`Elias' prachtig puur koorwerk

Ondanks de oudtestamentische donder- en bliksempassages, speelde het Koninklijk Concertgebouworkest het oratorium Elias van Mendelssohn voor de laatste keer in 1930. Dat is opmerkelijk, want in de vele romantisch aangeklede verwijzingen naar Bachs Matthäus Passion is de Elias eigenlijk een werk dat goed in de orkesttraditie past.

Dirigent Philippe Herreweghe onderschrijft de muzikale kracht van het oratorium al veel langer. Hij legde het in 1995 vast op cd, en het orkest voert het deze week op zijn initiatief driemaal uit. Ten opzichte van tien jaar geleden is Herreweghes aanpak feller, dramatischer en aangrijpender geworden. Zijn Elias was gisteravond méér Mendelssohn, en minder Bartholdy; krachtiger in de muzikale schildering, en minder stichtelijk.

Al in de ouverture viel te horen dat dit oratorium voor Herreweghe core-business is: elk element is afgewogen. De aanroeping van Gods naam klinkt extra opwindend door plotseling op te schakelen naar dubbel tempo. Een kruidend basloopje wordt uitgelicht, een orkestrale passage die het Woord van Elias zou kunnen vermorzelen, juist subtiel gedempt. Maar ondanks pralend koper en stralende strijkers onder aanvoering van de per september scheidende concertmeester Alexander Kerr, blijft Elias een koorwerk pur sang, dat in zijn veelomvattendheid nauwelijks zijn gelijke kent. Herreweghe is van huis uit een echte koordirigent, met veel aandacht voor dictie, helderheid en retoriek. Anders dan hij in Bachs passies bij het KCO gewoon is, werkt hij hier met een vijftigkoppige selectie van het Groot Omroepkoor, die nergens naar zijn slanker klinkende eigen koor deed verlangen.

Wanneer – zoals in deze uitvoering – alles meewerkt, is Elias een meesterwerk waarvan je je afvraagt waarom het niet vaker wordt uitgevoerd. Het aantal solisten kan daarin nauwelijks een rol spelen; dat was hier teruggebracht tot vijf door het koor sommige ensembles te laten zingen – een keuze van Herreweghe. De theatrale bariton Christian Gerhaher (Elias) kwam kracht tekort in de laagste stemregionen, maar compenseerde dat door proestende verontwaardiging steeds voor gepolijste welluidendheid te laten gaan in Elias' profetieën en donderpreken. Tenor Rainer Trost (Obadja) vormde de enige minder stabiele schakel tussen de ontroerend onopgesmukte alt Ann Hallenberg en sopraan Camilla Tilling in het klaroen-heldere Höre, Israels.

Concert: KCO/Groot Omroepkoor o.l.v. Philippe Herreweghe. Programma: Elias van Mendelssohn. Gehoord: 10/11 Concertgebouw, Amsterdam. Herh.: 13/11, aldaar en 11/11 Vredenburg, Utrecht. Radio 4: 11/11, 20u.