Strijd tegen het zaad van de duivel

Katwijk staat bekend als drugsdorp. Terecht? ,,Het kan ook komen doordat wij het drugsprobleem bespreekbaar hebben gemaakt.''

Enkele honderden mensen verzamelen zich in de imposante Nieuwe Kerk van de hervormde gemeente in Katwijk aan Zee. Ze komen op deze vrijdagavond voor de herdenkingsdienst van Stichting De Brug, een instelling voor christelijke verslavingszorg die tien jaar bestaat. ,,Verslaafden helpen, o God, wat een feest is dat'', preekt voormalig dominee Glashouwer. Een ex-verslaafde doet getuigenis, waarbij hij heroïne ,,het zaad van de duivel'' noemt.

Katwijk heeft een reputatie als drugsdorp. Dat werd eind vorige maand nog eens bevestigd: vijf mannen uit Katwijk en omgeving werden veroordeeld tot gevangenisstraffen van anderhalf tot acht jaar voor het in- en uitvoeren van cocaïne. Het was niet de eerste keer dat Katwijk in verband wordt gebracht met drugs. Midden jaren negentig werd melding gemaakt van de grote hoeveelheid cocaïne, heroïne en wiet die Katwijkse jongeren, net als hun leeftijdsgenoten in andere vissersdorpen, zouden consumeren.

,,Volgens mensen van buiten Katwijk is ons drugsprobleem groot'', zegt de huidige dominee van de hervormde gemeente in Katwijk, dominee Alblas. ,,Maar dat kan ook komen doordat wij het bespreekbaar hebben gemaakt.'' Huisarts Hans Moolenburgh speelde een doorslaggevende rol in de Katwijkse drugsaanpak. Medio jaren negentig bleek uit een steekproef dat Katwijk ongeveer tweehonderd heroïneverslaafden telde op veertigduizend inwoners, 0,5 procent van de bevolking. Ter vergelijking: op dit moment gebruikt 0,1 procent van de totale Nederlandse bevolking heroïne. Moolenburgh had een simpele vraag aan toenmalig dominee Glashouwer: zou de hervormde kerk willen meewerken aan het bestrijden van het drugsprobleem?

De vraag van Moolenburgh leidde tot de oprichting van Stichting De Brug. En de leden van de hervormde gemeente kregen uitgebreide voorlichting over drugsprijzen, handelslocaties en verslaafden. ,,Dat was best confronterend'', zegt Moolenburgh. Dominee Glashouwer, in zijn preek: ,,Begin jaren negentig wisten we nergens van, we stonden met onze rug tegen de muur, maar het is gelukt dankzij Hem!''

Tien jaar later is huisarts Moolenburgh voorzitter van platform Kocon, het overkoepelende orgaan voor drugspreventie, zorg en maatschappelijk herstel in Katwijk. Het platform verenigt de GGD, de gemeente, het sociaal-cultureel werk, de politie, jeugdzorg, huisartsen, kerken, verslavingszorg en de Anonieme Alcoholisten. Ondanks enkele verschillen van mening onder platformleden zijn alle betrokkenen positief over het Katwijkse drugsbeleid.

Katwijk maakt gebruik van bestaande structuren om drugsgebruik te voorkomen en, indien nodig, tegen te gaan. Zo worden jeugd- en jongerenwerk en de kerken ingeschakeld om in eigen kring de gevaren van drugsgebruik te verkondigen. ,,Er wordt niet meer met het vingertje geheven'', zegt Moolenburgh. ,,Alcohol en drugs zijn er nu eenmaal.''

Het ontbreken van een coffeeshop is onderdeel van het beleid. Een meerderheid van de Tweede Kamer beschouwt een coffeeshop, waar in theorie alleen softdrugs worden verkocht, als een goed middel om harddrugsgebruik te voorkomen. Maar binnen het platform is iedereen het in grote lijnen met elkaar eens: scheiding van de markt is een illusie en een coffeeshop lost de problemen van drugsgebruik niet op. Hans Moolenburgh haalt een uitspraak aan van voormalig korpschef Wiarda van de politie Haaglanden: 95 procent van de drugs bereikt de consument, de markt is verzadigd. De drugs bereiken de consument toch wel, zegt Moolenburgh, maar de vraag is hoe wij daar met zijn allen mee omgaan.

Uit onderzoek van de GGD uit 2003 bleek dat 20 procent van de blowende jongeren van de Duin- en Bollenstreek, voornamelijk afkomstig uit Katwijk en Rijnsburg, in Katwijk wiet haalt. Deze jongeren maken gebruik van vrienden, dealers of een koerier. ,,De markt is harder aan het worden'', zegt Hans Moolenburgh. ,,Een groot deel van de dealers bestaat uit geronselde jongeren van zeventien tot twintig jaar.'' Onlangs heeft het platform Kocon met diverse dealers gesproken. Moolenburgh: ,,Wij willen natuurlijk dat ze ermee stoppen. Maar het is voor hen nu eenmaal een simpele manier om snel geld te verdienen.''

Volgens de beeldvorming heeft Katwijk een drugsprobleem omdat het een gelovig vissersdorp is. Maar het GGD-onderzoek wijst uit dat gelovigen juist minder drugs gebruiken. Alle platformleden bevestigen dat, al zegt dominee Alblas dat er ,,helaas zelfs kerkelijk betrokkenen die drugs gebruiken'' zijn.

Ook de ,,vissersdorpgeluiden'' zijn niet hard te krijgen, zegt wethouder Wim van Duijn (SGP). Dat is niet iedereen met hem eens. ,,In Katwijk kun je drugs eenvoudig vervoeren, verschepen, verzenden en opslaan in loodsen'', zegt drugsonderzoeker Ton Nabben, verbonden aan criminologisch instituut Bonger van de Universiteit van Amsterdam. ,,Dat geldt voor wel meer vissersdorpen, zoals Volendam en Urk.''

Beleidsadviseur Aafke van Rhijn van de GGD Zuid-Holland Noord, tevens gedetacheerd bij het platform Kocon, wil de mythen uit de wereld helpen. Als je Katwijk vergelijkt met de omliggende gemeenten, aldus Van Rhijn, is het drugsgebruik er niet opvallend. En juist vanwege het ontbreken van verschillen vervalt volgens de GGD-medewerkster de ,,vissersdorpverklaring''.

Als Katwijk niet meer of minder drugsgebruikers telt dan de omliggende gemeenten, is de Katwijkse drugsaanpak dan wel succesvol? ,,Sinds een tijdje meten we onze resultaten intensief'', zegt Moolenburgh. ,,Over twee jaar mag je ons afrekenen.''