Overleg vrijere wereldhandel mislukt

Besprekingen over verdere vrijmaking van de wereldhandel zijn gisteren in Genève vastgelopen op onenigheid over liberalisering van de handel in landbouwproducten.

Toch geloven de lidstaten van de 148 leden tellende Wereldhandelsorganisatie (WTO) niet dat daarmee de kans is verkeken op een succesvolle beëindiging van de huidige ronde van handelsbesprekingen, eind volgend jaar.

De grote spelers, waaronder de Verenigde Staten, de Europese Unie, Brazilië en India, lukte het bij gesprekken maandag in Londen en dinsdag en gisteren bij de WTO in Genève niet om overeenstemming te krijgen over een `blauwdruk' voor een ministersconferentie, volgende maand in Hongkong. Op die conferentie zouden afspraken moeten worden gemaakt over niet alleen landbouw, maar ook over markttoegang voor industriële producten en dienstverlening. Directeur-generaal Pascal Lamy van de WTO gaat nu werken aan een herziene agenda voor de conferentie.

Het centrale onderwerp in de huidige Doha-ronde van handelsbesprekingen (zo genoemd naar de hoofdstad van Qatar waar de ronde in 2001 begon) is landbouw. Daarbij eisen grote ontwikkelingslanden als India en Brazilië, maar ook andere exportlanden als Australië en Nieuw Zeeland, betere toegang tot de Europese en Amerikaanse landbouwmarkt. Arme ontwikkelingslanden willen vooral afschaffing van handelsverstorende landbouwsubsidies in de EU en VS. De EU wil in ruil voor concessies onder meer toegang tot de dienstenmarkten in andere landen.

In lijn met de meest pessimistische verwachtingen over de onderhandelingen deze week bleek landbouw inderdaad een struikelblok. Daarbij beschuldigde een aantal landen de Europese Unie ervan onbuigzaam te zijn door een eind vorige maand ingediend voorstel als eindbod te presenteren. ,,Het Europese voorstel was zo geformuleerd dat het een abrupt einde zou maken aan de ronde'', zei de Argentijnse onderminister voor Handel Chiaradia.

Eurocommissaris Mandelson (Handel) constateerde gisteren na afloop van de besprekingen dat er ,,niet genoeg consensus'' tussen de partijen bestaat. ,,Onze gesprekken zijn nuttig geweest, niet om de verschillen te verkleinen, maar om ze te definiëren.''