De hoge hangar vult zich met indringend gehuil

In een hangar op Schiphol werden gisteren de elf slachtoffers herdacht van de brand in het cellencomplex. ,,Waarom worden illegalen opgesloten in zulke cellen?''

`Medemensen' noemt minister Donner (Justitie, CDA) de elf slachtoffers van de brand in vleugel K van het cellencomplex op Schiphol-Oost, in de nacht van 26 op 27 oktober. Tot nu waren het `illegale vreemdelingen', waarvan het ministerie van Justitie weigerde de namen bekend te maken. ,,Over gedetineerden doen we nooit mededelingen'', aldus een woordvoerder.

Maar op de nationale herdenking van de slachtoffers gistermiddag in een met witte gordijnen aangeklede hangar van Jet Support wordt de anonimiteit eindelijk doorbroken. Verdriet en het besef van menselijk falen winnen het van de formele koers dat wetten en regels te allen tijde nageleefd moeten worden. Justitiepastor Martin Zandstra en gevangenisimam Gürbüz Yalcin lezen tijdens de interreligieuze kerkdienst de namen voor van de elf slachtoffers en hun nationaliteit. Wij herinneren ons: Mehmet Avar (Turkije), Kemal Sahin (Turkije), Vladislav Leniev Petrov (Bulgarije), Naiva Apensa (Suriname), Robert Jules Arah (Suriname), Al Swaiai (Libië), Maribel Martinez Rodriquez (Dominicaanse Republiek), O. Nynych (Oekraine), George Sas (Bulgarije), Dato Kasojev (Georgië) en Taras Bilyk (Oekraïne).

De ministers Donner en Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie, VVD) steken samen met familieden, nabestaanden en anderen die betrokken waren bij de brand, kaarsen aan ter nagedachtenis van hen. De herdenkingsdienst ontsnapt gaandeweg aan het strakke protocol en krijgt meer het karakter van een rouwdienst. Op een geïmproviseerd altaar, vooraan in de hangar, staan op verzoek van de nabestaanden vijf blankhouten kisten. De stoffelijke overschatten van de andere zes slachtoffers zijn al overgevolgen naar de landen van herkomst. Elf zuilen met witte linten met daarop de namen van de overledenen pieken als grafzerken uit het altaar.

In de openingswoorden van Donner klinkt machteloosheid en vertwijfeling. ,,Wetten moeten worden gehandhaafd, zonodig door bewaring'', meent hij. ,,Maar dit is niet de prijs die ons als samenleving daarbij voor ogen staat. Mensen vastzetten impliceert verantwoordelijkheid nemen voor hun veiligheid.''

Minister Verdonk spreekt in korte, afgebeten zinnen. Ze verhaalt van de brand, en hoe ze het uitgebrande cellencomplex aantrof in de morgen na de rampzalige gebeurtenis. ,,[...] buiten op de luchtplaatsen lagen nog achtergelaten dekens; om ons heen vermoeide en geëmotioneerde medewerkers. Verslagenheid alom.''

Maar het is uiteindelijk Gifty Wadieh, die haar Surinaamse man verloor en die namens de nastaanden het woord voert, die eisen durft te stellen: de politiek heeft de verantwoordelijkheid om zin te geven aan de dood van deze elf mensen. ,,We zitten met vragen en we willen antwoorden'' benadrukt ze. ,,Waarom worden illegalen opgesloten in cellen zoals op Schiphol-Oost'', wil ze van de aanwezige ministers en Kamerleden weten.

In de hangar zitten verder zo'n tachtig nabestaanden, brandweermannen advocaten en vertegenwoordigers van VluchtelingenWerk Nederland en verschillende diensten van justitie: het gevangeniswezen, de Immigratie- en Naturalisatie Dienst, de marechaussee. Maar er is ook een stoet aan bewakingspersoneel, ondermeer voor het Kamerlid Geert Wilders.

Buiten laat een handjevol demonstranten weten dat Donner en Verdonk samen verantwoordelijk zijn voor de brand, omdat ze onverantwoordelijk hebben gehandeld. En dat de opsluiting van vluchtelingen moet stoppen. Als om vier uur een minuut stilte in acht wordt genomen in de hangar, gebeurt dat ook in alle justitële inrichtingen.

De nabestaanden zeggen vrijwel allemaal dat ze de dienst als een eerbetoon hebben ervaren. ,,Het is belangrijk voor mij dat dit is gebeurd', 'zegt de weduwe van de Bulgaarse Petrov. Maar de pijn is er niet minder om, ook al wordt die nu gedeeld met anderen, zoals minister Verdonk benadrukte.

Na afloop vult de hoge hangar zich met indringend gehuil vanaf het altaar waar familieden en vrienden zich om de vijf lijkkisten hebben geschaard.