`Geen geheim dat in Irak wordt gefolterd'

Het is geen geheim dat er in Irak wordt gemarteld. Maar er is tot dusverre weinig tegen gedaan. Volgens sunnieten is `ontkenning en stilte' de gebruikelijke reactie van de overheid.

Niemand is verbaasd over de ontdekking van 173 uitgehongerde en anderszins mishandelde gevangenen in een detentiecentrum van het Iraakse ministerie van Binnenlandse Zaken in Bagdad. ,,Dat foltering in Irak nog wordt gepraktiseerd na [het bewind van] Saddam Hussein, dat is geen geheim'', zei gisteren de speciale onderzoeker van de Verenigde Naties van foltering, Manfred Nowak, tegen het persbureau AP na het bekend worden van het nieuwste dergelijke schandaal.

De mensenrechtenorganisatie Human Rights International publiceerde in januari van dit jaar al een rapport over slechte behandeling en foltering van gevangenen. Sindsdien zijn herhaaldelijk voorbeelden naar buiten gekomen van vergaande schendingen van de mensenrechten in Irak. In de tussentijd is echter niets bekend geworden over effectieve tegenmaatregelen.

,,Ontkenning en stilte'' is de reactie op sunnitische klachten bij de autoriteiten over deze situatie, aldus een gisteren gepubliceerde verklaring van de Iraakse Islamitische Partij, de belangrijkste sunnitische politieke organisatie. ,,Het ministerie van Binnenlandse Zaken doet zijn werk in een moeilijke tijd, en er kunnen wat fouten worden gemaakt'', zei gisteren Laith Kubba, woordvoerder van premier Ibrahim Jaafari. Bij een eerdere gelegenheid had hij verwezen naar de cultuur van geweld onder Saddam Hussein, een probleem dat ,,niet door een besluit van de premier wordt opgelost''. Minister van Binnenlandse Zaken Bayan Jabor zei bagatelliserend dat de slachtoffers ,,de gevaarlijkste terroristen'' zijn.

Voornaamste slachtoffers van dit soort praktijken zijn steevast sunnieten; voornaamste verdachten de overwegend shi'itische commando-eenheden van het door shi'ieten gedomineerde ministerie van Binnenlandse Zaken. De sunnitische gemeenschap levert ook de terroristen en rebellen die voor het aanhoudende geweld in Irak verantwoordelijk zijn. De commando-eenheden zijn, naast het Amerikaanse leger, onder de voornaamste bestrijders én doelwitten van het geweld. Shi'ieten waren bovendien de onderliggende partij onder het overwegend sunnitische regime van Saddam Hussein.

Sunnitische politieke leiders klagen al lange tijd over de sektarische agenda van de commando-eenheden van het ministerie van Binnenlandse Zaken die behalve als folteraars ook als moordeskaders zouden optreden. Sinds eind april zijn alleen in Bagdad zeker 204 lijken gevonden, in meerderheid sunnieten die door dergelijke moordeskaders zouden zijn geliquideerd. Het gaat vaak om burgers die uit hun woningen zijn gehaald door mannen die claimen namens het ministerie van Binnenlandse Zaken te komen. Overigens voeren sunnitische opstandelingen ook moordpartijen onder shi'ieten uit.

Er zijn veel aanwijzingen dat leden van de militie van een van de invloedrijkste shi'itische politieke partijen, de Opperste Raad voor de Islamitische Revolutie in Irak (SCIRI), de commando-eenheden gedeeltelijk hebben overgenomen. Deze Badr-militie is in Iran opgeleid als strijdgroep tegen het bewind van Saddam Hussein. Infiltratie door militiestrijders in de politie in de grote zuidelijke stad Basra werd in september openlijk toegegeven door de plaatselijke politiecommandant. Volgens een correspondent van de BBC in Bagdad dragen veel politieauto's in de hoofdstad de merktekens van deze Badr-militie. De minister van Binnenlandse Zaken is een voormalige commandant van de Badr-militie.

Een woordvoerder van de militie ontkende gisteren dat de strijdgroep iets met de in opspraak gekomen gevangenis van het ministerie van Binnenlandse Zaken te maken had. ,,Als er werd gefolterd, zouden we om een onderzoek vragen'', zei hij. Volgens hem was de de Amerikaanse legeroperatie die tot de ontdekking van de uitgehongerde gevangenen leidde, een politieke manoeuvre om in de aanloop naar de parlementsverkiezingen van 15 december SCIRI en Badr in diskrediet te brengen en de sunnieten aan te moedigen te gaan stemmen.

Ook de VN maken zich grote zorgen over de ontwikkelingen. ,,De proliferatie van gewapende milities, criminele en terroristische organisaties die straffeloos handelen, vormt een belangrijke bedreiging van de rechtsorde en een gevaar voor de veiligheid van de burgerbevolking'', zo meldde deze week het jongste rapport van de hulpmissie van de Verenigde Naties voor Irak, UNAMI. ,,Milities worden beschuldigd van ontvoeringen, buitengerechtelijke executies en het uitvoeren van illegale politieacties en sectarische aanvallen. Het is extreem zorgelijk dat sommige van deze misdrijven worden gepleegd door individuen die politie- en militaire uniformen dragen en politie- of legermaterieel gebruiken.''