Nederlandse samenleving moet op de schop 1

In Opinie & Debat van 29 oktober verschenen twee artikelen over wat genoemd mag worden `De toestand van Nederland'. Ik refereer aan de bijdragen van Sjoerd de Jong en H.D. Tjeenk Willink. Eerstgenoemde concludeert dat een nieuwe Verlichting zijn intrede moet doen, terwijl Tjeenk Willink vindt dat we een nieuwe Van Oldenbarnevelt nodig hebben, zowel in Nederland als in Europa.

Het betoog van De Jong komt uit het heden en spreekt over de mogelijkheid van een revolutie in Nederland. Echter, daar waar hij radicale conclusies zou moeten trekken, valt hij terug in oude schema's, zoals de versterking van het aloude maatschappelijk middenveld.

Tjeenk Willink heeft geen analyse van de huidige politieke crisis. Hij plaatst Nederland in historisch perspectief en pleit vooral voor continuering van het polderen: schikken, wikken en `persuasie' met uiteraard een vleug goed koopmanschap. Gezien zijn positie in ons bestel een teleurstellende bijdrage, die mijns inziens juist de afstand tussen Den Haag en het land illustreert.

Er lijkt kennelijk veel moed voor nodig te zijn om openlijk voor de revolutionaire aanpak te pleiten. Waarom? We zijn toch altijd gidsland geweest? Burgemeester Leers van Maastricht heeft volkomen gelijk door te stellen dat er geen leiderschap is, maar nieuwe leiders willen niet naar `Den Haag' om omgebouwd te worden tot oude leiders.

Er rest niets anders dan de politieke elite af te zetten en te vervangen door een interim-leiderschap dat maar één missie mag hebben: invoering van een stelsel dat luistert naar de stem van het volk. Nederland moet op de schop en als daar een revolutionaire aanpak voor nodig is, omdat `den Haag' uit zichzelf niet verandert, so be it.