Wordt er gemarteld?

Toen president Poetin in Nederland op staatsbezoek was, is hem er beleefd maar duidelijk op gewezen dat het met de mensenrechten in Rusland niet altijd in orde is. We gaan ervan uit dat het niet veel zal hebben geholpen. Aan het einde van het bezoek waren beide partijen tevreden over het aanhalen van de nauwe banden, in het bijzonder de commerciële en daar was het tenslotte om begonnen. Maar in ieder geval waren de mensenrechten niet onbesproken gebleven. Een `gidsland' zijn we niet meer, dat woord is uit de tijd, maar we geloven nog altijd dat we op dit gebied een naam te verliezen hebben. In de discussie over de toetreding van Turkije tot de Europese Unie komt uit de Nederlandse publieke opinie het argument dat de tijd niet rijp is, omdat het met de mensenrechten daar nog niet in orde is.

Alleen al daarom verdient het debat dat nu in Amerika gaande is, grote Nederlandse aandacht, ook van het kabinet. Het is nu bijna vier jaar geleden dat gevangenen uit de oorlog tegen de Talibaan in Afghanistan werden ondergebracht in het speciale kamp op Guantánamo Bay op Cuba. Ze werden niet beschouwd als normale krijgsgevangenen, ze waren `vijandelijke strijders' op wie de Conventies van Genève niet van toepassing waren. Ze zouden t.z.t. door militaire tribunalen worden berecht. Intussen hadden ze geen recht op juridische bijstand. Dat wekte veel protest, ook in Amerika. Een van de felste critici was de conservatieve columnist van The New York Times, William Safire. Die is intussen met pensioen. De gevangenen zitten nog steeds op Guantánamo.

De oorlog in Irak begon. Ook daar werden gevangenen gemaakt. Toen kwam het schandaal van Abu Ghraib, waar gevangenen werden gemarteld. De daders hadden er foto's van gemaakt, niet met de bedoeling dat die als bewijs zouden dienen. Maar dat gebeurde wel. ,,Een paar rotte appels'', zei minister Rumsfeld. Er kwamen rechtszaken en veroordelingen. Het kwaad werd er niet mee ongedaan gemaakt. Tot op de dag vandaag dienen deze foto's de anti-Amerikaanse propaganda in het Midden-Oosten.

Nu verschijnen al meer dan een jaar berichten dat de CIA in een toleranter buitenland – Egypte, niet met name genoemde Aziatische en Oost-Europese naties – geheime gevangenkampen heeft waar mag worden gemarteld. Vorige maand heeft de Senaat met negentig tegen negen stemmen een motie tegen het martelen aangenomen. Hierna moet het Huis van Afgevaardigden zich uitspreken. Vice-president Dick Cheney probeert te voorkomen dat een uitspraak zal worden gedaan die de CIA in zijn vrijheid van handelen zal belemmeren. Afgelopen maandag heeft de president zich uitgesproken. ,,Wij martelen niet'', zei hij. ,,We werken samen met het Congres om te verzekeren dat we in onze voortgang niet worden gehinderd. Er is een vijand die loert en samenzweert en die Amerika opnieuw wil treffen. En dus zullen we die aggressief achtervolgen. Maar dat doen we binnen de grenzen van de wet.''

Daarvoor, zou je zeggen, hoeft dan ook niet de Geneefse Conventies opzij te worden gezet, geheime tribunalen ingesteld, gevangenen jaren rechtskundige bijstand onthouden, buitenlandse gevangenissen opgericht. Als er niet wordt gemarteld, niets wordt gedaan dat in strijd is met de internationale verdragen, is iedere redelijke controle welkom. Dan heb je geen kampen in een verdacht buitenland nodig. Maximale openbaarheid over een rechtvaardige behandeling van de tegenstander bevordert de goede zaak. De verdenking ontstaat juist door het verzet tegen openheid en beproefde juridische procedures.

Waarom zou er trouwens gemarteld moeten worden? Er zijn vier sterke argumenten tegen. Zoals alle praktijk bewijst, blijven systematische mishandelingen nooit geheim. De vijand wordt er niet door afgeschrikt maar raakt verbitterder. De haat neemt toe. De partij die zich aan de martelingen schuldig maakt, bevordert daarmee de propaganda tegen zichzelf. Het winnen van de hearts and minds is een strategisch doel dat op zo'n manier verder uit het zicht raakt. Ten derde zijn de inlichtingen en bekentenissen die op deze manier worden verkregen, berucht onbetrouwbaar. Uit oogpunt van doelmatigheid is martelen driemaal zinloos.

En ten slotte vernedert degene die martelt zichzelf en het systeem waarvan hij deel uitmaakt. De kampbeulen en de Gestapo worden nu beschouwd als de zuiverste vertegenwoordigers van het nazidom. Uit de Koude Oorlog leven de Goelag en de hersenspoeling voort in de herinnering. Het fel en toenemend verzet in Amerika tegen alles wat op dit gebied zweemt naar een poging van het bewind van president Bush om zich in het Westen een uitzonderingspositie, een positie `boven de wet' toe te kennen, bewijst hoezeer het hier op de verkeerde weg is. Gisteren heeft de Washington Post nieuwe berichten over detentiekampen in een onbekend buitenland gepubliceerd. Het zou wel heel absurd zijn als wij een geheime gevangenis hadden ergens in de voormalige Sovjet-Unie, zei senator Leahy.

Amerika blijft onze grote bondgenoot. We zijn deelgenoot geweest in Irak, en nu zijn we het nog altijd in Afghanistan. Beschouw het daarom als een vriendendienst als minister-president Balkenende of minister Donner eens in Washington informeert naar de geheime behandeling van de `vijandige strijders' die wij nog steeds krijgsgevangenen noemen. Dat is in overeenstemming met onze overtuiging. En hoe dan ook, Bush staat dichter bij ons dan Poetin.