't Krijk der Frannen

Ik blijf niet dooremmeren over het nieuwe Groene Boekje, maar er moet nog één onderwerp worden besproken, namelijk: de woordafbrekingen. Lezers die vinden dat er in de wereld belangrijker dingen zijn dan woordafbrekingen hebben volkomen gelijk, maar dat wil niet zeggen dat ze volstrekt onbelangrijk zijn. Een verkeerd afgebroken woord – je vindt ze dagelijks in de krant – kan heel storend zijn. Storend omdat het de vaart uit het lezen haalt. Wat betekent bijvoorbeeld douch/egel en wat valt er te zien op een groepsex/positie? Én storend omdat lezen ook een esthetisch genoegen kan zijn: een foute woordafbreking bezorgt sommigen ru/grillingen.

Laten we niet de krant – per definitie een haastproduct – maar een boek als uitgangspunt nemen. Bij uitgeverijen doen redacteuren en correctoren hun uiterste best om te voorkomen dat er afbreekfouten in hun boeken staan. Veel zetters maken gebruik van elektronische afbreekprogramma's, maar dan nog kan er het nodige misgaan. De meeste fouten zijn makkelijk en op basis van intuïtie op te lossen: auto/psie, ges/lachtsdelen, vide/omarkt – je hebt geen naslagwerken nodig om dit te corrigeren. Maar er zijn veel twijfelgevallen en dan komt al snel het Groene Boekje in beeld, de officiële spellinggids van het Nederlands.

Er is op gewezen dat het nieuwe Groene Boekje `pas' op 1 augustus volgend jaar van kracht wordt. Dat is juist, maar natuurlijk zijn uitgevers het nu al, meteen na het verschijnen, gaan gebruiken, want je wilt dat je boeken wat de spelling betreft zo actueel mogelijk zijn.

Vorige week had ik hierover mailcontact met de productieafdeling van een van de grootste Amsterdamse uitgevers. Dat begon met een vraag: ,,Is er ergens een overzicht van alle woordafbrekingen die zijn veranderd in het Groene Boekje? Wij worden er hier erg onzeker van, nu blijkt dat we alles ineens moeten opzoeken: Fran/krijk! Catas/trofe! Diag/nose! Illus/tratie! Mijn collega heeft het Groene Boekje zowat het raam uitgegooid, in een vlaag van woede, vanwege dat Fran/krijk.''

Het antwoord luidde: nee, zo'n overzicht ontbreekt, en ja, er zijn inderdaad veel afbrekingen gewijzigd, want het was, volgens het Groene Boekje van 1995, cata/strofe, dia/gnose, illu/stratie. Dat het nieuwe Groene Boekje nu aanbeveelt om Frankrijk (het Rijk der Franken) af te breken als Fran/krijk (het Krijk der Frannen), is een vergissing, maar het is interessant om te zien waar die vergissing vandaan komt.

De regels voor woordafbrekingen worden uitgelegd in de Leidraad bij het Groene Boekje. Wat daar staat is overzichtelijk en helder geformuleerd. Een hoofdregel is bijvoorbeeld dat we afbreken tussen de delen van een samenstelling: hoofd/regel. Maar wat er niet bij staat is wat de samenstellers van woordenboeken te horen hebben gekregen: dat woorden die uit een andere taal zijn geleend, niet als een samenstelling moeten worden beschouwd, maar als een ongeleed (een niet-samengesteld) woord.

De achterliggende gedachte is dat niet iedereen weet of een woord wel of niet uit een andere taal komt. Catastrofe wordt dus niet langer gezien als een van oorsprong Grieks woord dat uiteenvalt in cata en strofe, maar als een ongeleed woord, en bij die woorden komt de afbreking doorgaans tussen de s en de t (vandaar nu catas/trofe). Fran/krijk is dus per ongeluk, maar volgens een bepaalde logica, aangezien voor een ongeleed leenwoord.

Erger vind ik die achterliggende gedachte: doordat de regels voor afbrekingen zijn veranderd, heb je niet veel meer aan je talenkennis, en bovendien wordt nergens in het Groene Boekje uitgelegd tussen welke lettercombinaties afbrekingen gebruikelijk zijn. Voor die paar mensen die zich wél druk maken over woordafbrekingen, heeft dit tot gevolg dat ze minder dan voorheen kunnen terugvallen op hun intu/itie.