Religie telt nog wel degelijk mee

Paul Scheffer benadrukt vooral de noodzakelijke participatie van moslims aan het liberale beginsel van scheiding van kerk en staat. Vrijheden brengen ook verplichtingen met zich mee. Daarnaast stelt hij de vraag of de scheiding van kerk en staat in Nederland is verwezenlijkt. Die vraag is belangrijk en moeten wij als maatschappij steeds stellen – moslims, niet moslims, gelovigen en ongelovigen. Vaak als het beginsel aan de orde komt gaat het alleen over de staatkundige en politieke inhoud. Dit is begrijpelijk omdat het beginsel naar zijn aard een staatkundig begrip is. De maatschappelijke inhoud die het beginsel heeft wordt niet of nauwelijks besproken. Het is een beginsel dat veel vergt van gelovigen. In Nederland is scheiding tussen kerk en staat doorgevoerd in staatkundig verband, maar de maatschappelijke invloed van religie is – de ontzuiling in de jaren zestig ten spijt – nog steeds aanwezig.

De grote groep moslims die in ons land leeft, komt uit landen die islamitische multiculturele samenlevingen zijn. Verschillende bevolkingsgroepen, gelovigen en ongelovigen leven daar samen. Vaak gaat dat samenleven in vrijheid. De islam is tolerant. Het omarmt het christendom en het jodendom. Dit is de reden dat islamitische overheersers vaak handelden volgens het beginsel dat onderworpen volkeren hun godsdienst in vrijheid mochten belijden. De koran was de bron van dit handelen. Wij hoeven moslims niet te leren om tolerant te zijn. We moeten wel blijven praten over rechten en emancipatie van anderen. En daarbij zal steeds de vraag gesteld moeten worden, in hoeverre we de `maatschappelijke scheiding van kerk en staat' hebben doorgevoerd. Dit kan een bindende factor in onze liberale samenleving zijn.