`Wij vervangen de politie niet'

Met burgerwachten wapenen de bewoners van de Franse voorsteden zich tegen relschoppers. ,,Onze aanwezigheid is preventief.''

Het is hier vanavond vreemd rustig, constateert het groepje mannen dat tegen middernacht de wacht houdt in de wijk La Boétie in de voorstad Sevran ten noordoosten van Parijs. Geen schaduwen meer in de bosjes rond hun park, geen geur meer van benzine als ze er met drie of vier man hun rondje maken langs de auto's op de parkeerplaatsen.

,,Dat was de vorige week wel anders'', vertelt buurtbewonder Manu, sinds ruim een week elke avond op straat. Met een armzwaai naar links: ,,Daar vlogen er tien in de fik.'' Een armzwaai naar rechts: ,,Daar twaalf''. Helemaal gerust is hij er ook nu niet op. ,,Ik hoorde dat ze vanavond verderop nog een school in brand hebben gestoken.''

De mannen om hen heen schudden het hoofd. ,,Het is geen protest ergens tegen hoor'', verzekert conciërge Alphonse, een van de organisatoren van dit initiatief van buurtpreventie. ,,Dit is gewoon vandalisme.'' ,,Zinloos geweld'', beaamt de 35-jarige Gilles, in het dagelijks leven werkzaam als privé-detective. ,,Achter lang niet elke actie van de relschoppers zit een boodschap.'' De buurtwachten zijn kritisch over de aandacht van media, die het vuur volgens hen aanwakkert. ,,Als je elke dag de aantallen afgebrande auto`s geeft, wordt het vanzelf een wedstrijdje.'' Sinds anderhalve week nu nemen ze nu deel aan dit spontane initiatief van buurtpreventie. Vijftig tot zestig mannen bleven elke nacht tot een tot twee uur in de nacht op. ,,Dat is één procent van de 6.000 bewoners hier'', onderstreept Gilles. Vanavond zijn ze met de helft minder. ,,Het is vermoeiend dit vol te houden,'' verklaart Didier Cannesson, een vriendelijke vijftiger. ,,De meesten van ons gaan elke morgen weer naar hun werk.'' Hij had graag gezien dat ook in hun stad spertijd had gegolden voor minderjarigen tot zestien jaar. ,,Dan hadden wij kunnen gaan uitrusten.''

De afgelopen dagen zijn her en der in de Parijse voorsteden burgerwachten ingesteld, vaak in samenwerking met het plaatselijke bestuur. In La Boétie doen ze het helemaal zelf. Geen van de aanwezigen vindt dat zij eigenlijk het werk van de politie doen. ,,De politie kan het nu eenmaal niet alleen aan'', meent conciërge Alphonse, een van de initiatiefnemers. ,,Wij vervangen de politie niet. Onze aanwezigheid is preventief. Als die jongens zien dat er iemand staat, komen ze niet. Maar als er iets is, bellen we de politie.'' Andere mannen knikken als Alphonse betoogt dat de rellen meer zeggen over ouders dan over de overheid. ,,Als je een avondklok moet instellen om kinderen `s nachts binnen te houden, heb je echt een probleem.''

Servan ligt een paar kilometer van Clichy-sous-Bois, waar de rellen eind oktober begonnen. In de naburige steden Aulnay-sous-Bouis en Villepinte zijn flinke rellen geweest. De burgemeester van Villepinte, Martine Valenton, kreeg deze week nog een molotovcocktail tegen haar huis. Sevran is rustiger, rijker ook. De stad heeft betrekkelijk veel wijken met losstaande huizen. La Boétie is een wijk met flats van enkele etages hoog, omgeven door parkachtige woonerven. Nellie, een gepensioneerde dame, verzekert dat zij elke avond in haar eentje de hond uitlaat, net als nu. Maar tegelijk hebben alle inwoners wel verhalen over overlast, zoals van motoren die `s nacht op volle snelheid heen en weer scheuren. Nellie is een keer aan haar haren uit de hal van haar woonflat gesleept, toen ze een opmerking maakte over een scooter in het trappenhuis.

Niet eerder hebben de bewoners zich gemobiliseerd zoals nu. Tijdelijk buurtwacht Cannesson verklaart het initiatief uit de omstandigheid dat de meeste appartementen in La Boétie eigendom zijn van de bewoners. ,,Als je in een huurwoning zit ga je gewoon weg als het verslechtert. Maar dat kunnen wij niet doen.'' Iets verderop liggen hoge torenflats, waar de bewoners vaak migranten zijn. Daar wonen de onrustzaaiers, verzekeren de buurtwachten, maar een voor een waarschuwen ze tegen ,,een amalgaam tussen immigratie en de rellen'', zoals Manu het formuleert. ,,Dan worden we boos.'' In La Boétie wonen óók Indiërs, Antillianen en Noord-Afrikanen, onderstrepen ze. De bepalende factor voor integratie, meent Gilles, is de bereidheid om te werken. ,,De jongens die 's avonds onrust stoken, willen niet om zeven uur opstaan. En ze zijn niet zo arm. Ze leven gewoon in een andere wereld. Zij wijzen de regels van de maatschappij af, dat is het probleem.''