Arts is veel tijd kwijt aan regelwerk voor patiënten

Toen ik in 1982 als huisarts in een eigen praktijk begon verbaasde ik mij over de manier waarop ik betaald werd, namelijk niet door mijn patiënten, maar door hun verzekeraar. Tot de dag van vandaag heb ik mijn werk met veel plezier gedaan, maar misschien niet efficiënt, zakelijk gezien. Heel veel geregel voor patiënten, zoals thuiszorg, een vlotte plek bij een specialist die ik kundig achtte maar ook qua communicatie geschikt voor mijn patiënt, vragen beantwoorden van allerlei maar niet strikt medische aard, vragen van bedrijfsartsen, telefoontjes van patiënten vanuit de camping in Frankrijk, uren wachten bij een bevalling, en zo maar door.

Dit voorjaar heb ik meegedaan met alle huisartsenacties, omdat wij (huisartsen) zagen dat het voor de patiënt niet beter zou worden in het nieuwe zorgstelsel. De koepel van patiëntenverenigingen steunde ons niet, integendeel, die dreigde alleen met processen als de patiënten schade zouden lijden. Daarna zag de Consumentenbond er een mooie taak in om zijn leden goed te helpen een andere verzekering te kiezen (waren er dan zoveel klachten over uitbetalingen?). Nu lees ik de column van Margo Trappenburg (Opiniepagina, 11 november), die ik in haar eerdere opinie goed kon volgen, en breekt mijn klomp! Zij schrijft dat huisartsen er zich van moeten vergewissen of een specialist of ziekenhuis wel vergoed wordt door de verzekeraar van de patiënt. Is dat nu marktwerking? De koper zoekt op de markt naar een product en de koper is de patiënt. Wij adviseren alleen maar en gaan zeker niet nog meer tijd investeren in het vervolgtraject, dat is een mooie taak voor de patiëntenverenigingen en Consumentenbond.