Mobieltje zwijgt als Chinese boer zijn grond kwijt raakt

In het nauw gebrachte lokale politici in Frankrijk hebben deze week voorzichtig de mogelijkheid geopperd het mobiele telefoonnetwerk stil te leggen door middel van een opzettelijke `technische storing'. Op die manier zouden ze willen voorkomen dat de jeugd in de buitenwijken van Parijs elkaar via mobieltjes razendsnel doorgeeft waar rellen plaatsvinden.

In China kijken de autoriteiten waarschijnlijk met verbazing naar het in hun ogen weekhartige optreden van hun Franse ambtscollega's. Zij zouden zelf geen enkele aarzeling voelen om het mobiele netwerk plat te leggen als ze rellen of andere protestacties willen breken. Integendeel: volgens Chinese activisten is zoiets de standaardprocedure als de autoriteiten bijvoorbeeld willen overgaan tot een (meestal nachtelijke en niet van tevoren aangekondigde) ontruiming van stukken boerenland. Dergelijke gedwongen ontruimingen komen de laatste jaren veel voor, want zowel in de steden als op het platteland is grond een waardevol commercieel goed en een begeerde bron van extra inkomsten voor corrupte ambtenaren geworden.

Het mobiele netwerk moet uit voor zo'n ontruiming begint, want anders zouden de getroffen boeren meteen proberen anderen te hulp te roepen via hun mobieltje. Veel boeren zijn weliswaar arm, maar ook voor hen is een mobieltje een must. Al is het maar een tweedehandsje. Voor elke mobiele telefoonwinkel in de hoofdstad Peking zitten boeren op kleine krukjes met een kartonnen bord voor zich. Zij kopen de oude mobieltjes op van de modegevoelige stadsbevolking, voor wie het heel belangrijk is om het allernieuwste model telefoon te hebben. Net als een zo groot en nieuw mogelijke auto is dat een van de belangrijkste moderne statussymbolen.

Chinese activisten maken steeds dankbaarder gebruik van de moderne communicatietechnologie, niet alleen van mobiele telefoons, en het lukt ze regelmatig om hun boodschap naar buiten te brengen, ondanks de strenge controle. Zo ontving ik eerder deze week opeens weer een mailtje van een groep waarvan ik vermoedde dat die afgelopen zomer door de overheid om zeep was geholpen. Het mailtje was afkomstig van actievoerders uit de olierijke provincie Shaanxi, in het midden van het land, die proberen om namens 60.000 boeren een proces aan te spannen tegen de overheid. Zij eisen compensatie voor de onteigening van hun oliebronnen. Die werden hun twee jaar geleden met geweld afgepakt door de autoriteiten.

De Pekingse advocaat die zich voor de zaak beijverde, werd afgelopen zomer opgepakt, samen met de belangrijkste activisten in Shaanxi. Hij is inmiddels weer vrij, zo meldt de mail, en de boeren willen hun rechtszaak tegen de overheid nog steeds doorzetten. Dat is informatie die me niet snel via de officiële media zou bereiken, maar e-mail stelt de groep in staat om een eigen `persbericht' naar hun contacten te versturen.

Boeren gebruiken de moderne technologie ook om misstanden in hun vaak afgelegen en geïsoleerde dorpen aan de buitenwerd te tonen. Zo maakte een boer deze zomer met een simpele videocamera beelden van een poging tot gewelddadige ontruiming van boerenland met een ingehuurde knokploeg. Daarbij kwamen zes boeren om het leven. De beelden gingen de hele wereld over, en leidden nationaal en internationaal tot veel ophef.

Voor de overheid schuilt in dat toegenomen gebruik van technologie op het platteland een groot gevaar. Wat als er een nationaal netwerk van dissidente contacten ontstaat en de vele plaatselijke actievoerders zich gaan verenigen in nationale organisaties?

Daar zijn al tekenen van aan te wijzen. De relatief kleine groep activisten die in China zijn nek durft uit te steken, beschikt soms als grootste schat over een adresboekje met de contactgegevens van `collega's' in heel China. Op hun lijsten staan vaak sympathiserende advocaten en wetenschappers die je snel kunt bellen om aan de buitenwereld te laten weten wat er met jou of in jouw woonplaats aan onrecht plaatsvindt. Deze meer hervormingsgezinde mensen zien elkaar ook op wetenschappelijke congressen in Peking, die worden georganiseerd om maatschappelijke en wetenschappelijke steun te mobiliseren voor de strijd tegen de ongecontroleerde almacht en willekeur van de Chinese staat.

Op dit moment hoeden deze groepen zich er wel voor om zich uit te spreken tegen het Chinese staatssysteem. Zij respecteren de overheid en de communistische partij, zo benadrukken zij vrijwel altijd. Ze willen alleen dat China zich aan zijn eigen wetten houdt, en liefst op den duur een heuse rechtsstaat wordt.

Hun acties zijn pikant tegen de achtergrond van de Franse rellen, waar de overheid de vrijheid van communicatie, bijvoorbeeld via je mobieltje, in het hoger geachte belang van de sociale stabiliteit voorzichtig ter discussie begint te stellen.