`Godzilla' heerser van de zee

Amerikaanse en Argentijnse paleontologen hebben in de Argentijnse provincie Patagonië de gefossiliseerde schedel ontdekt van een imposante zeekrokodil die 135 miljoen jaar geleden leefde. Het dier, dat de wetenschappelijke naam Dakosaurus andiniensis heeft gekregen, had zeer stevige kaken gevuld met lange, vlijmscherpe tanden. De onderzoekers gaven het dier wegens zijn monsterlijke uiterlijk de bijnaam `Godzilla'. De vondst werd gisteren vervroegd online gepubliceerd door het Amerikaanse wetenschappelijke tijdschrift Science.

De schedel van de Dakosaurus meet van snuit tot achterhoofd 80 centimeter, en dat is relatief kort voor krokodillen van dit formaat. Ook is de bek veel minder afgeplat dan bij veel andere krokodillen het geval is. Samen met de in elkaar grijpende tanden van onder- en bovenkaak, moet de beet van Dakosaurus iets geweest zijn dat ook grote zeereptielen zoals de Ichtyosaurus (meer dan 20 meter lang) moeten hebben gevreesd. Dakosaurus moet aan de top van de voedselketen hebben gestaan.

Van Dakosaurus waren aanvankelijk alleen kleine botresten bekend. Maar in 1996 vonden paleontologen Zulma Gasparini en Luis Spalletti van de de nationale universiteit van La Plata in Argentinië een complete schedel van het dier in Patagonië. Ook groeven ze een onderkaak op van een tweede dier. Aan de hand van deze fossielen kon het dier nu voor het eerst uitvoerig wetenschappelijk beschreven worden. De Amerikaanse onderzoeker Diego Pol van de Ohio State University hielp bij de reconstructie van het dier, en maakte een driedimensionale computertekening waarop te zien is hoe de zeekrokodil eruit moet hebben gezien.

De nu beschreven Dakosaurus andiniensis is een buitenbeentje. Schedelkenmerken zoals de vorm van de neusgaten, de oogkassen en een kenmerkende groef in de kaak plaatsen Godzilla tussen de kleinste van de zeekrokodillen. Die zagen er heel anders uit. De nauwste verwanten van het dier hadden smalle puntige bekken met veel kleine naaldvormige tanden. Ze jaagden op schelpdieren en vissen. Dat staat in schril contrast met de robuuste bouw van Dakosaurus. Kennelijk is de plasticiteit in de evolutie van de lichaamsbouw van krokodillen groter dan aanvankelij werd aangenomen, aldus de onderzoekers.

De krokodillenfamilie ontstond aan het einde van het Perm, en wist zich tijdens het Krijt (146 tot 65 miljoen jaar geleden) succesvol uit te breiden. Hoewel het achterlijf van het fossiel ontbreekt gaan de onderzoekers ervan uit dat het dier in het water leefde en net als andere zeekrokodillen uit die tijd vinnen had in plaats van poten.