Koe met BSE ontdekt in Zuid-Limburg

Bij een vijfjarige koe uit de gemeente Gulpen in Zuid-Limburg is BSE geconstateerd. Dat heeft het ministerie van Landbouw gistermiddag bekendgemaakt.

Het is het tweede geval van BSE dit jaar in Nederland.

De Limburgse koe was op 2 november geslacht, waarna bij de reguliere tests BSE is vastgesteld. De eerste BSE-koe in 2005 werd in juli gevonden. Het was een eveneens vijfjarig dier uit Lopik.

Sinds de invoering van de BSE-test bij alle geslachte runderen in 2001 is nu bij 79 koeien in Nederland de runderhersenziekte vastgesteld. Orgaanvlees, slachtafval en vooral zenuwweefsel van met BSE-besmette dieren is besmettelijk voor andere runderen, en voor mensen. Mensen kunnen er de dodelijke variant van de ziekte van Creutzfeldt-Jakob (vCJ) van krijgen.

Nadat in 1996 de eerste Britse vCJ-patiënten overleden, zijn steeds rigoureuzere maatregelen genomen om de Europese veestapel BSE-vrij te maken. De BSE-epidemie kreeg vanaf het begin van de jaren tachtig een grote omvang in Engeland. De epidemie bleef in stand doordat koeien veevoer aten waarin diermeel van zieke dieren was verwerkt.

Het verbod op het verwerken van diermeel in alle veevoeder bestaat binnen de EU sinds december 2000. In Nederland is het gebruik van diermeel in diervoer voor herkauwers al sinds april 1999 verboden. In mengvoederfabrieken mocht vanaf die datum geen diermeel meer aanwezig zijn.

De Limburgse koe Eefje, waar nu BSE bij is vastgesteld, werd op 25 mei 2000 geboren, de Lopikse koe op 18 januari 2000, beide dus ná het verbod. Ter verklaring wordt gewezen op mogelijke importen en aanwezige oude voorraden.

Onder de 19 Britse BSE-koeien waren er dit jaar echter al drie die in 2001 en 2002 geboren zijn, nadat binnen de hele EU de strengste restricties bij het gebruik van diervoeder van kracht werden.

In Groot-Brittannië staat de teller van het aantal mensen met de door BSE veroorzaakte variant van de ziekte van Creutzfeldt-Jakob inmiddels op 158. Dit jaar zijn er 5 patiënten bij gekomen, in 2002 9. Sinds het `topjaar' 2000 (met 28 nieuwe patiënten) is er een duidelijk dalende trend. Nederland registreerde in april 2005 de eerste vCJ-patiënt.