Veertien jaar illegaal en nu verbrand in cel

Mehmet Avar zou op 27 oktober naar Turkije worden uitgezet. De nacht daarvoor kwam hij om bij de brand op Schiphol-Oost. Het verhaal van een man die veertien jaar illegaal in Noord-Europa rondzwierf.

Trouw, sticht een gezin, ga eventueel terug naar Turkije. Zijn schoonzus en broer, Nevim en Ahmet Avar, hebben hem de afgelopen veertien jaar tientallen keren gesmeekt om het illegale bestaan in Noord-Europa op te geven. Maar Mehmet Avar (41) kón het niet. ,,Wat kan ik een vrouw bieden?'', antwoordde hij steevast. ,,En ik kan toch geen kinderen op de wereld zetten als ik niet eens een verblijfsvergunning heb?'' Ook was het voor hem geen optie om terug te keren naar Turkije, zegt Ahmet Avar. ,,Hij was daar niet veilig, meende hij.''

Mehmet Avar is een van de elf slachtoffers van de brand vorige week in het justitieel cellencomplex op Schiphol-Oost. Hij is gestikt als gevolg van rookontwikkeling in zijn cel in blok K, weet zijn familie inmiddels uit informatie van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). Drie weken daarvoor was hij bij een verkeerscontrole door de politie in Deventer opgepakt. Hij had geen identiteitspapieren. Twee weken zat hij in Zwolle in bewaring. Maandag was hij naar het cellencomplex op Schiphol-Oost gebracht. Het was de bedoeling dat hij donderdag 27 oktober, de dag na de brand, vandaaruit op het vliegtuig zou worden gezet naar Turkije. ,,Hij heeft ons vanuit zijn cel op Schiphol niet meer gebeld'', zegt zijn broer.

Mehmet Avar komt uit Hani, een provinciestadje op zo'n negentig kilometer afstand van Diyarbakir, het centrum van het overwegend door Koerden bewoonde zuidoosten van Turkije. Lange tijd was daar de staat van beleg van kracht als gevolg van de oorlog tussen de Koerdische PKK en het Turkse leger. Mehmet was politiek actief, zegt zijn broer Ahmet, die met zijn gezin in Utrecht woont. ,,Hij was socialist en hij wilde dat de Koerden politieke en culturele rechten kregen. Dat de Koerden in Turkije er voor uit konden komen dat ze Koerd waren.''

Uit angst dat hij als gevolg van zijn politieke opstelling zou worden opgepakt en gemarteld, vluchtte Mehmet Avar in 1991 naar Europa – net als tienduizenden andere Turkse Koerden. Hij vroeg politiek asiel aan in België, Frankrijk en twee keer in Nederland. Overal werd hij afgewezen, zegt zijn schoonzuster Nevim Avar. Frankrijk zette hem op het vliegtuig terug naar Turkije, waar hij in Istanbul werd gearresteerd. Een advocaat in Turkije wist hem na vijf dagen vrij te krijgen, waarna Mehmet Avar opnieuw naar Europa uitweek.

Zijn broer, die eerst in Duitsland woonde en daarna met een Turkse vrouw in Nederland trouwde, snapt niet waarom Mehmet geen asiel kreeg. ,,Het ministerie van Justitie in Den Haag weet dat ons huis in Hani in 1993 is opgeblazen. Daarbij kwamen mijn moeder en grootmoeder om het leven, mijn vader en een van mijn zusters raakten gewond.'' Ahmet Avar zegt dat nooit is opgehelderd wie er verantwoordelijk was voor de aanslag. Maar het moet volgens hem te maken hebben met de politieke activiteiten van zijn jongere broer. ,,Mehmet was er na die aanslag nog vaster van overtuigd dat het voor hem echt onmogelijk was om terug te keren naar Turkije.''

Nevim Avar: ,,In het begin had hij een tijdelijke verblijfsvergunning. Hij mocht zijn aanvraag voor asiel in Nederland afwachten. Wij woonden toen in Heino en we hadden shoarma-zaken in Raalte en Meppel. We hebben de zaak in Meppel aan Mehmet gegeven zodat hij eigen inkomsten had.''

Maar Mehmet kreeg uiteindelijk geen verblijfsvergunning, hij werd niet erkend als politiek vluchteling. Toen hij ook in Frankrijk en België werd afgewezen en een tweede verzoek in Nederland opnieuw niets opleverde, besloot hij voor de illegaliteit te kiezen, zegt ze. Mehmet Avar woonde bij kennissen en vrienden in Deventer, Zwolle en ik weet niet waar nog meer, zegt zijn broer Ahmet. Ook had hij enkele jaren een Nederlandse vriendin die hem onderdak bood. Hoe hij aan geld kwam om te leven, weten ze niet. ,,Als hij langs kwam, stopten we hem geld toe'', vertelt Nevim. Soms nam ze hem mee naar de tandarts. ,,Ik vertelde dan dat hij een familielid uit Turkije was.'' Maar uit angst om te worden opgepakt en uitgezet, ging hij meestal niet naar de dokter, zegt ze. Hij kreeg steeds meer last van zijn maag en hij was steeds vaker depressief, weet ze. Ook keek hij voortdurend uit het raam als hij hier was, zegt ze. ,,Hij was bang dat hij zou worden opgepakt.'' Ahmet Avar: ,,Hij was al enkele keren eerder door de politie aangehouden. Maar hij had een kaart van de NS, van een vriend. Tot de invoering van de identiticatieplicht op 1 januari wist hij zo uit handen van de politie te blijven.''

Nevim en Ahmet Avar zijn verdrietig, maar ook boos. ,,De dood van Mehmet staat niet op zichzelf'', zegt Nevim. ,,Het is een uitvloeisel van het strengere vreemdelingenbeleid.'' Ze woont inmiddels 35 jaar in Nederland, maar de laatste jaren voelt ze dat de ,,spanning toeneemt''. ,,Het is net of ik er niet meer bij hoor.'' Volgens Ahmet Avar worden buitenlanders meer en meer als tweederangsburgers weggezet. ,,Wij hebben vooral plichten, nauwelijks rechten.''