Ex-WAO'ers vaker ziek dan gemiddeld

WAO'ers en ex-WAO'ers met een baan zijn vaker en langer ziek dan een gemiddelde werknemer. Dat blijkt uit een onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Het departement liet het ziekteverzuim onder (ex-)arbeidsgehandicapten onderzoeken, omdat momenteel 325.000 WAO'ers worden herkeurd op basis van nieuwe, strengere criteria. Van de mensen die worden goedgekeurd, wordt verwacht dat zij weer gaan werken, of als zij al werk hebben, dat zij meer gaan werken.

Onder mensen die gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn, was het ziekteverzuim in in 2002 8,9 procent, en onder mensen die inmiddels volledig goedgekeurd zijn en dus geen (gedeeltelijke) WAO-uitkering meer ontvangen was het 10,7 procent. Het gemiddelde verzuim voor alle werknemers kwam in dat jaar uit op 5,3 procent.

Volgens het CBS is slechts een kleine groep verantwoordelijk voor het hogere verzuim. Van de (voormalig) arbeidsongeschikten had 70 procent een verzuim dat ónder het landelijk gemiddelde ligt. De 30 procent die meer dan gemiddeld verzuimde, was vooral langer wegens ziekte afwezig. Mensen die in een sociale werkplaats werken verzuimen ruim anderhalf keer zo vaak als andere arbeidsgehandicapten, maar gemiddeld wel vijf dagen per jaar minder.

In 2002 zaten werknemers per ziekmelding gemiddeld achttien dagen ziek thuis. Bij arbeidsongeschikten en ex-arbeidsongeschikten was dit 28 dagen.

De cijfers hebben betrekking op 175.000 mensen die naast hun WAO-uitkering een betaalde baan hadden, eenvijfde van het totale aantal WAO'ers in 2002. Daarnaast waren er 80.000 werkzame personen die in vijf jaar voor 2002 een WAO-uitkering hadden, maar die dat in 2002 niet meer hadden.

Het CBS heeft gekeken of het afwijkende verzuimcijfer veroorzaakt wordt door de andere samenstelling van de groep in vergelijking met het totaal aantal werknemers. In de eerste groep zitten meer ouderen. Wanneer hiervoor gecorrigeerd wordt, daalt het ziekteverzuim maar een halve procentpunt. Het hogere ziekteverzuim is dus nauwelijks te verklaren door de hogere leeftijd van de groep.