Crisis in de wetenschap

Tijdens een debat in Amsterdam maakten toponderzoekers zich zorgen over het vertrouwen in de wetenschap. ,,Tegenwoordig kun je in de wetenschap met leugens geld verdienen.''

Op het eerste gezicht is met de titelpagina van het medische tijdschriftartikel weinig mis. Titel, samenvatting, tekst over twee kolommen: alles geheel volgens de conventies. Maar dan springt de auteursnaam in het oog: TBD, ofwel `to be determined'. ,,Het stuk is van de hand van een ghostwriter'', zegt David Healy, hoogleraar psychofarmacologie aan de universiteit van Cardiff. ,,Het komt uit de koker van een farmaceutisch bedrijf. ,,De volgende stap is het zoeken van bijpassende auteurs van naam uit de academische wereld, en een geschikt medisch-wetenschappelijk tijdschrift. Zo diep zijn we gezonken.''

Haley was een van de sprekers tijdens het debat `Hebben wij nog vertrouwen in de wetenschap?', dinsdagavond in De Rode Hoed. Het thema was aangedragen door beide hoofdgasten, de wetenschapshistorici Simon Schaffer (Cambridge) en Steven Shapin (Harvard). Morgen krijgen zij de Erasmusprijs (zie kader).

Haley was in 2001 zelf slachtoffer van een botsing tussen academische vrijheid en de commerciële belangen van een farmaceutisch bedrijf. Kort nadat hem een baan was aangeboden aan het Center for Addiction and Mental Health in Toronto, publiceerde Haley over de mogelijkheid dat Prozac aanzet tot zelfmoord. Het gaf Lilly, de producent van Prozac, aanleiding zijn (aanzienlijke) financiële steun aan het Center in te trekken. Waarna Haley werd meegedeeld dat hij niet langer in Toronto welkom was.

Een tweede plaatje dat Haley liet zien, betrof een diagram met zelfmoordcijfers van twee onderzoeksgroepen. De curves overlapten elkaar nagenoeg perfect. Niettemin waren de conclusies van de bijbehorende wetenschappelijke artikelen tegengesteld. Haley: ,,De ellende is dat de bedrijven zelf de onderzoeken doen, geen vrije inzage geven in data, gegevens die in hun kraam van pas komen eruit pikken en die handelwijze als wetenschap bestempelen. Dan kun je wel van een crisis spreken.''

Sponsoring van wetenschap, onzekerheid en ruzie over onderzoeksuitkomsten, instituten die hun oren laten hangen naar opdrachtgevers, commercieel ondernemen binnen de muren van de universiteit: objectiviteit en autoriteit van wetenschappers worden steeds vaker in twijfel getrokken. Bij discussies over de opwarming van de aarde, gekkekoeienziekte, voedselveiligheid en genetische manipulatie ziet het publiek – en de politiek – verbijsterd toe hoe ver de standpunten van deskundigen uiteenlopen. ,,Integriteit is het enige dat wetenschappers hebben'', zei Shapin. ,,Tegenwoordig kun je in de wetenschap met leugens geld verdienen.''

Kritiek was er op de houding van de journalistiek. Hugh Pennigton, hoogleraar microbiologie in Aberdeen, vond dat media al te makkelijk ruimte boden aan junk-wetenschap. ,,Arpad Pusztai wist in The Lancet een artikel gepubliceerd te krijgen over gezondheidsschade bij ratten na het eten van genetisch gemodificeerde aardappelen. Ratten eten helemaal geen aardappelen. Ook Andrew Wakefields, die schreef dat het mazelenvaccin tot autisme en darmklachten kan leiden, levert junk-wetenschap. Maar ze vallen de gevestigde orde aan en dan lig je goed.''

Simon Schaffer laakte de handelwijze van de New York Times. ,,Die kwam begin januari met een artikel over hartziekten waarin van geciteerde wetenschappers de nevenfuncties werden opgesomd. In hoeverre dat hun uitspraken kleurde, of er sprake was van laakbaar gedrag, wat de gangbare praktijk was: het stond er niet bij. Dat mocht de lezer uitzoeken.''