Ziekenhuis en huisarts krijgen rapportcijfers

Miljarden gaan op aan gezondheidszorg. Maar worden die wel goed besteed? Metingen en rapportages van gebruikers moeten duidelijkheid verschaffen.

Nog één keer probeerde minister Hoogervorst uit te leggen waarom alles anders moet in de zorg: ,,Het werkt echt niet meer'' om de burger geen enkele notie te geven van de kwaliteit en kosten van de zorg. Netzomin kunnen we nog een medische stand tolereren ,,die geen verantwoording verschuldigd is''. Immers, zo stelde de VVD-minister van Volksgezondheid tijdens de begrotingsbehandeling gisteren: ,,De mens is heel vaak tot het goede geneigd, maar dat lukt niet altijd.''

Patiënten en doktoren moeten kostenbewuster gaan kiezen in het nieuwe zorgstelsel dat 1 januari ingaat. Verzekeraars houden ze scherp. Maar kiezen en scherp houden, kan alleen op basis van heldere informatie. Informatie waarmee patiënten ziekenhuizen kunnen vergelijken en waarmee verzekeraars artsen kunnen dwingen de beste hulp tegen de laagste prijs te geven.

Die informatie is nog maar mondjesmaat beschikbaar, maar er wordt hard aan gewerkt. In 2003 kwam de Inspectie voor de Gezondheidszorg met een doorbraak. Zij ontwikkelde een set prestatie-indicatoren. Alle ziekenhuizen zijn nu verplicht gegevens aan te leveren die voor iedereen openbaar worden, bijvoorbeeld of het ziekenhuis een hartfalenpoli heeft of aan ivf doet.

Ook alle verpleeg- en verzorgingshuizen moeten nu openbaar maken hoe vaak er bij hen ondervoeding voorkomt en hoeveel `pyjamadagen' zij hebben. Weigeren zij dat, dan dreigen verzekeraars geen contracten met ze af te sluiten.

Alle spelers in de gezondheidszorg zijn immiddels aan het polderen over de vraag hoe er nog meer meetinstrumenten kunnen worden ontwikkeld, die op elkaar aansluiten. Zij moeten in de loop van 2006 en 2007 beschikbaar komen. De huisarts moet net zo zeer met de billen bloot als de gehandicaptenzorg. Er zijn ook prestatie-indicatoren in de maak voor specifieke aandoeningen. Aan de hand daarvan kan iemand met spataderen straks uitzoeken waar hij het beste naartoe kan.

Niet alleen de instellingen moeten met gedetailleerde informatie over de brug komen, ook worden de ervaringen van patiënten gevraagd. Bewoners van verpleeghuizen (of hun familieleden) kunnen straks `rapportcijfers' geven over hun verzorging. Al die gegevens worden verzameld op de site Kiesbeter.nl van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Mensen die de weg op Internet niet kennen, kunnen bij een telefonische hulplijn terecht.

Lange tijd hebben zorginstellingen pottenkijkers buiten de deur weten te houden. Maar nu zeggen ook zij: meer openheid is zinnig. Ze kijken nu naar elkaar en worden geprikkeld om het beter te doen. ,,We willen ook leren van andere ziekenhuizen'', zegt de Nederlandse Verenigingen van Ziekenhuizen (NVZ). De NVZ waarschuwt wel voor nog meer bureaucratie. ,,We willen niet om de haverklap formulieren invullen.''

Dat is nu precies wat bestuurskundige Kim Putters stoort. Hij spreekt over het ,,virus van het cijferfetisjisme'' en over ,,de diarree van beoordelingsmechanismen''. Hij vraagt zich af of we nu werkelijk meten wat we willen weten. ,,De dialoog met een patiënt, het vertrouwen dat de arts met hem opbouwt. Dát is het belangrijkste en dat meten we niet.''

Zo kan een wachtlijst er volgens Putters op wijzen dat een ziekenhuis slecht is in plannen. Maar het kan ook betekenen dat er een steengoede specialist werkt.

Marc Berg, hoogleraar Beleid en Management Gezondheidszorg aan het Erasmus MC, kan zich daar helemaal in vinden. Hij is een van de motoren achter de ontwikkeling van prestatie-indicatoren. ,,Als de prestatie-indicatoren goed werken, levert het minder bureaucratie op. Je moet zorginstellingen alleen naar de kern vragen en met alle spelers goed afstemmen wat je meet.'' Hij waarschuwt mensen om aan metingen niet te veel zekerheden te ontlenen. ,,Het allerbelangrijkste is dat je er de relativiteit van blijft inzien. Maar met openbare informatie kunnen mensen vragen waarom een ziekenhuis slecht scoort. Dat veroorzaakt een cultuuromslag bij doktors.''

Volgens Berg moet er goed worden nagedacht over de prestatie-indicatoren. ,,Je moet geen perverse prikkels krijgen zoals bij de politie.'' Die wordt afgerekend op het aantal arrestaties. Daardoor snijden agenten zichzelf in de vingers als ze de veiligheid vergroten.

Berg zegt: ,,We hebben het gevoel dat er heel veel geld – 46 miljard euro per jaar – opgaat aan de gezondheidszorg, die niet echt gericht is op de noden van de mensen. We hebben heel lang de mythe hoog gehouden dat alle dokters even goed zijn.''

De invoering van meer marktwerking, vereist ook meer openheid voor de zorgverzekeraars. Zij moeten slecht presterende instellingen links kunnen laten liggen. Als het nieuwe zorgstelsel ingaat, contracteren verzekeraars nog vrijwel alle ziekenhuizen. Nu hebben ze ook nog weinig inzicht in de kwaliteit van de geleverde zorg. Komt de transparantie niet te laat?

,,Ja, eigenlijk wel'', zegt Geja Langerveld, secretaris van het door de overheid geïnitieerde programma Transparantie in de Zorg. ,,Verzekeraars concurreren het eerste jaar heel beperkt op kwaliteit. De verwachting is dat zij later minder ziekenhuizen contracteren. Dat zal gelijke tred houden met het transparanter worden van de markt. Hoe meer openheid, des te selectiever verzekeraars zorg inkopen.''