Korte lontjes

Een week berichten uit de krant. Ambtenaren en bestuurders uit de provincie Noord-Holland worden steeds vaker bedreigd. Agressief gedrag van burgers tegen bestuurders is ,,meer regel dan uitzondering''. Bij de organisatie van Domino Day in Leeuwarden komen doodsbedreigingen binnen tegen de schutter die in opdracht een mus doodschoot die alvast een paar duizend steentjes had omgefladderd. En veehandelaren uit de omgeving van Zwolle dreigden de begrafenis vandaag van een oud LTO-voorman te verstoren. Zij zouden zo hun gram willen halen over de sluiting van een aantal veemarkten in 2001 wegens mond- en klauwzeer, waarin de landbouworganisatie een rol speelde. Intussen toont het overheidskanaal postbus 51 een serie spotjes waarin Nederlanders opmerkzaam worden gemaakt op hun `korte lontje': de neiging om bij het minste of geringste uit hun vel te springen, te gaan schelden, sjorren of meppen.

Dergelijke incidenten vallen eigenlijk al niet meer op. Kennelijk is de publieke stemming in Nederland nogal overspannen. Oorzaak: onbekend. Goed, er is economische onzekerheid. Het land is dichtbevolkt en de files worden niet korter. Maar de welvaart is ongekend hoog. Er is vrede in Europa en de levensduur is langer dan ooit. Problemen gaan over de keuze tussen de levensloopregeling en het spaarloon en over het gebrek aan parkeerplaatsen. Er is tijd en aandacht te over om van een dode mus een kwestie te maken.

Veel bedreigingen komen via internet. Niet onaannemelijk is dat de emoties die in de huiskamer altijd al opvlamden maar toch binnen bleven, nu met iedereen worden gedeeld. Dat Nederland 's avonds voor de televisie en wellicht aan de alcohol zit, kan daar niet los van worden gezien. Trendwaarnemers spreken al langer van een `emotiesamenleving' of een `beleveniseconomie', waarin de burger verandert in een bermtoerist van de actie, het geweld en de intimiteiten die zich in het openbare domein voordoen en die via de media kunnen worden meebeleefd. Wie persoonlijk verdriet wil toevoegen aan dat van directbetrokkenen kan terecht op condoleance.nl, ook als het `de mus' betreft (dodemus.nl). En wie boos wil worden, hoeft allang niet meer op zoek naar pen, papier, envelop en postzegel, maar grijpt naar de pc, die altijd online is. Iedereen was altijd al vrij om te zeggen wat hij of zij dacht, nu staat men voor het eerst ook live met elkaar in contact. Dat valt niet mee.

Opvallend is dat externe filters schaars worden. De burger claimt het recht op volledige zelfexpressie zonder zich door staat, kerk of krant te laten tegenspreken. Van de politie kan niet worden verwacht dat ze alle haat- en dreigmails bestrijdt, zoals Don Quichot de windmolens. Internet kent alleen filters tegen technisch ongerief; de verantwoordelijkheid van providers is beperkt en moet dat ook blijven. Het komt neer bij de burger zelf: houd u in en stook elkaar niet op. Woorden hebben hun betekenis, ook als ze in een woedend mailtje terechtkomen.