Ook CDA kan nu Fortuyns succes claimen

Het Rotterdamse college heeft zaken tot stand gebracht die voorheen ondenkbaar leken. Alle partijen zijn trots op wat ze bereikt hebben.

Het vraaggesprek dat twee dagen geleden de aanleiding vormde voor het gedwongen vertrek van de Rotterdamse wethouder Marco Pastors van Leefbaar Rotterdam, besloeg twee A4'tjes. De passage over stelen door moslims en niet-moslims haalde het nieuws. Een minder opvallend deel ging over Pastors' werk als wethouder Volkshuisvesting. Daarover zei hij:

,,We hebben te veel wijken met slechte woningen waar alleen maar achterstandsgroepen in gaan wonen – en we zijn met een breed politiek draagvlak bezig om in die wijken te slopen en tussentijds ook met huisvestingsvergunningen te sturen in de bevolkingssamenstelling. Voor mij persoonlijk, en dat heeft óók met Pim Fortuyn te maken, komt daarbij dat wanneer ik het helemaal niet over bevolkingsgroepen zou hebben, en alleen in huisvestingstermen en ruimtelijke ordeningsbegrippen zou spreken, iedereen toch zou zeggen: we hebben je wel door, ondertussen ben je toch bezig met immigratie en integratie! Dan kun je het ook maar beter hardop zeggen.''

Geen van de drie coalitiepartners in het Rotterdamse college, óók het CDA niet, was de afgelopen dagen uit op de val van het college, die gisteren dan ook is afgewend. Daarvoor zijn ze allemaal te trots op de resultaten ervan. Leefbaar Rotterdam vindt dat het college wensen inwilligt van Pim Fortuyn. Voor CDA en VVD geldt dat dit onorthodoxe stadsbestuur zaken tot stand heeft gebracht die voorheen ondenkbaar leken. Zoals:

Veiligheid Pim Fortuyn behaalde zijn verkiezingsoverwinning in 2002 (17 van de 45 zetels) vooral dankzij zijn pleidooi voor meer veiligheid: de stad was volgens hem verloederd. Fortuyn wilde een aparte wethouder voor veiligheid. Die is er. Ook is er geld gekomen voor zaken als cameratoezicht, extra politie op hot spots en stadsmariniers, `superambtenaren' voor probleemgebieden. In dit beleid van zero tolerance kunnen Leefbaar Rotterdam, VVD én CDA zich goed vinden.

Daadkracht De introductie van afrekenbare doelen in het collegeprogramma, targets, was eveneens een voorstel van Fortuyn. In Het nieuwe elan van Rotterdam ... en zo gaan we dat doen staan er ruim vijftig. Ze zijn allemaal voorzien van een datum, bijvoorbeeld: `Sluiting Keileweg 31-12-2005'. Of: `Centraal Station niet meer onveilig. Bereikt in 2005.'

Deze data worden vrijwel allemaal gehaald. De prostitutiezone Keileweg ging zelfs eerder dicht. Wel leidt het tot in details bijhouden van de resultaten van beleid, met hiervoor speciaal ontwikkelde meetinstrumenten als een veiligheidsindex, in de raad soms tot opmerkingen over cijferfetisjisme. Maar geen enkele partij wil terug naar de situatie van voor 2002, toen in een ondoorgrondelijke bureaucratie vooral veel rapporten werden geschreven over problemen.

Spreidingsbeleid Eveneens een door Fortuyn begonnen discussie. Maar het aanpakken van achterstandsgebieden door allochtonen te spreiden, was in zijn tijd nog taboe. Dit werd doorbroken toen in 2003 een deelgemeentebestuurder van de PvdA het begrip `kansarme nieuwkomers' introduceerde, waardoor het mogelijk discriminatoire element van de kleur van mensen verdween. Hoewel door Pastors in diezelfde tijd begrippen als `allochtonenstop' en `hek rond de stad' ontstonden, werd `spreiden' toch acceptabel voor het CDA. Onlangs nam de Tweede Kamer de zogenoemde Rotterdamwet aan, die spreiding onder voorwaarden mogelijk maakt.

In het hierboven aangehaalde citaat van Pastors bedoelt hij met `huisvestingsvergunningen' en `bevolkingssamenstelling' een aantal experimenten met spreiding die nu worden gehouden. Ook is onder hem de bouw van nieuwe huizen voor de middenklasse drastisch toegenomen.

Islamdebat In de eerste plaats een officieus debat, dat eruit bestaat dat partijen elkaar over en weer beschuldigen van hetzij polariseren en mensen tegen elkaar opzetten (CDA en linkse oppositie tegen Leefbaar Rotterdam en VVD), hetzij politiek correct zwijgen en de problemen niet durven benoemen (Leefbaar Rotterdam en VVD tegen CDA en linkse oppositie). Dit officieuze debat leidde tot Pastors' vertrek.

Maar er is ook een officieel islamdebat, dat vorig jaar in alle voorzichtigheid begon met besloten gesprekken met deskundigen en dit jaar uitmondde in een reeks openbare debatten. Deze debatten werden algemeen ervaren als een succes, met landelijke en zelfs internationale uitstraling. Zowel CDA-wethouder Leonard Geluk (Integratie) als Marco Pastors claimt dit succes.

Overigens vindt Leefbaar Rotterdam dat in het officiële islamdebat nog veel onderwerpen zijn vermeden. Fractieleider Ronald Sørensen van Leefbaar Rotterdam in een terugblik in de gemeenteraad van 19 mei: ,,Ik noem ten overvloede nog maar eens een stel pijnpunten: uithuwelijken, homohaat, vrouwenbesnijdenis, maagdencultus, eerwraak, vrouwonvriendelijkheid, antisemitisme, hoge criminaliteit, analfabetisme, overvloedig gebruik en misbruik van sociale en medische voorzieningen, de omgang met ongelovigen of afvalligen, het geloofsfanatisme en de politieke islam.''

Natuurlijk zijn er ook onderwerpen waar de coalitiepartijen met minder genoegen op terugkijken, zoals het zogenoemde havenschandaal, de ophef over de kunstbezuinigingen of het gedwongen vertrek van Rabella de Faria, de Leefbaar Rotterdam-wethouder die volgens haar partijgenoten niet goed functioneerde. Het neemt niet weg dat het collegebeleid voor alledrie de coalitiepartijen inzet van de gemeenteraadsverkiezingen wordt, want allemaal vinden ze dat het college mede dankzij hen een succes is geworden.

Dit verklaart ook dat de wethouders Wim van Sluis en Marianne van den Anker gisteren niet zijn opgestapt. Zo kan Pastors in zijn verkiezingscampagne gaan zeggen dat zijn partij wordt gedemoniseerd en de mond gesnoerd, terwijl zij laten zien dat ze desondanks de stad niet in de steek laten. Van Sluis: ,,Wij blijven aan voor de stad, voor de Rotterdammers en voor iedereen die op Pim heeft gestemd.''