Canada was veel te duur

De meeste vluchtelingen kunnen in Nederland niet hun oude beroep oppakken. Ali Norozi lukte het, hoewel hij het liefst Informatica had willen studeren. Deel 7 van een serie.

Naam: Ali Norozi Ghazvini (44)

Gevlucht vanuit en wanneer: Iran 1990

Beroep daar: tv-reparateur

Beroep hier: tv-reparateur

Het repareren van een beeldbuis heeft iets lastigs. De reparateur werkt aan de achterkant van het toestel, terwijl het effect alleen aan de voorkant te zien is. Ali Norozi heeft daar iets op bedacht. Hij zet het toestel op een tafel, en in een half gebroken spiegel die tegen de muur leunt, ziet hij hoe de kleurbalans op het scherm verandert.

Zo'n zeven jaar werkt Norozi (44) nu in zijn bescheiden winkel aan de Amsterdamse Postjesweg. Hij repareert en verkoopt er tv's en andere, kleine elektronica. Een paar jaar geleden zat hij nog tot zijn nek in het werk. Nu is het iets rustiger. ,,Televisies worden steeds goedkoper, veel mensen vinden het niet meer de moeite waard om ze te laten repareren'', zegt Norozi.

Norozi kwam op 8 januari 1991 in Nederland aan, met een vliegtuig uit het Turkse Izmir. De reis was ruim drie maanden eerder begonnen vanuit Teheran. Norozi had daar al een reparatiebedrijfje, maar wilde per se weg uit Iran. Waarom wil hij niet zeggen. Hij gaat inmiddels ieder jaar terug op familiebezoek. ,,De regering heeft alle vluchtelingen gratie verleend.''

De reis was lang en nat. In het najaar trokken ze door het bergachtige grensgebied tussen Iran en Turkije. ,,We moesten door een rivier waden. Aan de andere kant stond een man ons op te wachten, toen waren we in Turkije. We stapten in een bus. Een verkenner reed voor ons uit.'' Eenmaal in de bewoonde wereld, moesten de vluchtelingen verder zelfstandig hun weg vinden door het land. ,,Je moest constant over je schouder kijken. Als je werd gepakt, werd je naar Iran teruggestuurd.'' In Istanbul leek de vlucht nog een echec te worden, toen hij door een agent werd aangehouden. ,,Gelukkig is de Turkse politie corrupt. We gaven hem 50 dollar en we mochten gaan.''

Er komen twee mannen de winkel binnen. Het zijn bevriende medewerkers van Iran Air op Schiphol, die Norozi een tas met Iraanse tijdschriften brengen. De mannen spreken even in het Perzisch en nemen weer afscheid.

Norozi wilde oorspronkelijk naar Canada, maar dat was te duur: 8.000 dollar. In overleg met de contactpersonen in Istanbul werd het Nederland. Ook mooi, en slechts 3.000 dollar. In het vliegtuig werden volgens beproefd recept de paspoorten verscheurd en door de wc gespoeld. Bij de marechaussee op Schiphol vroegen Norozi en zijn reisgenoot direct politiek asiel aan.

Ze verwachtten dezelfde dag nog door de immigratiedienst ondervraagd te worden. Het zou achttien maanden duren, een tijd die ze op verschillende plaatsen in Nederland doorbrachten. Het uiteindelijke gesprek met een vrouw van het ministerie van Justitie was een anticlimax. ,,Ik had me voorbereid op een zware ondervraging. Maar ze stelden een paar vragen die ik zonder problemen kon beantwoorden. Toen strekte ze haar hand uit en zei: welkom in mijn land.''

Ali wilde informatica gaan studeren. Maar was te oud voor een studiebeurs voor voltijds onderwijs. Het werd een studie economie. In de avonduren, want overdag verdiende hij geld met zijn oude stiel, het repareren van tv's en stereo-installaties. ,,Na anderhalf jaar hield ik met de studie op. Het was te zwaar.'' Maar hij klaagt niet. Hij heeft `een naam' opgebouwd. ,,Zonder reclame'', zegt hij trots.

Dit is het zevende deel van een serie over vluchtelingen en hun baan in Nederland. Volgende week: een activiteitenbegeleidster.