Guus H.

Vorig jaar, na een wedstrijd van PSV in de Champions League, kreeg Guus Hiddink een sms-je met felicitaties van Willem van Hanegem. En met een sneer: ,,Word je niet te dik, Guus?''

Die nacht was Hiddink niet meer voor de spiegel weg te slaan. Vanuit alle hoeken en standen keek hij naar zichzelf. Hij monsterde de rimpels, kneep wel honderd keer in de onderkin en de vetrolletjes op het middenrif, haalde oude broeken uit de garderobe om te zien of hij er nog in kon. Hij telde zelfs de verweerde gaatjes in de broekriemen van de laatste jaren.

Guus was beledigd.

Ook een Achterhoeker heeft zijn trots en Hiddink is lijflustiger dan ooit. Hij wil nog dansen met zijn jonge geliefde. Bretels die het embonpoint moeten behoeden voor de zwaartekracht zijn: de anderen. De chachacha vraagt om een strak lijf. Wie gaat er nou met zwarte lakschoenen onder een autoband de dansvloer op? Guus niet.

Hiddink staat in het leven als een `valse trage'. Hij kijkt graag om zich heen met de blik van het déjà vu, doet alsof hij alleen nog slaapwandelt in de rondte, spreekt met een notaristoontje. Onthecht, verdiept, alreeds tot perkament verheven. Hooguit, bij uitzonderlijk mooi weer, kan er nog iets ontstaan van kietelkunst. Minister van Staat Hiddink.

Allemaal schijn.

Deze coach is heftig van gemoed, kent het gif van het killersinstinct, is eerzuchtiger dan het Vaticaan, kan ontploffen bij een biertje of na een schijnbeweging in gemoedelijkheid. De volbloed Hiddink. Trap hem niet op de ziel, want alles wat binnen handbereik is, wordt ontworteld.

Woensdagavond, na de magistrale zege van PSV op AC Milan, was Guus ontzettend boos. Te woedend zelfs voor een karatetrap. Hij stormde de spelerstunnel in, maaide alles wat op zijn weg kwam neer, vrouwen incluis, en ontlaadde zich in de kleedkamer met een kakofonie van oerwoudgeluiden. Guus was klaar voor Irak. De shovel Hiddink. Winnen en toch de boel kort en klein willen slaan, het leek of Eindhoven er die avond een gesticht bij had.

Het sms-je van Van Hanegem bracht alleen gekwetste ijdelheid teweeg. De suggestie van de FIOD dat Hiddink tijdelijk gerommeld zou hebben met belastinggeld gaat een paar slagen dieper: een gekwetst geweten. Guus is een linkse miljonair met antennes voor fatsoen, recht en onrecht. Hij weet allang niet meer wat een brood kost, maar hij is niet losgezogen van de samenleving. Je kan met Hiddink diepzinnig praten over het maatschappelijke failliet van de individualisering en over de treurigheid in de zorg. Het is niet alleen maar bal en man, niet alleen aanname en knijpen.

De fiscale politie zou de coach urenlang ondervraagd hebben met een furie in de categorie John Mieremet. Het was bij voorbaat al Guus H. Dan gaat er iets stuk in een man van eer en geweten. En zeker in een man als Hiddink die alom bejubeld wordt als wereldburger, maar die toch een ex-dorpeling blijft. En dus gewapend is met een gekarteld gevoel voor de onherstelbaarheid van de insinuatie. Zijn jeugdtrauma. Ten diepste gekrenkt begon de coach aan de wedstrijd tegen AC Milan. Ten diepste gekrenkt bleef hij in de euforie achteraf.

Guus Hiddink is stadion geworden in Seoel. Zo ver heeft Johan Cruijff het niet geschopt. Guus heeft het respect van de grootste voetbalnaties ter wereld en wordt door vriend en vijand een `magiër' genoemd. Het scheelde niet veel of hij was door de Nederlandse regering benoemd tot reizend ambassadeur in Azië. Enfin, een leven in de zuiverste Hollandse traditie van overzeese pretenties. En dat zou nu dan eindigen in het stigma: Guus H?

Een nachtmerrie.

Tussen Hiddink en Nederland komt het niet meer goed. Met de eerste noorderzon is hij verdwenen. Hij heeft de schuilkerken voor het uitkiezen. Real Madrid is dringend aan een magiër toe. Berlusconi zwaait wel vaker met een enveloppe. Mij zou het niet verbazen als Franz Beckenbauer ijlings op Guus komt inpraten om alsnog bondscoach van de Mannshaft te worden.

Voor PSV moet hij het niet laten. Het warme nest dat hem in Eindhoven voor ogen stond, is meer steppe dan nest geworden. Te kil dus. Hiddink kan veel hebben, maar hij laat zich niet ophokken door een Philipsboy die denkt dat cornervlaggen er staan om hem en zijn geparfumeerde aanhang toe te wapperen. Guus zal altijd een nobele dissident zijn.