Fiscus ontvangt niet meer alleen, maar betaalt nu ook

De belastingdienst gaat na een huur- en een zorgtoeslag vanaf 2008 ook een kindertoeslag uitkeren. De stille revolutie bij de fiscus is het gevolg van een hevige politieke strijd.

Een wapenstilstand en geen doorbraak. Zo kenschetste Kamerlid Bert Bakker (D66) gisteren het voorstel van staatssecretaris Wijn (Belastingen, CDA) om in 2008 een kindertoeslag in te voeren voor alleenstaande ouders die werken op het wettelijk minimumloon. Dat was een ommezwaai in het kabinetsstandpunt. Want deze working poor, zoals Kamerlid Crone (PvdA) ze noemde, vielen tot nu toe buiten de tegemoetkoming die huishoudens met kinderen volgend jaar gaan ontvangen. Ze betalen namelijk geen belastingen – dus kunnen ze volgens het kabinet ook geen belastingkorting ontvangen.

Wijn zei gisteren in de Tweede Kamer dat er principieel niets verandert, maar feitelijk wel. Want met de introductie van een kindertoeslag in 2008 wordt de volgende stap gezet in de stille revolutie bij de belastingdienst. Wat in 2005 begon met de kinderopvangtoeslag – ter vervanging van de bestaande kinderopvangregeling van Sociale Zaken – wordt volgend jaar uitgebreid met de zorgtoeslag en de huurtoeslag. In plaats van alleen maar inner van belastingen, wordt de fiscus een uitkeringendienst. Achterliggend idee is dat mensen die te weinig of helemaal geen belasting betalen, toch in aanmerking moeten komen voor compensatie als de kosten voor zorg, huren of kinderen boven een bepaald maximum van het besteedbaar inkomen uitstijgen.

De discussie over deze zogenoemde kostenmaximering dateert al van 1997. Toen heropende Kamerlid Gerrit de Jong (CDA) in een opinieartikel in dagblad Trouw de twintig jaar oude discussie over maximering van kosten voor onder meer zorg, wonen en kinderen. Hij borduurde daarmee voort op een idee van zijn partijgenoot en voormalig minister van Sociale Zaken Jaap Boersma uit 1975.

De redenering is simpel. De laagste inkomensgroepen betalen nauwelijks of helemaal geen inkomstenbelasting, want de eerste schijf van de belastingtarieven bestaat vrijwel geheel uit sociale premies. Toch wil het CDA een fiscaal instrument om deze inkomensgroepen te laten profiteren van belastingkortingen. Door de belastingdienst niet alleen geld te laten innen maar in voorkomende gevallen ook uit te laten keren, ontstaat die mogelijkheid. Om te voorkomen dat de discussie direct in de sfeer van de negatieve belastingen en het basisinkomen getrokken zou worden (twee gevoelige onderwerpen in Den Haag) besloot het CDA voorzichtig te opereren. Een maximering van enkele specifieke kostenposten (zoals zorg, huur en kinderen) was de inzet, afgezet tegen het huishoudinkomen, en dus niet meer het individuele inkomen. Dat was voor een gezinspartij als het CDA electoraal interessant.

In de formatiebesprekingen in juni 2002 wilde het CDA toeslaan. De ideeën die de partij in de acht oppositiejaren (1994-2002) had uitgewerkt in rapporten van het Wetenschappelijk Instituut moesten in de praktijk gebracht worden. De kostenmaximering was voor het CDA van eminent belang.

Gerrit Zalm, destijds VVD-onderhandelaar bij de formatie, verzette zich echter hevig tegen de CDA-wens. Hij wilde niet dat de belastingdienst ook een uitkeringsdienst zou worden. Daarvoor had hij praktische en principiële bezwaren. Het zou voor de dienst teveel worden te gaan fungeren als uitkeringsloket – en wie wilde er nou een bureaucratische moloch die int en uitkeert?

,,Dan krijgen we Big Brother is watching you'', zei Zalm in juni 2002. De VVD wilde bovendien geen nieuw instrument introduceren om inkomenspolitiek te bedrijven. Het CDA deed die protesten af als oneigenlijk. De dienst keerde immers al geld uit via bijvoorbeeld de hypotheekrenteaftrek en diverse heffingskortingen, zei onderhandelaar Balkenende destijds.

Het CDA besloot dat de introductie van de zorgtoeslag op dat moment voldoende was om het systeem op de helling te krijgen. De eis om ook op het terrein van huren en kinderen al direct tot toeslagen te komen, lieten de christendemocraten voorlopig varen. Zalm ging akkoord, maar hield voet bij stuk dat hij een aparte toeslagendienst wilde oprichten, zodat de uitkeringen niet onder hetzelfde `loket' als de belastingen zouden komen.

Met de komst van het nieuwe zorgstelsel, volgend jaar, is de lang gekoesterde CDA-wens werkelijkheid geworden: de nieuwe Toeslagendienst (waar zo'n 800 mensen werken) van de belastingdienst gaat uitkeren aan zo'n zes miljoen belastingplichtigen. Die hebben de afgelopen maanden allemaal een rode envelop gekregen van de fiscus (om het onderscheid met de `blauwe' envelop te accentueren) om voor een zorgtoeslag in aanmerking te komen. Daarvoor worden de gegevens van Volksgezondheid (die de zogenoemde rekenpremie vaststelt) gekoppeld aan de gegevens van de inkomstenbelasting die de dienst al heeft. Hetzelfde geldt voor de huurtoeslag, waarbij de fiscus ook gebruik maakt van gegevens van het ministerie van Volkshuisvesting. Waarmee de belastingdienst in een paar jaar tijd van een traditionele inningsdienst is veranderd in een verrekencentrum voor veel meer inkomensafhankelijke regelingen.