie over een periodiek terugkerend thema, de vlaktaks: één laag belastingtarief (zonder aftrekposten) voor alle inkomsten. De regeringspartijen zien daar veel in. Het CDA denkt aan een vlaktaks van 35 procent bij een BTW-verhoging van 2 procentpunt. Hetzelfde thema stak tijdens de Duitse verkiezingen op het laatste moment ook de kop op. De christen-democratische lijsttrekker Angela Merkel hoopte daarmee de verkiezingsstrijd in haar voordeel te beslechten. Ze ruimde in haar schaduwkabinet een toonaangevende positie in voor de kampioen van de vlaktaks, de Heidelbergse hoogleraar Paul Kirchhof. De kiezers serveerden de vlaktaks evenwel af als een onaantrekkelijk academisch hersenspinsel en Kirchhof verdween stilletjes van het toneel. Volgens de meeste politiek analisten kostte de inzet op de vlaktaks Merkel cruciale stemmen.

De nieuwe regering heeft het er niet meer over. Sterker nog, zij slaat de tegenovergestelde richting in. Er komt een extra tariefschijf voor de rijken; naar Duitse begrippen inkomens boven 500.000 euro. Die betalen vanaf 2007 3 procentpunt boven het huidige toptarief van de inkomstenbelasting van 42 procent. Het maximum komt dus op 45 procent, bescheiden vergeleken bij de 52 procent die een Nederlander al vanaf een belastbaar inkomen van 50.000 euro aan belasting moet neertellen. In 2003 wilde toenmalig FNV-voorzitter Lodewijk de Waal daar een `kleptocratentaks' bovenop zetten. De heffing zou bij ruim 4 miljoen euro inkomen moeten oplopen naar 100 procent. In Duitsland denkt de regering 1,2 miljard euro met de Reichensteuer op te halen. Velen zien er een louter symbolische heffing in; er zijn namelijk veel mogelijkheden om de heffing te ontlopen. Het tarief voor bedrijfswinsten blijft ongewijzigd op een hoog peil. Berlijn negeert de ratrace naar het laagste tarief waar de rest van Europa, Nederland incluis, in verwikkeld is.

Ondanks een felle verkiezingsstrijd lukte het binnen twee maanden een kant en klare coalitie tussen de christen-democraten (CDU/CSU) en de sociaal-democraten (SPD) te smeden. De naar Nederlandse begrippen korte onderhandelingsperiode leverde een regeerakkoord van 191 bladzijden op; onderschat de grondigheid van de Duitse aanpak niet. Dat hele pakket draagt een duidelijk stempel van de SPD, maar de fiscale paragraaf lijkt het meest op het belastingprogramma van de CDU/CSU vóór Merkels flirt met de vlaktaks. De belangrijkste peiler van het fiscale beleid is een forse verhoging van de BTW van 16 naar 19 procent; een ingreep waar Kirchhof faliekant tegen was. De hogere BTW brengt 10 miljard euro op zonder verslechtering van de internationale concurrentiepositie. Het bedrijfsleven merkt namelijk niets van deze belasting; het zijn de consumenten die de BTW opbrengen. In Duitsland zullen vooral gepensioneerden, studenten en anderen zonder arbeidsinkomsten last hebben van de bij de BTW-verhoging onvermijdelijke prijsstijgingen. De regering-Merkel gokt erop dat de Duitse economie in 2006 de wind in de zeilen krijgt. Door de BTW pas in 2007 te verhogen, spoort ze de consumenten aan hun nieuwe aanschaffen alvast in 2006 doen. Dat is goed voor de economie, net als de verlaging van de arbeidskosten die met de BTW-opbrengst wordt gefinancierd. Verder investeert de regering fors in innovatie en onderwijs. Met zo'n vooral op de jeugd gerichte impuls schiet het land volgens Merkel meer op dan met lagere belastingen. Duitsland wil concurreren op de kwaliteit van de economie, niet op lage belastingtarieven. De werkgevers denken daar anders over en willen simpelweg belastingverlaging zonder franje. Het is een aparte aanpak waarvan de eerste resultaten begin 2007 duidelijk moeten zijn. Precies op tijd voor de onderhandelingen die na de Tweede-Kamerverkiezingen tot een nieuw regeerakkoord zullen leiden.

Het nieuwe kabinet zou onze BTW van 19 naar bijvoorbeeld 20 procent kunnen verhogen. Jarenlang was de afstand tussen het Duitse tarief van 16 procent en het Nederlandse van 19 procent te groot om zelfs maar aan een Nederlandse tariefverhoging te denken. De verschillen in de winkelprijzen zouden prijsbewuste consumenten over de grens drijven. Maar met een verschil van 1 procentpunt valt te leven. Van België zijn op dat punt geen problemen te verwachten. Het standaard BTW-tarief is daar 21 procent.

De nieuwe Duitse aanpak biedt ook andere inspiratiebronnen voor Nederlandse politici. In Duitsland verdwijnt de subsidie voor eigenhuizenbezitters, de tegenhanger van onze hypotheekrenteaftrek. Een gezin met twee kinderen kan bij aanschaf van een huis acht jaar lang bijna 2.000 euro subsidie krijgen. Het aanpakken van deze 7 miljard euro kostende subsidie was net zo'n politiek taboe als de hypotheekrenteaftrek in Nederland. De subsidie vervalt per 1 januari 2006, zij het alleen voor nieuwe huizenkopers.

Nederlanders zijn aan hun leaseauto gehecht; Duitsers identificeren zich er bijkans mee. Toch grijpt Merkel in bij de – ook in Nederland bestaande – fiscale faciliteiten voor woon-werkverkeer met de auto. Dat leidt de aandacht af van de trapsgewijze verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd van 65 naar 67 jaar. Ook deze maatregel kan een vooruitblik geven op de contouren van een Nederlands regeerakkoord.