Missie van Marco Pastors even ten einde

Marco Pastors stond al langer bekend om zijn denigrerende uitspraken over moslims. Maar voor coalitiepartner CDA was de maat nu echt vol. De fractieleiding was `oprecht verontwaardigd'.

Fractieleider Harm van den Born van het CDA in Rotterdam vond Marco Pastors altijd ,,net een missionaris''. In zijn ogen was de wethouder een gelovige met een missie. ,,Hij vindt dat hij gelijk heeft als het gaat over de gevaren van de islam. En wat iedereen ook zegt, hij geeft niet op. Hij wil zijn gelijk halen. Maar je weet: met missionarissen kan het slecht aflopen. Die eindigen soms in de pan.''

Aan de missie van `de wethouder van de islam' Marco Pastors is gisteren een einde gekomen – door Harm van den Born. Eerst kwam de CDA-fractieleider op 17 maart met een `spreekverbodmotie', waardoor Pastors sindsdien alléén nog iets mocht zeggen over de islam als dit betrekking had op zijn eigen beleidsterrein, de volkshuisvesting. Gisteren steunde het CDA een motie van GroenLinks waarin de gemeenteraad het vertrouwen in Marco Pastors opzegde, omdat hij zich niet aan de afspraken uit de spreekverbodmotie had gehouden. Net zomin als aan andere afspraken, trouwens.

Harm van den Born gisteren: ,,In deze coalitie en in dit college zijn in 2002 (de start van het college, red.) duidelijke afspraken gemaakt over het integratiebeleid. Iedereen in onze stad die mee wil doen bieden we kansen, ongeacht afkomst, nationaliteit of religie. We willen mensen insluiten in plaats van uitsluiten. Dit college is er voor álle Rotterdammers. Respect voor elkaar is de rode draad.''

Maar waarom houdt het CDA wethouder Pastors nu pas aan die afspraken, drieëneenhalf jaar na de start van het Rotterdamse `Pim Fortuyn-college' en vier maanden vóór de volgende gemeenteraadsverkiezingen? Sinds de moord op Fortuyn heeft wethouder Marco Pastors keer op keer de publiciteit gezocht (en gehaald) met moslimonvriendelijke uitspraken, vaak samengevat in termen als allochtonenstop, minarettenstop of `hek rond de stad'. De uitspraak waarom hij gisteren uiteindelijk moest opstappen (zie kader) is een van de minder expliciete in dit verband.

Er zijn in elk geval drie verklaringen. De eerste is een wisseling van personen, ruim een jaar geleden. De van nature tot compromissen bereide CDA-wethouder Sjaak van der Tak (Integratie) werd toen burgemeester van Westland. Van der Tak werd opgevolgd door Leonard Geluk, tot die tijd fractieleider. Harm van den Born werd fractieleider. De nieuwe wethouder en de nieuwe fractieleider, van huis uit gereformeerd, zijn mannen-uit-één-stuk. ,,Een afspraak is een afspraak, een man een man, een woord een woord'', hield Harm van den Born gisteren Marco Pastors voor.

Daarmee hangt de tweede verklaring samen: de steun aan de motie van wantrouwen kwam niet zozeer voort uit politieke berekening, alswel uit authentiek gevoelde verontwaardiging: zo praat een wethouder niet over de mensen in zijn stad. Ook al is het CDA trots op de prestaties van dit college – zéker Leonard Geluk, die met Sjaak van der Tak in 2002 de formatie-onderhandelingen voerde – in de omgang tussen mensen zijn er grenzen die je niet mag overschrijden. ,,Waar het hier om gaat'', zei Harm van den Born gisteren, ,,is het hart van het integratiebeleid, waar vanaf de start van dit college zo veel in is geïnvesteerd en waar ook zo veel van afhangt voor onze stad en haar bewoners''.

Het CDA onder leiding van Harm van den Born en Leonard Geluk kon de uitspraken van Marco Pastors oprecht ,,niet meer accepteren''. Waar nog de moeizame positie bijkwam van CDA'er Allaatin Erdal, raadslid van Turkse afkomst. Erdal heeft de afgelopen jaren een aantal keren overwogen te stoppen, steeds naar aanleiding van door hem als kwetsend ervaren antimoslimuitspraken van Marco Pastors.

Ook al tijdens het debat van 17 maart, toen Van den Born de spreekverbodmotie indiende, ging het CDA uit van een mogelijk vertrek van Marco Pastors. ,,Dat had gekund'', zei de CDA-fractieleider achteraf laconiek. Pastors' vertrek was niet het doel van het CDA, maar werd van tevoren wel geaccepteerd als mogelijke uitkomst van het debat. Ook wethouder Leonard Geluk nam die uitkomst voor lief, toen hij vorige week in een vraaggesprek met deze krant Pastors betichtte van ,,een polariseringskramp'', een term die hij had opgedaan in gesprekken met voormalig CDA-leider en Rotterdammer Ruud Lubbers.

De derde verklaring voor het feit dat het CDA de uitspraken van Pastors niet meer wenste te accepteren, wordt gevormd door de verkiezingen. De slechte stand van het CDA in Rotterdam in de peilingen (drie zetels, nu vijf) vormt niet de reden voor de onwrikbare opstelling van gisteren, maar speelt wel een rol op de achtergrond. Een politieke wet luidt dat `wie breekt, betaalt', maar het CDA in Rotterdam gaat ervan uit dat de verkiezingen niet slechter kunnen uitvallen dan de peilingen nu uitwijzen.

Sinds gisteren kan lijsttrekker Marco Pastors van Leefbaar Rotterdam voluit de verkiezingsstrijd ingaan. Maar dat geldt ook voor CDA-lijsttrekker Leonard Geluk, die nu uit Pastors' schaduw kan treden. Hij zal campagne gaan voeren met het integratiebeleid van het college, dat voor hem samenvalt met zijn persoonlijke visie.