Oom Dagoberts wraak

Gaat de macht van aandeelhouders te ver? Gisteren werd bekend dat het Nederlandse informatieconcern VNU onder druk van Amerikaanse aandeelhouders, waaronder Templeton en Fidelity, afziet van de geplande overname van IMS Health, een bedrijf dat informatie verzamelt over medicijngebruik. Topman Rob van den Bergh gaat weg, VNU breekt het bod van 6,6 miljard op IMS af en betaalt in plaats daarvan 1 miljard dollar aan dividend uit aan de aandeelhouders. Het is goed mogelijk dat het concern straks wordt opgedeeld en in parten verkocht. Dat zou het einde zijn van het voormalige uitgeefconcern.

In de afgelopen vijftien jaar is de macht over ondernemingen verschoven van de voorheen naar binnen gerichte clubs van bestuurders en commissarissen naar de eigenaars van bedrijven: de aandeelhouders. In Nederland is de code-Tabaksblat daar de uiteindelijke exponent van. Dat is een gunstige ontwikkeling. Dat VNU nu wordt gedwongen zijn gehele strategie overboord te gooien onder invloed van opstandige aandeelhouders, kan als voorbeeld worden aangehaald waaruit blijkt dat de macht van laatstgenoemden nu te groot aan het worden is. Bestuurders letten, zo heet het, meer op de belangen van de onderneming op de langere termijn. Aandeelhouders zouden gaan voor het snelle gewin en het belang van de onderneming zelf op de tweede plaats zetten.

Zo eenvoudig ligt het niet. Het is de uitdrukkelijke keuze van het VNU-bestuur geweest om de onderneming in de afgelopen zeven jaar een metamorfose te laten ondergaan. Van de uitgever VNU (Margriet, Libelle, Donald Duck) zoals het publiek die altijd kende, is vrijwel niets meer over. Kranten zijn verkocht, publiekstijdschriften de deur uit gedaan. In plaats daarvan zijn de marktonderzoeksbedrijven AC Nielsen en Nielsen Media Research ingelijfd. Pikant is dat deze ondernemingen in de jaren negentig door hun vorige eigenaar Dun & Bradstreet juist waren ontvlochten. En dat geldt ook voor IMS Health. VNU, een afkorting die staat voor Verenigde Nederlandse Uitgeversbedrijven, is door zijn aan- en verkoopbeleid een Amerikaans concern geworden met het bestuur in New York en overwegend Amerikaanse dochterondernemingen. Dat was een gebeurtenis die veel geld en moeite heeft gekost en diep ingreep in het leven van veel werknemers. Dat is enkel te rechtvaardigen als de opbrengst er naar is geweest. En die opbrengst wordt nu eenmaal gemeten in aandeelhouderswaarde.

Het resultaat valt tegen. De stelling is verdedigbaar dat zeven jaar sleutelen per saldo niets heeft opgeleverd. Wellicht dat de overname van IMS Health de beslissende sprong voorwaarts had kunnen zijn. Maar het is begrijpelijk dat de aandeelhouders daarop niet meer wilden wachten. Hun conclusie – die er uiteindelijk op kan neerkomen dat de delen van VNU meer waard zijn dan de som – is een kille calculatie. Maar was de metamorfose van VNU van de afgelopen zeven jaar dat dan niet?

Het valt de aandeelhouders in dit geval niet te verwijten dat zij hebben ingegrepen. Het zijn de regels van het spel waarvoor het bestuur van de onderneming zelf heeft gekozen. Treuren om de teloorgang van VNU komt een jaar of zeven te laat.