Weter

Iedereen kent de types, maar ze zijn nog niet eerder beschreven. In de negende en laatste aflevering van de serie `In het wild' de `weter'.

Een gesprek voeren met een weter is niet zo leuk. De weter weet namelijk alles al. En in dingen die hij niet weet, is hij niet geïnteresseerd. Als hij er wel in geïnteresseerd was geweest, had hij namelijk wel zijn best gedaan om er wat vanaf te weten.

De weter is een man, bijna altijd in ieder geval. Hij is anders dan een betweter. Een betweter wacht tot jij iets zegt, en dan weet hij het onmiddellijk beter. De weter wacht niet. De weter komt meteen met zijn weetjes. Het is moeilijk om te bepalen wie er irritanter is, de weter of de betweter. Ze zijn allebei hoogst irritant, dat is een ding dat zeker is. Zet ze vooral niet naast elkaar bij een leuk etentje.

De weter vindt het heel leuk als mensen hem een `omgevallen boekenkast' noemen. Dat is namelijk precies wat hij altijd heeft willen zijn. Hij heeft ook een boekenkast, thuis (hij vindt het trouwens leuk als je die boekenkast goed bekijkt als je bij hem bent, en hij wil jouw boekenkast ook graag bekijken, maar hoed je: hij zal onaardige opmerkingen maken over sommige boeken die erin staan, en over de manier waarop je de kast hebt ingedeeld en over het gebrek aan eerste drukken en bibliofiele uitgaafjes). De informatie uit de boeken in die boekenkast zit allemaal in zijn hoofd. Waarom? zou je aan de weter kunnen vragen. Maar dat kun je beter niet doen. Want de weter weet zelf eigenlijk ook niet waarom al die informatie in zijn hoofd zit.

Er is natuurlijk een psychologische reden dat de weter zoveel moet weten van zichzelf. Meestal heeft de weter net iets minder opleiding dan de mensen om hem heen. Dat wil niet zeggen dat hij slecht opgeleid is, hij is gewoon ietsje minder opgeleid. Dus als al zijn collega's bijvoorbeeld doctorandussen zijn, is hij hbo'er. Of als de meeste van zijn vrienden hbo hebben gedaan, is hij na een jaar studeren gestopt. Dit heeft geleid tot, wat een verrassing, compensatiegedrag. Het kan niemand iets schelen of de weter wel een bul boven zijn bed heeft hangen, maar dat is een van die weinige dingen die de weter niet weet. Hij denkt: iedereen ziet aan mij dat ik net ietsje minder opleiding heb. Maar ik zal ze eens laten zien wat ik allemaal weet!

Hij komt constant met feitjes op de proppen, en kijkt dan naar je reactie. Ha! Wist ze niet! Een andere methode wordt gebruikt door de iets slimmere weter (vaak een gesjeesde student). Hij zit bijvoorbeeld een verhaal te vertellen over de loodgieter die deze week al drie keer is geweest en er steeds niet in slaagde de kraan te repareren. En dan zegt hij ineens: ,,Ja, zoals Herodotus al zei...'' Nu word jij geacht te begrijpen welk citaat van Herodotus op zijn plaats is in een verhaal over een onkundige loodgieter. Maar dat weet je natuurlijk niet. En dat vindt de weter heerlijk. ,,Ken je dat citaat niet? Hallo, heb jij nou gymnasium? Jij bent toch een gymnasiumkindje? Nah.''

Het is zaak om nooit aan de weter te laten merken dat je onwetend bent. Dus als hij komt met zijn ,,Zoals Herodotus al zei...'' gewoon lachen van ,,ja-hahahaha, jaja''. Als je echt een bluffer bent, kun je zelfs iets zeggen als: ,,Nee, je bedoelt Tacitus!'' Het kan ook dat hij tijdens jouw vakantieverhaal over Wenen, ineens zegt: ,,Mmm. Wenen. De nevelen'' en je geen idee hebt over welke nevelen hij het heeft, gewoon herhalen: ,,Ja, de nevelen.'' Of als hij je op een feestje gecornerd heeft in de keuken en met een veelbetekenende blik op het rommelige aanrecht zegt: ,,Wittgenstein'' en je bent wederom extreem puzzled maar je hebt gewoon geen zin om te vragen ,,Wat heeft Wittgenstein in godsnaam te maken met dit aanrecht?'', dan kun je zelfs volstaan met een veelbetekenend optrekken van je wenkbrauwen en een kort glimlachje.

Wat je ook kunt doen, als je echt veel energie over hebt, is erachter proberen te komen waar de weter niet zoveel vanaf weet. De weter is meestal goed thuis in de basics van de filosofie, want hij denkt dat slimme mensen allemaal het verzamelde werk van Plato uit hun hoofd kennen. Hij weet ook veel van geschiedenis en aardrijkskunde. Dus niets met jaartallen gaan uitproberen, dat win je nooit. Waar de weter meestal veel minder van weet, zijn dingen zoals mode en design. Veel te frivool voor de weter. Dus als je de volgende keer met de weter op een verjaardag bent, en hij heeft net heel snel iets in het Duits gezegd wat jij moest snappen, zeg dan: ,,Ik vind deze woonkamer een beetje old school Starck, vind je ook niet? Béétje Alessi.'' Hij zal van je weglopen en met een geërgerde blik de boekenkast van de gastheer gaan bestuderen, zijn handjes gevouwen achter zijn rug.