Rechters negeerden advies tbs 45 keer

Rechters beslissen gemiddeld elf keer per jaar tegen adviezen van deskundigen in dat tbs-gestelden vrijgelaten worden.

Tussen 2001 en 2004 ging het in totaal om 45 tbs'ers, van wie er twee een hoog risico op herhaling hadden. In de andere gevallen ging het om zaken waarin het recidiverisico als laag wordt ingeschat.

Dat blijkt uit een onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum (WODC), dat minister Donner (Justitie, CDA) gisteren naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De bewindsman wilde weten of rechters de laatste jaren vaker op eigen houtje een beslissing namen.

Bij 1700 tbs'ers wordt per jaar of om de twee jaar een besluit over de maatregel genomen. In de meeste gevallen volgen de rechters het advies van een tbs-kliniek of een andere instantie over het al dan niet verlengen van de tbs-maatregel.

Tbs wordt in beginsel verlengd als er een onaanvaardbaar groot risico op nieuw ernstig crimineel gedrag bestaat. Als dat gevaar er niet meer is, kan de maatregel worden beëindigd.

Tussen 2001 en 2004 registreerde Justitie in eerste instantie 91 zaken als `contraire beëindiging'. Maar het WODC meent nu dat de helft van die zaken ten onrechte als zodanig is aangeduid, omdat het advies tijdens de zitting nog was veranderd.

Naar aanleiding van de resultaten wil minister Donner dat het besluit van de rechter over de tbs-verlenging beter wordt voorbereid. De Raad voor de Rechtspraak, het openbaar ministerie en de Dienst Justitiële Inrichtingen zullen zich hierover buigen. Ook moeten rechters een eventuele contraire beslissing beter onderbouwen.